Harm Tuin jr. (Finsterwolde, 29 november 1896 - Heerenveen, 9 juni 1972), ook wel Harm Tuin Hzn., was een Nederlands bestuurder. Hij was onder meer gemeentesecretaris, burgemeester en Statenlid. Tuin was lid van de Partij van de Arbeid. Hij werd in 1961 benoemd tot ridder in de Orde van Oranje-Nassau.
Leven en werk Tuin werd in 1896 in Finsterwolde geboren als zoon van de landarbeider Harm Harms Tuin (1866-1950 ) en Maria Mulder (1873-1928); het gezin telde acht kinderen. Harm sr. (de olle Tuun) was een vooraanstaand anarchist en rechterhand van hotelhouder Jan Poppes Hommes, wiens opruiende brochures hij als colporteur uitventte; sinds 1900 bedreef hij tevens een boekhandeltje, waaraan hij de bijnaam Harm Boukje te danken had. Domela Nieuwenhuis was geregeld bij hem te gast; boven de schoorsteenmantel hing het portret van de socialistenleider. Na de Russische Revulutie was hij enige tijd aanhanger van de communistische partij. Het gezin had het niet ruim. Harm jr. herinnerde zich later dat hij soms van honger niet in slaap kon komen.
Harms oudere broer was de landarbeider, later metselaar Beeno Tuin (1895-1964), aanvankelijk raadslid voor de CPN, vakbondsman en sinds 1939 SDAP-wethouder te Finsterwolde. Jongere broers waren de onderwijzer Jan Tuin (1900-1972), vooraanstaand SDAP-er, later burgemeester van Hoogezand en Groningen en lid van de Tweede Kamer, de metselaar Jurjen Tuin (1902-1989) – vader van de onderwijzer en programmamaker Harm Jan Tuin, en de straatmaker Berend Tuin (1905-1978).
Harm Tuin jr. werkte aanvankelijk als landarbeider en bewoog zich in anarchistische kringen, waar antimilitarisme en geheelonthouding hand in hand gingen. Hij was van 1915 tot 1923 secretaris van de afdeling Finsterwolde van de Algemene Nederlandse Geheel-Onthouders Bond (onder de naam THOS), waarvan zijn vader voorzitter was. Hij speelde in de voetbalclub Progres.
Tuin doorliep daarna een ambtelijke loopbaan in zijn geboorteplaats Finsterwolde. Hij werd in 1917 aangesteld bij de gemeentelijke distributiedienst. Ook werd hij actief in de neutrale Nederlandsche Bond van Gemeente-Ambtenaren.
In 1924 werd Tuin benoemd tot gemeentesecretaris van Finsterwolde. Finsterwolde was sinds 1920 een bolwerk van de CPN. De gemeentesecretaris gold als de rechterhand van burgemeester Jurjen Roelofs Ezn., waardoor hij in communistische kringen als handlanger van de herenboeren en vijand van de arbeidersklasse werd afgeschilderd. In 1928 werd hij administrateur van de Vereeniging volgens de Landarbeiderswet, die tuingrond en bouwkredieten aan landarbeiders beschikbaar stelde. Verder was hij lid van het burgelijk armbestuur. De communistische partijkrant De Tribune noemde hem ooit een 'beestmens', omdat hij een weduwe steun had geweigerd. De CPN-fractie stelde maart 1932 voor hem te ontslaan "wegens zijn vijandelijke houding tegenover de arbeiders". Communistenleider Harm Siemons, die later in Neuengamme werd vermoord, verweet hem dat hij als voorzitter van het burgelijk armbestuur gezegd zou hebben: "Wij zullen u en uw gezin laten doodhongeren!". Tuin ontkende ten enen male, maar het verwijt zou hem blijven achtervolgen.De discussie werd persoonlijk toen CPN-wethouder Jan Haken in 1950 de burgemeester beschuldigde de weduwe van Harm Siemons geen steun te willen geven. Tuin bevestigde overigens dat hij "scherp stond tegenover de heer Siemons". Hij noemde Haken "op het stuk van intimidatie en agressiviteit … bij wijlen Siemons vergeleken maar een klein broekje" en daagde hem uit zijn beschuldigingen buiten de raadszaal te herhalen. Marianne Braun, De regeringskommissaris in Finsterwolde, Amsterdam 1975, p. 41. Tuin drukte zijn stempel op het gemeentebeleid. Hij ondersteunde de burgemeester toen die in 1937 tegenover de Nieuwe Rotterdamsche Courant zijn beklag deed over de veronderstelde misstanden zijn gemeente. Het artikel geeft de tekst weer van een interview met burgemeester Roelofs en gemeentesecretaris Harm Tuin in de Nieuwe Rotterdamsche Courant, juli 1937. Dit onder de titel 'Eigenaardige gemeenterechtelijke toestanden'. Begin 1940 schreef hij een invloedrijk rapport over de communistische invloed in Finsterwolde.Brief van de burgemeester van Finsterwolde aan de Minister van Binnenlandsche Zaken over de communistische invloed in de gemeente, 7 februari 1940. Gemeente Finsterwolde, uitgaande stukken, 1940, nr. 334. Volgens een aantekening van streekhistoricus Remmo R. Georgius is dit stuk "geschreven door secr. Tuin van Finsterwolde".
In februari 1943 werd Tuin op aanwijzing van NSB-burgemeester Jacob Oterdoom gearresteerd door de SIcherheitsdienst, omdat hij weigerde namen te noemen van dorpsgenoten die in Duitsland tewerk gesteld dienden te worden. Hij belandde in Kamp Vught, werd maart 1944 vrijgelaten en dook daarna onder.
Na de Tweede Wereldoorlog was Tuin enkele maanden waarnemend burgemeester van Nieuweschans. In augustus 1945 werd hij benoemd tot burgemeester van Finsterwolde. Als zodanig kwam hij in conflict met de communistische meerderheid van de gemeenteraad onder leiding van wethouder Harm Haken. De gemeente zou ten onrechte uitkeringen hebben toegekend aan arbeiders in de werkschaffing, die in mei 1949 staakten voor een vrije zaterdagmiddag. De gemeenteraad had vervolgens een hele serie onwettige besluiten genomen, die telkens op voordracht van de burgemeester werden vernietigd. Tuin stuurde hierover in augustus 1949 een uitvoerige klachtenbrief aan Gedeputeerde Staten, met als conclusie "dat de Raad de belangen van de gemeente grovelijk verwaarloost". De provincie vroeg de minister vervolgens in te grijpen. Toen de regering aarzelde, benaderde zijn broer Jan Tuin premier Drees,. Ook commissaris van de Koningin Edzo Ebels en de politieke partijen in de Tweede Kamer voerden de druk verder op. In november 1950 besloot de regering de gemeenteraad en de wethouders van Finsterwolde wegens wanbestuur buitenspel te zetten. De gemeente werd via een speciale wet in juni 1951 onder curatele gesteld., 'Klein Moskou: Harm Tuin, regeringscommissaris van Finsterwolde', in: Besturen als Kunst, Amsterdam 2002, p. 156-183, onder gebruikmaking van dossiers van de BVD en het Ministerie van Binnenlandse Zaken. Over deze dossiers, die nog in 2001 niet volledig werden verstrekt: en , '"Het spook van Truman en Marshall boven de raadszaal". Koude Oorlog in de gemeenteraad in Oost-Groningen, 1954-1953', in: , en (red.), Tussen Moskou en Finsterwolde. Over de geschiedenis van het communisme in Oost-Groningen, Scheemda 1993, p. 61-77, aldaar p. 71-73. Sterk gedateerd is: , De regeringskommissaris in Finsterwolde, Amsterdam 1975. (ook hier). , 'The Communist Menace in Finsterwolde: Conspiring against Local Authorities? A Case Study on the Dutch Battle against Communism, 1945-1951', in: Historical Social Research / Historische Sozialforschung 38 (2013), nr. 1, p. 211-231. Tuin juichte de maatregelen toe en stelde dat hij daarmee de gemeente en de arbeidersbevolking van Finsterwolde voor ernstige rampen had behoed.
Hij werd benoemd tot regeringscommissaris en bestuurde de gemeente in nauw overleg met commissaris Ebels. De uitzonderingspositie duurde tot september 1953, drie maanden na de volgende raadsverkiezingen, toen een nieuwe gemeenteraad werd geïnstaleerd en de CPN-wethouders het bestuur weer in handen namen. Tuin had genoeg van het geruzie en probeerde elders te solliciteren, maar pas in 1956 werd hij benoemd tot burgemeester van Slochteren. Hij bekleedde deze post vijf jaar. Zijn vroegere tegenstanders in Finsterwolde onder leiding van zijn kwelgeest Harm Haken namen nu vriendelijk afscheid.
Per 1 december 1961 ging Tuin met pensioen en verhuisdein 1966 naar de verzorgingsflat "Oranjewoud" te Heerenveen.Nieuwsblad van het Noorden d.d. 18 november 1961: Nu met pensioen na vijf rustige jaren Slochteren - Burgemeester H. Tuin gaf communisten jaren partij Naast zijn burgemeestersfunctie was hij ook lid van Provinciale Staten van Groningen (1954 tot 1962). Hij had zitting in de Provinciale Groninger Welvaartscommissie en was verder commissaris bij het provinciale waterleidingbedrijf en bij de maatschappij tot aanleg en exploiatie van laagspanningsnetten. Na zijn pensionering zette hij zich in voor de Raad voor de Kinderbescherming. Ook bleef hij actief in de vrijmetselarij, die altijd zijn grote interesse heeft gehad.
Tuin trouwde op 4 februari 1921 te Finsterwolde met Hindrikje van Delden (1899-1971). Hij overleed onverwacht op 9 juni 1972 op 75-jarige leeftijd tijdens een vergadering van de bewonerscommissie, negen maanden na de dood van zijn vrouw.
Externe links
Categorie:Burgemeester van Finsterwolde Categorie:Burgemeester van Slochteren Categorie:Burgemeester van Nieuweschans Categorie:Politicus voor de Partij van de Arbeid (Nederland) Categorie:Nederlands regeringscommissaris