Fredericus Abbema (? – Ternate, juli 1659) was een Nederlandse predikant.
Leven en werk Abbema was een zoon van de gereformeerde predikant Frederik Abbema. Ook zijn broer Isaac was predikant van Berkenwoude en in 1635 van Gouda. Daar koos hij de zijde van de kerkenraad in een conflict met het stadsbestuur en werd door het stadsbestuur in 1637 uit zijn ambt gezet.Zijn tegenstanders waren niet mals in hun kritiek, hun woorden waar dermate grof, "dat alle eerlijcke ooren daer aff zouden vallen" (Abels 2002:439). Volgens Abels was zijn vader deze predikant, maar dat is een misverstand. Zijn vader was van 10 juni 1618 t/m 5 augustus 1636 predikant van Oudewater. Fredericus Abbema was inmiddels in de voetsporen van zijn vader getreden en werd in 1636 aangesteld tot predikant van Polsbroek en in 1640 van Moordrecht en Gouderak.Hij aanvaardde het beroep naar Moordrecht en Gouderak op voorwaarde dat er voor een goede huisvesting zou worden gezorgd: "welverstaende soe hij met een goet huys wert versorcht." (bron Archief van de Hervormde gemeente te Moordrecht, 1610-1963) In 1646 kwam ook hij in Gouda in de problemen. Toen de classis hem in Gouda wilde laten preken – er waren daar twee predikantsplaatsen vacant – was dat tegen het zere been van het stadsbestuur. Toen hij zich ter kerke begaf werd hem de weg versperd door een aantal vrouwen, die hem beletten om te spreken. Dit leidde tot een gevecht, waaraan ook de predikant deelnam.Een van de betrokken dames verklaarde later dat de dominee haar geschopt had tussen haar borsten en buik, zodat ze wel twee treden omhoog vloog en duizelig op de grond bleef liggen (Abels 2002:441) Dit weinig verheffende voorval leidde tot de schorsing door de classis van een andere Goudse predikant, Jacobus Sceperus, die de protesterende vrouwen, waaronder zijn dienstmaagd, in bescherming had genomen.Groene Hart Archieven: Analyses acta classis Gouda Midden-Holland 1642-1646 Abbema werd niet in Gouda benoemd tot predikant, maar kreeg in datzelfde jaar 1646 Vianen als nieuwe standplaats.
Abbema was gehuwd met Cecilia du Vayer (de Waeyer). In 1655 verliet hij met zijn gezin Nederland en voer met de "Arnhem" via Batavia en Ambon naar Ternate, waar hij predikant werd. Hij overleed in juli 1659 op Ternate. Zijn dochter Elisabeth Abbema trouwde in 1656 met de landvoogd van Ambon, Simon Jacobszn Cos. Na zijn overlijden trouwde zij in 1664 met de gouverneur-generaal van de Verenigde Oostindische Compagnie Johan Maetsuycker.
Categorie:Nederlands predikant Categorie:Geschiedenis van Gouda Categorie:Persoon in de Nederlanden in de 17e eeuw