De Slag bij Himera, mogelijk gevochten op hetzelfde moment als de bekendere Slag bij SalamisHerodotus, 7.166 of op de dag van de Slag bij Thermopylae,Diodorus Sicullus, 11.24.1 was een veldslag tussen een Grieks leger van Syracuse onder leiding van Gelon en van de stad Akragas onder leiding van Theron tegen een Carthaags leger onder leiding van Hamilcar. De Grieken wonnen de slag, waarmee ze de poging van Carthago om de afgezette tiran van Himera terug op de troon te krijgen verijdelden. Geleerden zeggen dat deze nederlaag de invloed van Carthago in Sicilië sterk verzwakte voor vele decennia.Baker, G.P., Hannibal, p15-17 Cambridge Ancient History Vol. IV p775 Het was een van de belangrijkste slagen in de Siciliaanse Oorlogen.
Achtergrond De Feniciërs hadden veel handelsposten gesticht op de kust van Sicilië na 900 voor Christus, maar waren nooit tot diep in het binnenland doorgedrongen. Ze hadden gehandeld met de Elymiërs, Sicanen en de Sicelen en settelden zich uiteindelijk in Motya, Panormus en Solus toen de Griekse colonisten arriveerden na 750 voor Christus.Thucydides, VI.2.6 Deze steden bleven onafhankelijk tot ze deel werden van de Carthaagse hegemonie na 540 voor Christus, waarschijnlijk toen Malchus van Carthago "heel Sicilië veroverd had", en de buit naar Tyrus zond.Freeman, Edward A., History of Sicily, Volume 1, p283-297
Carthaagse hegemonie en de Grieken in Sicilië Carthago creëerde zijn hegemonie voor een deel om de Griekse aantasting in de Fenicische invloed te weerstaan. De Feniciërs deden in het begin (750-650 v.Chr.) niets om de Grieken tegen te houden, maar nadat de Grieken Iberië hadden iets na 650 v.Chr. kwam Carthago naar boven als leider van het Fenicische verzet. Tijdens de zesde eeuw voor Christus, vooral onder leiding van de Magoniden, richtten de Carthagers een commercieel dominante positie op in het westen van de Middellandse Zee.Markoe, Glenn E., Phoenicians, p54-55 De Feniciërs in Sicilië en de Elymiërs hadden zich bij elkaar aangesloten om de Grieken van Selinous te verslaan te Libyaeum in 580 voor Christus. Dit was de eerste beschreven botsing tussen de Grieken en Feniciërs op Sicilië. Het volgende conflict nam 70 jaar later plaats.
De Grieken die leefden in Sicilië gedroegen zich ongeveer zoals de Grieken in Griekenland zelf: ze waren constant bezig met het uitbreiden van hun politieke en commerciële gebied ten nadele van hun buren terwijl ze de Ionisch/Dorische vete levend hielden. De Dorische kolonies waren agressiever bij het uitbreiden van hun grondgebied. Handel floreerde ook tussen de inboorlingen, de Grieken, de Feniciërs en de Siciliaanse Grieken. Deze welvaart maakte het mogelijk voor sommige Griekse steden om hun gebieden opnieuw uit te breiden, wat uiteindelijk leidde tot de gebeurtenissen bekend als de "Eerste Siciliaanse Oorlog".
Carthago doet mee aan het gevecht Carthago en de Elymiërs hadden samengewerkt in 510 v.Chr. om de expeditie van prins Dorieus te weerstaan. Hij had de Spartaanse troon verloren en probeerde een kolonie te stichten en probeerde Eryx te koloniseren, nadat hij verdreven was uit Lybië door Carthago in 511 voor Christus. Dorieus werd verslagen en gedood, waarna de Griekse overlevenden Heraclea Minoa stichtten.Diodorus Sicullus IV.23 Siciliaanse Grieken (waarschijnlijk de burgers van Akragas, Gela en Selinous) vochten hierna een oorlog als wraak tegen Carthago, wat leidde tot de vernietiging van Heraclea en een overeenkomst die economische voordelen bracht voor de Grieken.Freeman, Edward A, History of Sicily, Volume 2, p97-100 De roep om hulp om de dood van Dorieus te wreken werd genegeerd door de Grieken op Griekenland, zelfs door Leonidas van Sparta, de broer van Dorieus en degene die later onsterfelijke roem zou krijgen bij Thermopylae in 480 voor Christus. Dit toonde waarschijnlijk de zinloosheid van het weerstaan van Carthago door de Griekse stedenBaker, G.P., Hannibal, p15 of het bewijs dat de Sicilianen niet moesten rekenen op de Grieken vanop het vasteland, een situatie die zou veranderen met de opkomst van de Griekse Tyrannoi in Sicilië.
Griekse tirannen Terwijl Carthago beziggehouden werd in Sardinië vielen de meeste van de Griekse kolonies onder de heerschappij van de tirannen. De tirannen van Gela, Akragas en Rhegion vergrootten succesvol hun grondgebied ten koste van de inboorlingen van Sicilië tussen 505 en 480 v.Chr. Hierbij was de Dorische stad Gela het meest succesvol.
Dorische Grieken domineren Sicilië Cleander van Gela en zijn broer Hippocrates namen succesvol zowel Ionisch als Dorisch Grieks gebied over, en tegen 490 v.Chr. waren Messina, Leontini, Catana, Naxos, naast de naburige landen van de Siceli en Kamarina onder de controle van Gela gevallen. Gelo van Syracuse, de opvolger van Hippocrates nam Syracuse in in 485 v.Chr. en maakte het tot zijn hoofdstad. Door de voormalige inwoners uit te roeien, mensen te deporteren en tot slaaf te makenFreeman, Edward A., History of Sicily from the earliest times, II, Oxford, 1891, pp. 130-131. transformeerde Gelo de vroegere Ionische steden in Dorische steden en maakte van Syracuse de dominante kracht in Sicilië. Ondertussen had Akragas succesvol landen van de Sicanen en Sicelen onder leiding van de tiran Theron van Akragas(488-472 v.Chr.) ingenomen. Om conflicten tussen Akragas en Syracuse te voorkomen, regelden Gelo en Theron huwelijken tussen hun families, waarmee ze een verenigd front maakten tegen de Sicelen en de Ionische Grieken op Sicilië.
Ionische Grieken roepen Carthago om hulp Om een antwoord te hebben op deze Dorische dreiging sloot Anaxilas van Rhegion een bondgenootschap met Terrilus, de tiran van Himera, en trouwde met zijn dochter.Herodotus, Historiae VII 163. Himera en Rhegion werden vervolgens bondgenoten van Carthago, het dichtstbijzijnde machtige rijk dat sterk genoeg was om hulp te voorzien. Selinous, een Dorische stad waarvan het grondgebied aan Therons land grensde, werd ook een bondgenoot van Carthago. Misschien dreef de angst voor Theron en de vernietiging van Megara Hyblaea (moederstad van Selinous) door Gelo in 483 v.Chr. hen om dit te doen. Er waren dus drie machtsblokken in Sicilië in 483 v.Chr. Ioniërs die het noorden domineerden, Carthago domineerde het westen en de Doriërs het oosten en het zuiden. De Sicelen en Sicanen, volledig omsingeld in het midden, bleven passief, maar de Elymiërs sloten zich aan bij de Carthaagse alliantie.
Aanloop van de slag De stad Himera had ooit eens gevraagd aan Phalaris, de tiran van Akragas (570-554 v.Chr.), om over Himera te heersen. Theron daagde Phalaris uit toen hij Terillus van Himera afzette en de stad bij zijn domein toevoegde in 483 voor Christus. Terillus was machtig geworden in Himera nadat hij de heersende oligarchen had verdreven (waarna ze naar Akragas gevlucht waren), en hij was waarschijnlijk zijn aanhangers verloren, wat uitgebuit werd door Theron.Herodotus, 7.165 Terillus vroeg Hamilcar, suffeet van Carthago, om hulp. Anaxilas wilde hem ook helpen, en hij zond zijn eigen kinderen als gijzelaars naar Carthago als teken van zijn loyaliteit. Na een oponthoud van 3 jaar leidde Hamilcar een Carthaagse expeditie naar Sicilië in 480 voor Christus, dus op hetzelfde tijdstip als de expeditie van Xerxes I tegen het Griekse vasteland.
Gelo wil Griekenland niet helpen De Grieken van het vasteland hadden een ambassade naar Gelo gestuurd waarbij ze hulp vroegen om tegen Xerxes te vechten. Gelo klaagde eerst dat de Grieken eerst zijn vraag om hulp voor tegen de Carthagers hadden geweigerd in het verleden, maar hij stelde voor om 24.000 infanterie, 4.000 cavalerie en 200 oorlogsschepen naar Griekenland te sturen samen met veel provisies als hij de opperleider zou worden.Herodotus, 7.158 De Spartanen weigerden dit, en Gelo vroeg dan om leider te zijn van ofwel de land- of zeemacht. Toen weigerde de Atheense gezant dit, en de Grieken gingen met lege handen weg. Gelo trok ook zijn beloften in, hij zond 3 schepen onder Cadmus van Kos naar Delphi, met instructies om zich over te geven aan Xerxes als de Perzen zouden overwinnen.Herodotus, 7.163
Het Carthaagse leger Hamilcar zou een leger van in totaal 300.000 soldaten uit Iberië, Sardinië, Corsica, Italië, Gallië en Afrika verzameld hebben, samen met strijdwagens, 200 oorlogsschepen en 3.000 troepentransporten.Diodorus Sicullus, XI.20 Volgens moderne historici zijn deze getallen duidelijk overdreven; het Punische leger kan niet erg veel groter geweest zijn dan dat van de Griekse coalitie.Cambridge Ancient History Vol. IV p773 Het leger had geen belegeringstuigen en de Etrusken en Elymiërs, bondgenoten in het verleden tegen de Grieken, maakten geen deel uit van het leger.
Het belangrijkste deel van het leger kwam uit Afrika. De zware Afrikaanse infanterie vocht in een dichte formatie, bewapend met lange speren en lange schilden, ze droegen helmen en linnen harnassen. De lichte Libische infanterie droeg werpsperen en een klein schild, hetzelfde als dat van de Iberische lichte infanterie. De Iberische infanteristen droegen witte tunieken met paarse randen en lederen hoofdbeschermingen. De zware infanterie vocht in een dichte falanx, bewapend met zware werpsperen, lange schilden die het volledige lichaam bedekten en korte steekzwaarden.Goldsworthy, Adrian, The fall of Carthage, p 32 De Sardinische en Gallische infanterie vochten in hun inheemse uitrustingen,Makroe, Glenn E., Phoenicians, p 84-86 maar waren ook dikwijls uitgerust door Carthago.
De Libiërs, Carthaagse burgers en de Libische Feniciërs leverden gedisciplineerde, goedgetrainde cavalerie bewapend met stootsperen en ronde schilden. De Iberiërs en Galliërs zorgden ook voor de cavalerie, die steunde op de eerste charge. De Libiërs zorgden ook voor de strijdwagens, getrokken door vier paarden.Warry, John. Oorlogsvoering in de Klassieke Wereld. pp. 98-99.
Het Griekse leger Gelo en Theron hadden een goed getraind, ervaren leger tot hun beschikking. De burgersoldaten werden aangevuld met ingehuurde Grieken, Sicelen en huursoldaten elders uit de landen rond de Middellandse Zee, met name uit de Balkan, hetgeen in 2022 door archeologisch DNA-onderzoek aan lichamen in een necropolis werd aangetoond. Gelo gebruikte het geld van de burgers om deze oorlog te bekostigen, wat de ernst van de situatie aantoont. Het Syracusaanse leger te Himera zou 50.000 man infanterie en 5.000 man cavalerie geteld hebben, maar dit is misschien ook overdreven.Freeman, Edward A., History of Sicily, Vol. 2, p190 De grootte van het leger van Theron is niet bekend. Het leger bestond voornamelijk uit hoplieten uit de Griekse steden op Sicilië. Enkelen van de burgers dienden ook als peltasten terwijl de rijkere burgers de cavalerie vormden. Sicelen en Sicanen dienden ook in het leger. De huurlingen zorgden voor de boogschutters, slingers en cavalerie.
De Carthaagse veldtocht Hamilcar koos ervoor om niet naar Selinous te zeilen en hierna Akragas aan te vallen, hoewel dit de logische beslissing zou zijn, omdat dit het dichtst bij Carthago lag. De Carthaagse vloot, begeleid door 60 triremen, zeilden in plaats daarvan naar Panormos. Hamilcar koos deze koers waarschijnlijk omdat Terillus terug op de troon krijgen zijn hoofddoel was. De verovering van Sicilië, als hij dat inderdaad wilde, stond op de tweede plaats na zijn plicht tegenover Terillus. De vloot werd beschadigd door stormen op zee, waardoor hij de schepen die de strijdwagens en de paarden vervoerden, verloor - wat een belangrijke factor zou worden in de slag die zou volgen. De Griekse vloot, bestaande uit 200 schepen, hinderde de oversteek niet, en speelde geen rol in de komende slag.
De Carthagers slaan hun kamp op te Himera