Gommecourt British Cemetery No.2 is een Britse militaire begraafplaats met gesneuvelden uit de Eerste Wereldoorlog, gelegen in de Franse gemeente Hébuterne (Pas-de-Calais). De begraafplaats werd ontworpen door Reginald Blomfield in samenwerking met Noel Rew en wordt onderhouden door de Commonwealth War Graves Commission. Ze ligt in het veld, ruim 1 km ten noordoosten van het centrum van Hébuterne (Église Saint-Vaast). Ze heeft een rechthoekig grondplan met een oppervlakte van 3949 m² en wordt omsloten door een ruwe natuurstenen muur. Vanaf de weg leidt een stenen trap met 8 treden en een graspad van 50 m naar de toegang bestaande uit een tweedelig metalen hek tussen witte stenen zuilen. Vooraan staat het Cross of Sacrifice en twee schuilgebouwen elk met drie boogvormige ingangen en afgedekt met een schilddak. In het linkse schuilgebouw bevindt zich het registerkastje. Het terrein met de graven ligt iets lager en bij de oostelijke muur staat de Stone of Remembrance.

De begraafplaats telt 675 geïdentificeerde en 681 niet geïdentificeerde Gemenebest graven uit de Eerste Wereldoorlog.

Op het grondgebied van de gemeente liggen ook de Britse militaire begraafplaatsen: Railway Hollow Cemetery, Rossignol Wood Cemetery, Owl Trench Cemetery, Hebuterne Military Cemetery, Serre Road Cemetery No.1 en Serre Road Cemetery No.2. Ook op de gemeentelijke begraafplaats (Hebuterne Communal Cemetery) liggen Britse en Franse militairen.

Geschiedenis Hebuterne bleef van maart 1915 tot aan de wapenstilstand in handen van de geallieerden, hoewel het tijdens de Duitse opmars in de zomer van 1918 praktisch aan de frontlijn lag. Gommecourt en het bos van Gommecourt werden op 1 juli 1916 aangevallen door de 56th (London) en 46th (North Midland) Divisions maar met slechts tijdelijk succes. De gemeente werd in de nacht van 27 op 28 februari 1917 bezet door de 31st en 46th Divisions en bleef tot de wapenstilstand in handen van de geallieerden. Bij het opruimen van de omringende slagvelden in 1917 werden de Gommecourt British Cemeteries No.1, No.2, No.3 en No.4 aangelegd. Op de begraafplaats No.2 bevinden zich de oorspronkelijk 101 slachtoffers van 1 juli 1916, bijna allemaal behorende tot de 56th Division. Deze maken nu deel uit van perceel I van de begraafplaats. Na de wapenstilstand werden graven vanuit de aangrenzende slagvelden toegevoegd, plus deze uit de Gommecourt British Cemetery No.1, No.3 en No.4.

Op de begraafplaats liggen nu 1.356 slachtoffers waaronder 681 niet geïdentificeerde. Voor 33 slachtoffers werden Special MemorialsDeze grafzerken dragen de toegevoegde tekst: Known / Believed to be buried in this cemetery opgericht omdat hun graven niet meer gelokaliseerd konden worden en men weet of vermoedt dat ze onder naamloze grafzerken liggen. Bij de geïdentificeerde militairen zijn er 613 Britten, 37 Nieuw-Zeelanders en 25 Australiërs.

Graven J. Sheldrick, soldaat bij het London Regiment (Royal Fusiliers) was 17 jaar toen hij sneuvelde op 1 juli 1916. de broers Henry Edward Bassett en Philip James Bassett ( beide dienend in het London Regiment (Queen Victoria's Rifles) sneuvelden op 1 juli 1916 en liggen naast elkaar begraven. Onderscheiden militairen kapitein G.F.M. Ling (West Yorkshire Regiment (Prince of Wales's Own)) werd driemaal onderscheiden met het Military Cross (MC and 2 Bars). luitenant James Alexander Garvie (King's Own Scottish Borderers) werd onderscheiden met het Military Cross (MC). compagnie sergeant-majoor J.T. Fletcher (King's Own Yorkshire Light Infantry) werd onderscheiden met de Distinguished Conduct Medal en tweemaal met de Military Medal (DCM, MM and Bar). kapitein E. Murgatroyd (West Yorkshire Regiment (Prince of Wales's Own)), compagnie sergeant-majoor Charles William Froome (London Regiment (Queen's Westminster Rifles)), sergeant-majoor William John Harper (Australian Infantry, A.I.F.), sergeant G. Radford (Somerset Light Infantry) en sergeant Alan Smith (West Yorkshire Regiment (Prince of Wales's Own)) werden onderscheiden met de Distinguished Conduct Medal (DCM). sergeant G. Caton (King's Own Yorkshire Light Infantry) werd tweemaal onderscheiden met de Military Medal (MM and Bar). sergeanten H. Goodbrand (Manchester Regiment), F.H.C. Hickman (London Regiment (Queen Victoria's Rifles)) en W.E. Quirk (King's Own Yorkshire Light Infantry), de korporaals W.H. Harvey (Norfolk Regiment), F. Cousins (Somerset Light Infantry) en R. Poskett (Durham Light Infantry) en de soldaten J. Berry (Lancashire Fusiliers) en Henry Devaney (King's Own (Royal Lancaster Regiment)) werden onderscheiden met de Military Medal (MM).

Categorie:Hébuterne Categorie:Begraafplaats van de CWGC in Frankrijk Categorie:Begraafplaats van de Eerste Wereldoorlog