Franciscus Holkema, geboren als Fransiscus van Holkema (Oldeboorn, 10 mei 1841 – Groningen, 11 juni 1870), was een Nederlands botanicus. Hij deed uitgebreid onderzoek naar de vegetatie van de Waddeneilanden en was in dit opzicht een pionier. Holkema wordt in retrospectief beschouwd als de eerste Nederlandse vegetatiekundige.
Biografie Holkema was een zoon van de Nederlands-hervormde predikant Arjen Buwalda van Holkema en diens eerste vrouw Trijntje Stam. Hij studeerde biologie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Holkema was in Nederland de eerste die de vegetatie van een plantengeografische eenheid in zijn samenhang bestudeerde, alhoewel het vakgebied van de vegetatiekunde destijds nog niet bestond.
Holkema was van plan in 1870 te promoveren op zijn proefschrift met de titel: De plantengroei der Nederlandsche Noordzee-eilanden, Texel, Vlieland, Terschelling, Ameland, Schiermonnikoog en Rottum. Eene bijdrage tot de Flora van Nederland. Hij overleed echter op 29-jarige leeftijd, voor hij had kunnen promoveren. Hij promoveerde postuum. Zijn proefschrift zette Jac. P. Thijsse ertoe aan een betrekking als onderwijzer op Texel te aanvaarden; in het proefschrift van Holkema had Thijsse gelezen dat er op Texel nog veel viel te ontdekken.
In 1868 ontdekte Holkema het voorkomen van cranberry ofwel "grote veenbes" op Terschelling. Hij meldde de vondst van deze van oorsprong Amerikaanse plantensoort als "de schoone nieuwelinge in de Europese flora" onder de oude wetenschappelijke naam Vaccinium macrocarpon, tegenwoordig Oxycoccus macrocarpos.
Zie ook Lijst van vegetatiekundigen
Literatuur (1870). De plantengroei der Nederlandsche Noordzee-eilanden, Texel, Vlieland, Terschelling, Ameland, Schiermonnikoog en Rottum. Eene bijdrage tot de Flora van Nederland Dissertatie Univ.Groningen. Holkema, Amsterdam.
Categorie:Nederlands bioloog Categorie:Vegetatiekundige