Onno van Ewsum (? - 1489) was een hoofdeling in Groningen en borgheer van de borg Ewsum nabij Middelstum. Leven en werk thumb|260px|Op dit epitaaf voor de priester Egbert Onsta zou Onno van Ewsum wellicht achter de geknielde priester staan.Niet duidelijk is wie de twee figuren achter de knielende Egbert van Onsta werkelijk zijn. Genoemd worden Onno van Ewsum en Hippolytus (Plas 2008:197 en Karstkarel 2008:448) of Sint-Egbertus en Hippolytus, de laatste zou dan de figuur met het wapenschild zijn (Kroesen/Steensma 2008:66 en Duijvendak 2008: 324). De afgebeelde hoofden zijn niet origineel, bij de beeldenstorm werden ze vernield. In 1876 werden er nieuwe hoofden geplaatst en in 1987 werden de kleuren aangebracht (bron Onderzoekinstituut voor Geschiedenis en Cultuur, Universiteit Utrecht - Memoria in beeld Maria met Kind met het gebedsportret van Egbert Onsta). De figuur links draagt het wapen van de familie Ewsum. Van Ewsum was een zoon van Hidde Tamminga en van Menneke van Ewsum (ook Ewsema). Hij was een invloedrijke jonker en borgheer uit de Groninger Ommelanden. Hij had een groot aantal bezittingen en rechten in en buiten Groningen. In Drenthe bezat hij onder meer het huis Mensinge te Roden.

Na studies in Parijs en Keulen maakte hij in 1450 in gezelschap van de oud-burgemeester van Groningen Albert Jarges een bedevaartsreis naar het Heilige Land. Beiden werden tot ridder geslagen. Als dank zou hij opdracht hebben gegeven om de Sint-Hippolytuskerk in Middelstum te verbouwen, waardoor deze kerk zijn gotische vorm kreeg.Bronnen zijn niet geheel zeker of Van Ewsum werkelijk als dank voor zijn behouden terugkomst van deze reis de kerk heeft laten vergroten. Immers zijn reis naar Palestina vond plaats in 1450, de bouw van de kerk vond al in de jaren hiervoor plaats. Van Ewsum stelde als collator van deze kerk de pastoor aan. Als tweede pastoor benoemde hij Egbert Onsta. Op een epitaaf voor Onsta zou wellicht Van Ewsum als stichter van de kerk staan afgebeeld. Van Ewsum stichtte ook een of meer gasthuizen, waaronder een gasthuis in Middelstum. thumb|left|Gevelsteen in de torenmuur In 1472 versterkte Van Ewsum zijn borg bij Middelstum met een gevechtstoren, tegen de zin van de stad Groningen, die zich bedreigd voelde door Van Ewsum, die bondgenoot was van de Bourgondiërs. Een gevelsteen in de toren vermeldt "An 1472 Heeft Jr. Onno van Ewsum dit gebout tegens de wille van Groningen vid. Schotanim".Groninger Archieven: Gevelsteen in de muur van de schiettoren van borg Ewsum Na zijn dood zou de stad in 1499 Middelstum plunderen, waarbij ook de borg zwaar werd beschadigd. Na 1506 werd de borg weer hersteld.Formsma, W.J., 'Ewsum' in De Ommelander borgen en steenhuizen, p.263/264Pegtel, Alies 'Beetke van Rasquert - Zakenvrouw zonder scrupules' in Historisch Nieuwsblad 3/2019

Van Ewsum was een geletterd man. Hij had onder meer kennis opgedaan aan het hof van de Franse koning Karel VII en aan de universiteit van Keulen. Hij behoorde tot de humanistische kring van de Abdij van Aduard. In 1479 zou hij een verzameling rechtsteksten, de Codex Hummercensis, hebben laten aanleggen.Duijvendak 2008:243 en 336

Onno gold als leider van de hoofdelingen in de Ommelanden. Vanaf zijn familiegoed in Middelstum bestierde hij zijn landerijen, die bij zijn overlijden 1899 hectare telden, en nog eens 647,5 hectare grond in gemeenschappelijk bezit met de familie Tamminga. Ook was hij eigenaar van huizen in de stad Groningen en beschikte hij over redger-, zijl- en collatierechten in de Ommelanden.Duijvendak 2008:275

Van Ewsum was getrouwd met Gela Manninga. Hij overleed in 1489.Duijvendak 2008:349 Uit hun huwelijk werden acht of negen kinderen, drie of vier zonen en vijf dochters, geboren.

Categorie:Voorman in het gewest Stad en Lande Categorie:Persoon in de Nederlanden in de 15e eeuw