Muse is een Britse rockband uit Teignmouth die in 1994 is opgericht. De band bestaat uit zanger, gitarist en pianist Matthew Bellamy, drummer Dominic Howard en bassist Christopher Wolstenholme.

Het eerste studioalbum van Muse, Showbiz, kwam uit in 1999. Singles als Muscle Museum, Unintended en Sunburn zijn hiervan afkomstig. De band werd in deze tijd vaak vergeleken met een andere Britse rockband, namelijk Radiohead. Origin of Symmetry, hun tweede studioalbum, kwam uit in 2001. Het behaalde de derde plaats in de UK Albums Chart en verkreeg een platina-status. De singles Plug In Baby en New Born behaalden beide de top 20 van de UK Singles Chart.

Twee jaar later verscheen het derde studioalbum: Absolution op 21 september 2003. Dit werd de eerste nummer één-hit van de band in het Verenigd Koninkrijk. De songteksten van het album behandelen complottheorieën en politieke en wetenschappelijke overtuigingen. In 2006 ging de band hiermee door met het voor de Mercury Music Prize genomineerde Black Holes and Revelations, met als hoofdsingle het nummer Supermassive Black Hole. In 2009 verscheen het vijfde studioalbum The Resistance dat nummer één werd in Nederlandse en Belgische hitlijsten.

In 2012 kwam het album The 2nd Law uit en in 2015 volgde het album Drones.

Eind 2018 verscheen het 8e album Simulation Theory, dat in de zomer werd voorafgegaan door de singles Dig Down.

Begin 2022 laat Muse opnieuw wat van zich horen en komt met nieuw materiaal. De singles Won't Stand Down en Compliance worden uitgebracht. Op 26 augustus 2022 verscheen het negende studioalbum onder de titel de titel Will of the People

De muziek van Muse wordt beschreven als alternatieve rock, progressieve rock of spacerock, en is een mix van (hard)rock met klassieke invloeden die in later werk soms is aangevuld met elektronische muziek. Een ander kenmerk is het bombastische en pretentieuze in de muziek, dat ook terugkomt in de optredens van de band. Bellamy gebruikt vaak zijn falsetstem en schrijft over onderwerpen zoals liefde, maatschappelijke kwesties, het buitenaardse en politieke kwesties.

Carrière 1994 - 1997: Oprichting en eerste demo's Matt Bellamy, Chris Wolstenholme en Dom Howard ontmoetten elkaar enkele jaren voor de oprichting van Muse op hun school in Teignmouth. Toen startten ze de indie-band Muse. Alle drie waren ze studenten aan de Teignmouth Community College. Ook speelden ze allen in een band: Bellamy en Howard zaten in Gothic Plague en Wolstenholme was lid van Fixed Penalty. Nadat Gothic Plague uiteen viel, vroegen Bellamy en Howard aan Wolstenholme of hij in hun nieuwe band wilde als bassist. Bij Fixed Penalty bespeelde hij oorspronkelijk de drums, maar hij accepteerde het aanbod om basgitaar te spelen. De start van de band was niet al te serieus; het trio speelde een jaar lang in andermans huizen en kleine sporthallen. Volgens Bellamy was het niet meer dan "een reden voor jongeren om rond te hangen, dronken te raken en instrumenten te vernielen". Bellamy was bij het begin enkel gitarist, maar toen bleek dat hij van het trio de beste stem had, werd hij ook tot zanger benoemd. In februari 1994 besloot de band aan een 'battle of the bands'-competitie mee te doen. Als bandnaam voor dit optreden werd Rocket Baby Dolls gekozen, een naam die alleen op die avond werd gebruikt. Het trio verwachtte zelf geen winst en sloopte naderhand de podiumapparatuur (Wolstenholme: "Eigenlijk probeerden we gewoonweg Nirvana na te doen" ), maar toch werden ze als winnaars gekozen.

De overwinning was voor het trio een signaal om de band serieus te nemen. Naderhand werd de bandnaam veranderd naar Muse en begon de band meer concerten te geven. Het idee om de band 'Muse' (Engels voor muze) te noemen, kwam nadat Bellamy een uitspraak van een medium hoorde: "Ik kon me herinneren hoe een medium vertelde dat je muzen kon oproepen als je op een erg spiritueel punt in je leven was. En ik denk dat ik deze band heb opgeroepen." Het eerste optreden als Muse was een maand later in een rollerdisco in Dawlish. De daaropvolgende concerten vonden vooral plaats in pubs in Devon. Bellamy: "De mensen wilden helemaal geen band zien. Ze kwamen daar om rustig een biertje te pakken, terwijl wij in de hoek herrie maakten." De band ging verder met toeren door Engeland, maar vaak werden ze gevraagd om covers te spelen. Omdat ze dat weigerden begon het aantal optredens tijdelijk af te nemen.

In mei 1995 werd de eerste demo This Is a Muse Demo opgenomen in het huis van Wolstenholme, met behulp van Bellamy's vader George Bellamy (ex-The Tornados). Dit werd opgevolgd door de Newton Abbot-demo in begin 1997. Eén nummer van de demo verscheen op een officiële uitgave: "Balloonatic" (later "Twin" genoemd) werd in 1997 uitgebracht op een compilatiealbum van Lockjaw Records, getiteld Helping You Back to Work - Volume 1. Ondertussen wilde Muse doorgroeien en wist dat er in Devon één man was die in de muziekwereld zat: Dennis Smith, eigenaar van Sawmills (een studio in Cornwall) waar hij samen met Oasis en Supergrass albums had opgenomen. In oktober 1995 vond de eerste ontmoeting tussen hem en de band plaats. Smith kwam vaker naar hun optredens kijken en raakte langzaamaan overtuigd van hun kwaliteiten. In 1997 legde hij contact met A&R Safta Jaffery, die de band ging bekijken. Smith en Jaffery besloten daarop de band gratis studio-uren aan te bieden. In Cornwall nam het voorlopige repertoire van de band op, waaronder de later uitgebrachte nummers "Cave", "Unintended" en "Muscle Museum".

1997 - 2001: Eerste extended plays en Showbiz Smith had zijn eigen platenmaatschappij Dangerous Records en contracteerde Muse om onder dit label enkele ep's uit te brengen. In 1997 ontstond in de Sawmills Studio de ep Muse, die in mei 1998 werd uitgebracht. Jaffery regelde enkele showcases voor Muse, waaronder het Londense 'In The City' (een competitie voor bands zonder platencontract) maar geen enkel Britse platenlabel was geïnteresseerd. Hierna nam Jaffery de band mee naar de Verenigde Staten, waar hij aangemeld werd voor College Music Journal in New York. Daar werd Muse uitgenodigd voor een nieuwe showcase in Los Angeles, waar Maverick Records het snelst handelde en de band op kerstavond 1998 contracteerde. Zij regelden tevens enkele optredens voor de band in de Verenigde Staten en in Nederland. Er was echter nog steeds geen interesse van Engelse platenmaatschappijen, waardoor Jaffery en Smiths eigen bedrijf Taste Media de band onder zijn hoede nam. Taste regelde voor Muse onder andere contracten bij Mushroom Records (voor het Verenigd Koninkrijk, Ierland, Azië en Australië) en Motor/Universal (voor onder andere Duitsland en Oost-Europa). Er werd specifiek voor aparte labels gekozen, waardoor er gehoopt werd op een betere samenwerking.

Muse begon na het Maverick-contract vanuit Londen te werken en in januari 1999 verscheen de tweede plaat Muscle Museum. Er ontstond wat media-aandacht voor de band van onder andere dj Steve Lamacq en NME. In 1998 was Muse al begonnen met het werk aan een debuutalbum. Voor de productie werd samengewerkt met John Leckie, een producer die gewerkt had met Radiohead en The Verve. De band kende Leckie door zijn werk bij Sawmills Studio's. Het album werd afgerond in mei en een maand later volgde de debuutsingle "Uno", die plaats 73 behaalde in de UK Singles Chart. "Cave" werd de tweede single, alvorens het debuutalbum Showbiz in oktober uitkwam. Er volgden nog drie singles: "Muscle Museum", "Sunburn" en "Unintended". Showbiz werd uitgelicht door onder andere NME, die Muse "de eerste grote gitaarband van de 21e eeuw" noemde. Showbiz werd door veel media vooral vergeleken met het werk van Radiohead; een stigma dat lang bleef hangen. Bellamy moest hierover meerdere malen in de media verklaren dat Muse niet 'Radiohead-light' was.

In augustus 1999 speelde Muse ter promotie van Showbiz in relatief kleine zalen voor enkele honderden mensen, maar ook op het Route du Rock-festival in Frankrijk voor 10.000 man - hun grootste optreden op dat moment. Bellamy noemde dat concert het moment waarop hij besefte dat Muse "heel groot kon worden". Op 2 december 1999 traden zij op in het voorprogramma van Live in de Statenhal in Den Haag. Het jaar daarop ging de band op tournee als voorprogramma van bands als Foo Fighters en Red Hot Chili Peppers in de Verenigde Staten. Ook verschenen ze op meer dan 50 festivals, waaronder dat van Pinkpop, Glastonbury en de Reading en Leeds Festivals. Ook werden er concerten gehouden in Japan en Australië. Ter promotie van de Japanse toer werd de ep Random 1-8 uitgebracht. Muse won tevens de 'Best New Act'-prijs bij de NME Awards. Het werd genomineerd voor dezelfde prijs bij de Brit Awards, maar wist deze niet te winnen.

2001 - 2002: Origin of Symmetry en Hullabaloo thumb|Matt Bellamy op het podium in Cardiff in 2003. Begin 2000, tijdens hun Amerikaanse toer, begon Muse met het schrijven van nieuwe nummers. Tijdens de concerten van dat jaar werden er al nieuwe nummers geïntroduceerd, waaronder "Razor Blades" (later "Screenager") en "Plug In Baby". De toer van Muse eindigde in november, waarna de band begon aan de opnamen van het tweede album. Hiervoor werd wederom Leckie voor de productie gevraagd, alhoewel de band ook Dave Botrill als co-producer inhuurde. Na afronding van de opnamen werd in maart 2001 de eerste single "Plug In Baby" uitgebracht, gevolgd door een Engelse toer. De single behaalde de elfde plaats in de UK Singles Chart, hun hoogste notering tot op dat moment. De tweede single verscheen in juni en heette "New Born". Deze verscheen twee weken voor de uitgave van het album Origin of Symmetry. Later verschenen er nog twee singles: "Bliss" en "Hyper Music/Feeling Good".

Origin of Symmetry behaalde de derde plaats in de Engelse hitlijst. Het album werd positief beoordeeld door recensenten; het kreeg onder andere een score van 9 uit 10 van NME. De band won enkele prijzen dat jaar: hij haalde de prijs voor de beste Britse band binnen bij de Kerrang Awards. Tevens werd Muse genomineerd voor drie Q Awards (beste album, beste live-act en beste producer), maar wist deze niet te winnen. Het album was ook gereed voor uitgave in de Verenigde Staten, maar platenlabel Maverick besloot dat de nummers niet toegankelijk ('radiovriendelijk') genoeg waren. Ook hadden ze kritiek op Bellamy's gebruik van zijn falsetstem. Muse besloot hierop zich af te scheiden van Maverick, waardoor het album tot september 2005 niet in de Verenigde Staten uitgebracht zou worden.

Muse begon met het verschijnen van het album een Europese concertreeks, gevolgd door festivaloptredens op onder andere Lowlands, Rock Werchter en V Festival. In oktober was er wederom een Europese toer, waaronder een optreden in de Heineken Music Hall. Eind november eindigde Muse met vier concerten in Japan. Ook in 2002 speelde de band op verscheidende festivals zoals Pinkpop en Rock am Ring/Rock im Park. Het laatste optreden van dat jaar was in augustus op de Reading en Leeds Festivals. In juni 2002 bracht Muse de single/ep Dead Star/In Your World uit. "Dead Star" werd door Bellamy omschreven als "heel zware rock, maar geen indicatie voor het volgende album". De ep werd twee weken later gevolgd door de (dubbel-)cd en dvd Hullabaloo. De eerste cd bevatte een selectie van b-sides die opgenomen waren van de Showbiz- en Origin of Symmetry-sessies. Op de tweede cd stond een deel van de concerten die Muse gaf op 28 en 29 oktober 2001 in Le Zénith in Parijs. De dvd bevatte het gehele Parijse concert, plus een documentaire over de band.

2003 - 2005: Absolution en Glastonbury