Will Tura, pseudoniem van ridder Arthur Achiel Albert Blanckaert (Veurne, 2 augustus 1940), is een Belgische zanger, muzikant en liedjesschrijver.
Hij begon zijn professionele carrière in 1957 en beleefde in 1962 zijn echte doorbraak, waarna hij uitgroeide tot een van de bekendste en succesvolste Vlaamse artiesten aller tijden. Tot zijn talloze reeks hits behoren onder meer Eenzaam zonder jou (1962), Draai 797204 (1964), El bandido (1966), Arme Joe (1967), Het kan niet zijn (1969), Hopeloos (1981), Mooi, 't leven is mooi (1989), Hoop doet leven (1993) en Hemelsblauw (1994). Hij bracht eveneens meer dan honderd albums uit.Discografie Officiële Will Tura website Vanwege zijn grote populariteit in vooral Vlaanderen en zijn langdurige aanwezigheid in de muziekwereld wordt Tura ook wel de keizer van het Vlaamse lied genoemd.
Tura's muziekstijl varieert van kleinkunst en Nederlandstalige chansons tot vrolijke pop, van jazz tot gospel en van rock-'n-roll en country tot zelfs rap. Het gros van zijn liedjes is door hemzelf gecomponeerd en doorgaans van tekst voorzien door Nelly Byl.Waarom Will Tura "de keizer van het Vlaamse lied" is (VRT, 2 augustus 2020). Gearchiveerd op 21 april 2023. Tura schreef tevens composities die opgenomen werden door andere artiesten, onder wie Etta Cameron, Ann Christy, Jimmy Frey en Marva. miniatuur|Tura 80 - beeld door Georges Schelstraete in Veurne In 2023 stopte Tura uiteindelijk na ruim zestig jaar met optreden, nadat hij gediagnosticeerd werd met de ziekte van Alzheimer.
Biografie Jaren 40 en 50: Jeugd en eerste opnames In de zomer van 1940, tijdens de nog prille Tweede Wereldoorlog, wordt in het West-Vlaamse Veurne Arthur ("Tuur") Blanckaert geboren. Hij is de vierde van vijf kinderen in het gezin van Désiré Blanckaert (1904-1980) en Magdalena Boomgaert (1912-1995). Reeds op jonge leeftijd raakte hij geïnteresseerd in muziek: hij leert mondharmonica spelen en krijgt later (hoewel zijn ouders aanvankelijk sceptisch zijn over zijn muzikale ambities) van zijn vader een accordeon. Ook zit hij regelmatig achter de drums.
Op elfjarige leeftijd mag hij optreden in de revue van Walter Richard, waar hij een jodelnummer brengt. Richard bedacht voor de jonge muzikant een artiestennaam: even lijkt dit James Blanca te worden, maar de definitieve keuze valt dan toch op Will Tura.Will Tura ging bijna door het leven als James Blanca (Het Laatste Nieuws, 19 februari 2018)
Wanneer hij in contact komt met de lokale muziekleraar Harry Cogge, krijgt Tura een plaats aangeboden in diens orkest 'De Nachtvlinders'. Cogge leert hem de kneepjes van het vak, waaronder het lezen van muzieknoten en het bespelen van de accordeon. Tura doet mee aan zangwedstrijden, ontpopt zich als een getalenteerd imitator van Gilbert Bécaud en Nat King Cole en wordt tijdens een optreden van Bobbejaan Schoepen in Veurne zelfs op het podium uitgenodigd om mee te jodelen. Spoedig krijgt hij echter de baard in de keel, waarna er voor hem geen plaats meer is in Cogge's orkest.
In de loop van de tijd verruilt Tura zijn accordeon voor de gitaar. Hij is 15 jaar oud als hij als gitarist wordt aangenomen bij Freddy's Dansorkest van Freddy Feys. Vader Blanckaert werkt overuren om de gitaar voor zijn zoon te kunnen kopen.Will Tura Archief op willtura.be. Gearchiveerd op 18 april 2023. Tegelijk volgt Tura onderwijs aan de conservatoria te Gent en Oostende; naast gitaarles leert hij er ook piano spelen. Na zijn periode bij Feys speelt hij nog een korte tijd mee in de orkesten van André Coucke en Marcel Sterckx.
In 1957 ontmoet Tura de ervaren en invloedrijke muziekuitgever Jacques Kluger, die hem een platencontract aanbiedt bij Decca. Zijn eerste singletje, Bye bye love, is een Nederlandstalige cover van de bekende gelijknamige hit van The Everly Brothers uit datzelfde jaar. Het nummer wordt opgenomen in de Philips studio in Brussel. Er worden slechts weinig exemplaren van verkocht. Ook Tura's volgende plaatjes (zoals Amapola, Blauwe kimono, Onvergetelijk en Zing kleine vogel) zijn vertalingen van internationale successen, maar leveren geen hit op.
Op 2 augustus 1958, Tura's achttiende verjaardag, treedt hij in Erpe-Mere voor de eerste keer solo op onder de naam Will Tura. Een jaar later, in juni 1959, volgt zijn eerste televisieoptreden, dat plaatsvindt in het Brusselse Amerikaans Theater. Omdat hij tijdens deze periode zijn legerdienst vervult (in Koksijde en Tongeren), verschijnt hij er in soldatenuniform. Hij brengt er het liedje Zwart, geel, rood.Tura: 50 jaar de juiste man op de juiste plaats (Bruzz, 2 februari 2007). Gearchiveerd op 19 januari 2024.
Ondertussen is Tura benaderd door een filmbedrijf, dat hem de hoofdrol aanbiedt in een speelfilm. Het betreft een Frans-Belgische verfilming van het boek De lange nacht van Marnix Gijsen. Tura verhuist er tijdelijk voor naar Antwerpen en doet al zijn stunts zelf. Een carrière als filmster lijkt in het verschiet te liggen, tot het gehele project wegens financiële problemen vroegtijdig wordt afgeblazen. Tura besluit vervolgens om zijn toekomst weer vooral in de muziek te zoeken in plaats van op het witte doek.
In 1960 neemt hij een singletje op met zijn jongste broer Jean-Marie ("broertje Jan"), de eerste van een lange reeks singles op het platenlabel Palette.
Jaren 60: De grote doorbraak thumb|300px|Will Tura (rechts) in 2004, samen met Ke Riema (midden) en Robert Cogoi (links) Jacques Kluger stimuleert Will Tura om, na het tegenvallende succes van de eerste singles, zijn eigen liedjes te gaan componeren. In 1961 schrijft hij de pianocompositie Tender passion, die door Willy Albimoor wordt opgenomen en vervolgens ook internationaal wordt opgepikt. Caterina Valente en Betty Curtis nemen het in het Italiaans op als Nessuno mai, Camillo Felgen in het Frans als Toi c'est le beau temps en The Four Aces in het Engels als Lonely hill. Pas later, in 1976, zou Tura het zelf in het Nederlands opnemen als Nooit laat ik je gaan.
Tijdens een vakantie in Zuid-Frankrijk in de zomer van 1962 schrijft Tura een melodie die zijn leven zal veranderen. Hij krabbelt de noten op een paar bierviltjes en neemt deze mee naar Vlaanderen, waar Ke Riema er een tekst op schrijft. De titel wordt Eenzaam zonder jou en het lied wordt aan het einde van het jaar zijn nieuwe single. Plots gaat het snel: na een enthousiaste ontvangst en een gestage opmars wordt het in april 1963 Tura's eerste nummer 1-hit. De single blijft maandenlang populair en gaat uiteindelijk 60.000 keer over de toonbank. Het betekent de grote doorbraak voor de 22-jarige zanger en Eenzaam zonder jou zal zijn gehele carrière het lied blijven waarmee hij het meest geïdentificeerd wordt. Dertig jaar later verkiest een opiniepeiling in een Vlaamse krant dit lied als grootste Vlaamse hit aller tijden.Het Belgisch Pop & Rock Archief: Will Tura. Gearchiveerd op 9 oktober 2023.
Het plotselinge succes vraagt om een vlugge reactie. Op aanraden van Kluger besluit Tura West-Vlaanderen te verlaten en in de buurt van Brussel te gaan wonen, meer bepaald in Kampenhout, waar hij zijn carrière beter kan ontwikkelen. Zijn ouders verhuizen mee. Jacques Kluger, die dan al enige tijd ziek is, overlijdt op 26 maart 1963. Zijn taken worden definitief overgenomen door zijn zoon Jean Kluger, die Tura in de volgende decennia als trouwe producer en manager zal blijven bijstaan.
In de loop van 1963 brengt Tura zijn eerste album uit. Het is een verzameling van acht liedjes, waaronder de singles Ik zoek je schaduw, Je liegt en Verlaten hart, gebroken hart. Vanaf 1964 zal hij steevast ieder jaar een nieuwe plaat uitbrengen, die simpelweg genummerd zijn in plaats van getiteld. In 1964 scoort hij opnieuw een nummer 1-hit met Draai 797204, een cover van het countryliedje Lonesome 7-7203. De Nederlandstalige tekst is geschreven door Nelly Byl, (met een muzikale bewerking van Serge Van Oppens) die vanaf dat moment zijn vaste tekstschrijver wordt. De single vergaart extra media-aandacht door de overlast die de eigenaren van het genoemde telefoonnummer ervaren van bellende fans.Fans van zanger Wil Tura zijn "verkeerd verbonden", Het Vrije Volk, 15 juni 1964
Samen met onder anderen Leo Caerts start Tura zijn eigen orkest, het Tura Sextet (later omgedoopt naar de Tura Band). Hij treedt veel op, vooral op balavonden maar ook op televisie, zoals in het programma Tienerklanken. Als popidool blijft zijn populariteit in Vlaanderen gedurende de rest van de jaren zestig zeer groot. Hij scoort de ene tophit na de andere (waaronder Heimwee naar huis, Arrivederci Maria, El bandido, Arme Joe en Viva el amor) en sluit het decennium af met vier nummer 1-hits op rij: Angelina, Het kan niet zijn (een lied dat hij al op 16-jarige leeftijd bedacht), In de koolmijn / Hetgeen je niet krijgen kan en Liefdeverdriet. Op de muziekbeurs Midem in het Franse Cannes krijgt hij in 1968 een trofee als de bestverkopende artiest van België.
Jaren 70: Meer successen, optredens in Vorst Aan het begin van de jaren zeventig scoort Will Tura successen met singles als San Miguel / M'n airhostess, Linda en de nummer 1-hit Zonneschijn. Inmiddels woonachtig in Steenokkerzeel, wordt hij in 1971 benoemd tot ereburger van zijn geboortestad Veurne. Wanneer manager Jean Kluger in 1973 de nieuwe platenfirma Topkapi sticht, neemt hij Tura mee. Zijn eerste single voor dit label wordt Verboden dromen, een lied waarin sommigen een toepasselijke boodschap menen te horen voor zijn vrouwelijke fans; kort ervoor is de zanger namelijk in het huwelijksbootje gestapt en zodoende geen vrijgezel meer. Met zijn vrouw Jenny krijgt Tura twee kinderen.
Eind 1973 scoort zangeres Marva een hit met Niemand wil je als je ongelukkig bent, geschreven door Tura en Nelly Byl. Tura is dan bezig met de voorbereidingen voor een groots concert. De tijd van de balavonden is voorbij en zijn ambities liggen voortaan in de concertzalen, waar hij hoopt op een publiek dat meer aandacht schenkt aan zijn muziek.
In maart 1974 staat Tura, als eerste Vlaamse artiest, in een uitverkocht Vorst Nationaal. Op datzelfde moment heeft hij weer een grote hit met Nu sta ik daar. Later in zijn carrière zal hij nog diverse keren naar de concertzaal in Vorst terugkeren, bijvoorbeeld in 1977 ter gelegenheid van zijn twintigjarige artiestenjubileum.
Op het album Vlaanderen m'n land (1977) wijdt Tura alle nummers aan het thema Vlaanderen. Omdat ik Vlaming ben verschijnt op single en bereikt de veertiende plaats in de hitparade, maar het is vooral de B-kant, Vlaanderen m'n land, die uitgroeit tot een klassieker. Hij had dit nummer in 1969 al eens opgenomen voor zijn album 7. Later in dat jaar brengt hij een ode aan de dan net overleden Elvis Presley op de single Goodbye Elvis, die internationaal ook een hit wordt in de versie van de Franse zanger Ringo.