De Hervormde kerk van Lutjegast, lokaal ook wel bekend als de Torenkerk, is een negentiende-eeuws kerkgebouw in het Groningse dorp Lutjegast. De zaalkerk met aangebouwd dwarspand en toren werd in 1877 gebouwd naar ontwerp van architect A. Schotanus ter vervanging van een middeleeuwse voorganger. Bij de bouw werd op grote schaal gebruikgemaakt van sloopmateriaal van de oude kerk. De kerk en het omliggende kerkhof herbergen historisch meubilair en een zeventiende-eeuwse grafkelder.

Geschiedenis

De huidige kerk verving een middeleeuws kerkgebouw. Hoewel er in het dorp hardnekkige geruchten gingen dat de oude kerk door een brand was verwoest, is dit historisch onwaarschijnlijk. De achttiende-eeuwse preekstoel en het herengestoelte bleven namelijk ongeschonden en kregen een plek in het nieuwe gebouw, en in de contemporaine kranten werd nergens melding gemaakt van een brand.

De werkelijke reden voor de nieuwbouw lag in de slechte onderhoudsstaat van het gebouw. Vanaf 1842 rapporteerden de kerkvoogden jaarlijks aan het College van Toezicht in Groningen dat de zolder van de kerk in zeer slechte staat verkeerde. Wegens geldgebrek en uitblijvende actie vanuit de provincie werd er echter geen onderhoud gepleegd.

Op 2 mei 1872 vond er een dodelijk ongeval plaats toen de dertienjarige Jan Hazenberg via een raam de kerk binnenklom om spreeuweneieren te zoeken. Hij zakte door de rotte zolder en was op slag dood. Dit incident zorgde voor een ommekeer in de publieke opinie, die de oude, donkere kerk vanaf dat moment definitief verloor. Na de komst van predikant P. Zuidema in 1875 werden de financiën voor een nieuw gebouw rondgemaakt. Op 29 december 1876 vond de aanbesteding plaats.

Bouw en architectuur

De kerk werd ontworpen door architect A. Schotanus uit Zuidhorn en gebouwd door aannemer Joh. Pijnakker uit Kollum. De feestelijke inwijding vond plaats op 18 november 1877.

Het nieuwe gebouw werd kleiner van opzet dan de middeleeuwse voorganger. Om kosten te besparen werd er veel bouwmateriaal hergebruikt. De oude stenen werden afgebikt en opnieuw opgemetseld in de toren, waarna het geheel met stucwerk werd afgewerkt. In het portaal van de kerk werden versneden oude grafzerken en een smalle rode altaarsteen met kruisjes in de vloer gelegd om te besparen op plavuizen.

De kerktoren is voorzien van een achtzijdige spits. De oorspronkelijke luidklok uit 1640 werd tijdens de Tweede Wereldoorlog door de Duitse bezetter geroofd. In 1948 werd de huidige klok geplaatst.

Interieur

Het interieur herbergt verschillende elementen die afkomstig zijn uit de eerdere kerk, waaronder de preekstoel en het herengestoelte uit het begin van de achttiende eeuw. Onder de preekstoel bevindt zich een grote vloersteen. Deze lag oorspronkelijk op een andere positie in de lengterichting en functioneerde waarschijnlijk als de toegang tot de grafkelder. Kerkhof en grafkelder

Omdat de nieuwe kerk kleiner werd dan de oude, kwam de grafkelder van Prott buiten de kerkmuren te liggen. Deze kelder, waarin de verdediger van Bourtange (1672) en zijn echtgenote liggen, bevindt zich aan de oostzijde van het kerkhof en is herkenbaar aan een verhoging in het terrein. Ook in de oude kerk stak deze kelder al gedeeltelijk boven de vloer uit om de ruimte droog te houden.

Naast het echtpaar Prott werden er ook leden van de familie Van Hertoghe van Rikkerda in de kelder bijgezet, en vermoedelijk ook Hemmo Hylco Nauta, de laatste bewoner van de borg Rikkerda. Tijdens de nieuwbouw in 1877 werd de toegang tot de kelder definitief dichtgemetseld. Rondom de kelder bevinden zich in de grond nog de fundamenten van de oude oostmuur van de middeleeuwse kerk.

Aan de oostkant van het kerkhof, direct naast het pad, bevindt zich de grafzerk van Jan Hazenberg.

Afbeeldingen

Lutjegast Categorie:Rijksmonument in Westerkwartier Categorie:Protestants kerkgebouw in Nederland