miniatuur|261x261px|Groupama Stadium

Olympique Lyonnais is een Franse voetbalclub uit Lyon, opgericht in 1899 en uitkomend in de Ligue 1. De club behoorde in het begin van de 21e eeuw tot de Europese top en is lid van de ECA. De club speelt zijn wedstrijden sinds januari 2016 in het Parc Olympique Lyonnais, hiervoor in het Stade de Gerland. De bijnamen van de club zijn La Reine (de Koningin) en Les Gones (de jongens). Olympique Lyonnais behoorde tot de beste clubs van Frankrijk en domineerde de Ligue 1 in de beginjaren van de 21e eeuw. In 2001 eindigden ze tweede, achter FC Nantes, maar daarna won de club de titel zeven maal op rij.

De aartsrivaal van Olympique Lyonnais is AS Saint-Étienne. Wedstrijden tussen beide clubs staan bekend als de Derby du Rhône.

Geschiedenis Vroege geschiedenis Olympique Lyonnais werd in 1896 opgericht als omni-sportvereniging Racing Club de Lyon en nam later de naam Lyon Olympique aan. In 1899 kreeg de club ook een voetbalafdeling. De club sloot zich aan bij de USFSA en plaatste zich in 1906 voor de eindronde van het kampioenschap en speelde in de achtste finales gelijk tegen Olympique Marseille. Er kwam een replay, maar Lyon gaf forfait voor deze wedstrijd. In 1908 en 1909 plaatste FC Lyon zich voor de eindronde, maar in 1910 was Olympique weer van de partij en Besançon werd met 4-1 uitgeschakeld. In de kwartfinale moest de club echter met 5-0 het onderspit delven tegen Stade Helvétique Marseille.

De eerste decennia De club nam de naam Lyon Olympique Universitaire aan, kortweg LOU en plaatste zich in 1913 nog eens voor de eindronde, maar kreeg een pak slaag van Stade Raphaëlois van 5-1 en was meteen weer uitgeschakeld. Hierna verdween de club enkele jaren in de anonimiteit.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog speelde de club in 1942/43 voor het eerst in de hoogste klasse en werd elfde op zestien clubs in de zone zuid. Het volgende seizoen namen er geen clubs deel aan het kampioenschap, maar clubs die een hele regio vertegenwoordigden. Dit werd echter na één seizoen afgeschaft en in het laatste oorlogsseizoen werd Lyon met 2 punten voorsprong op Bordeaux groepswinnaar. In de finale tegen de noordelijke kampioen FC Rouen moest de club het onderspit delven en verloor met 4-0. Lyon ging niet op zijn elan verder na de oorlog en degradeerde naar de tweede klasse. De volgende seizoenen eindigde de club in de hogere middenmoot.

In mei 1950 besloot men om de voetbal en rugby-afdelingen van elkaar te scheiden. Er kwam ook een scheiding tussen de prof- en amateursectie. De club kreeg een nieuwe naam: Olympique Lyonnais. Armand Groslevin werd de eerste clubpresident. Le LOU bleef bestaan als amateurclub, maar mocht twee seizoenen lang niet deelnemen aan het kampioenschap. Daarna ging de nieuwe club van start, die echter geen beroep mocht doen op de geschiedenis van het vroegere LOU.

Wisselend succes In het eerste seizoen onder de naam Olympique Lyonnais werd meteen de titel behaald, maar Lyon werd te licht bevonden voor de elite en degradeerde meteen terug naar de Division 2. Na een achtste plaats werd de club in 1954 opnieuw kampioen en kon zich nu voor langere periode in de hoogste klasse vestigen. De volgende seizoenen was de club een middenmoter en in 1958 mocht de club voor het eerst Europees spelen in de tweede editie van de Jaarbeursstedenbeker. De eerste Europese confrontatie in San Siro werd meteen een blamage en de club zou het nooit meer slechter doen. Internazionale vernederde de club met 7-0. In de terugwedstrijd kon de club thuis wel gelijk spelen. Ondanks middenmootplaatsen in de competitie werd Lyon ook voor de volgende twee edities geselecteerd, maar werd ook hier telkens in de eerste ronde uitgeschakeld.

Na jaren van middenmootplaatsen werd in 1962/63 voor het eerst de vijfde plaats bereikt. In de beker werd voor het eerst de finale bereikt, maar daarin verloor de club van kampioen Monaco. Omdat Monaco kampioen was mocht Lyon voor het eerst deelnemen aan de beker der bekerwinnaars en bereikte de halve finales. Thuis tegen Sporting Portugal werd het 0-0 en in Lissabon werd het 1-1. Helaas werd de regel dat uitdoelpunten dubbel tellen pas enkele jaren later ingevoerd en ook het penalty's nemen was nog niet gebruikelijk, waardoor er een derde wedstrijd plaatsvond in Madrid die Sporting met 0-1 won van Lyon. Sporting zou de beker uiteindelijk winnen tegen MTK Boedapest. In de competitie werd Lyon vierde en door een 2-0 bekeroverwinning tegen Bordeaux plaatste de club zich opnieuw voor Europees voetbal. Dit keer stopte FC Porto de club al in de eerste ronde. Na nog een zesde plaats het jaar erna belandde de club weer in de middenmoot van de competitie. Na een bekeroverwinning in 1967 tegen FC Sochaux werd er weer Europees gespeeld. In de 1/8ste finales werd Tottenham Hotspur FC uitgeschakeld, maar in de kwartfinale verloor de club van HSV. In 1968 werd de club opnieuw geselecteerd voor de Jaarbeursstedenbeker en bereikte daar de tweede ronde, waar opnieuw een Portugese club de boosdoener was. In de competitie liet de club het al enkele jaren afweten en werden enkel middenmootplaatsen behaald met uitzondering van 1971/72 toen de vijfde plaats behaald werd. Een jaar later won de club de beker tegen FC Nantes en nog een jaar later bereikte Lyon voor het eerst het podium door derde te eindigden in de competitie. Ook in 1974/75 werd de derde plaats bereikt. Europees werd Lyon echter telkens vroeg uitgeschakeld. De volgende jaren speelde de club met wisselend succes, een gevecht tegen degradatie gevolgd door een zevende plaats en in 1980 flirtte de club helemaal met de degradatie toen er een barrage gespeeld moest worden met tweedeklasser Olympique Avignon. Lyon herstelde zich het volgende seizoen met een zesde plaats, maar daarna ging het weer bergaf en in 1982/83 werd de club voorlaatste en degradeerde naar de Division 2 na 29 seizoenen hoogste klasse. Geen enkele andere club speelde op dat moment langer in de hoogste klasse.

De volgende zes seizoenen bracht de club door aan de top van de tweede klasse, maar elk jaar schoot de club net iets te kort om te promoveren. In 1987 werd Jean-Michael Aulas investeerder en zijn ambitie was een Europese kwalificatie binnen de vijf jaar. In 1989 werd de promotie afgedwongen. De club deed het meteen goed en reeds na twee seizoenen Division 1 plaatste de club zich voor Europees voetbal al moest de club al in de tweede ronde van de UEFA Cup het onderspit delven tegen het Turkse Trabzonspor.

De volgende twee seizoenen ging het weer slechter met de club en na een achtste plaats in 1993/94 werd Olympique vicekampioen het seizoen erna. In de UEFA Cup schakelde Lyon SS Lazio uit, maar werd dan in de 1/8ste finales uitgeschakeld door Nottingham Forest FC. In 1997 plaatste Lyon zich via de intertotocup voor de UEFA Cup en bereikte de tweede ronde. Het volgende seizoen bereikte Olympique de kwartfinales en moest daar het onderspit delven tegen Bologna.

De kampioensjaren In 1999 werd door Pathé 15 miljoen euro in de club gestoken. De clubpresident Jean-Michel Aulas besloot van dit geld een aanvaller van grote naam te halen: Sonny Anderson. De Braziliaanse international werd gehaald van FC Barcelona en zou in Lyon uitgroeien een van de meest iconische spelers uit de clubhistorie. Zijn komst bracht een omkeer teweeg bij de club uit Lyon en zorgde ervoor dat O.L. in het seizoen 2000/2001 eindigde als vice-kampioen, vlak achter FC Nantes.

Seizoen Comp. Beker Europa 2000/01 2e 1/4 2R CL 2001/02 1e 1/16 1/8 UC 2002/03 1e 1/32 1/16 UC 2003/04 1e 1/8 1/4 CL 2004/05 1e 1/8 1/4 CL 2005/06 1e 1/4 1/4 CL 2006/07 1e 1/8 1/8 CL 2007/08 1e winnaar 1/8 CL 2008/09 3e 1/8 1/8 CL 2009/10 2e 1/16 1/2 CL 2010/11 3e 2011/12 4e Vanaf dat seizoen begon Olympique Lyonnais in rap tempo te groeien. De club domineerde de Ligue 1 in de beginjaren van de 21e eeuw door zeven maal op rij het Frans landskampioenschap te winnen. Een belangrijke sleutelspeler van Lyon in de beginjaren van de jaren '00 was de populaire middenvelder Juninho Pernambucano, die met zijn befaamde vrije trappen een zeer groot aandeel had in de successen. Met het aantrekkelijke aanvallende en flitsende spel, kreeg de club in Europees verband steeds meer aanzien. Er werden in zes jaar tijd veel prachtige overwinningen geboekt tegen clubs als Real Madrid CF (3-0), Celtic (3-2), PSV Eindhoven (4-0), Bayern München (2-1), Olympiakos Piraeus (4-1), Fenerbahçe (4-2) en Werder Bremen (7-2). Dit zorgde ervoor dat veel voetbalkenners, waaronder Willem van Hanegem, enkele jaren achtereenvolgens Olympique Lyonnais als Champions League-finalist voorspelden. Olympique Lyonnais kwam echter niet verder dan de kwartfinales, maar wist zich wel te scharen bij de Europese topclubs.

Onder leiding van hoofdtrainer Alain Perrin won l'O.L. in 2008 zowel de Ligue 1 als de Coupe de France. Desondanks speelde Lyon de laatste competitiewedstrijden zeer moeizaam en waren er spanningen in de spelersgroep. Dit leidde tot controverses tussen clubpresident Jean-Michel Aulas en Bernard Lacombe enerzijds en Alain Perrin anderzijds. De controverse leidde tot het vertrek van Perrin. Aan het einde van het seizoen vertrokken nog tien spelers, mede als gevolg van de interne spanningen. Tijdens het Europees kampioenschap voetbal van 2008 was Olympique Lyonnais hofleverancier van het toernooi door tien contractspelers te leveren aan de deelnemende landen.

Op 18 juni 2008 werd Claude Puel aan de pers gepresenteerd als de nieuwe hoofdtrainer van Olympique Lyonnais. Voor het seizoen 2008/09 lagen de verwachtingen bij de zevenvoudig landskampioen torenhoog. Na het vertrek van tien selectiespelers, had Lyon voor miljoenen euro's aan talentvolle, maar relatief onervaren, spelers gekocht, waaronder Hugo Lloris, Miralem Pjanić, Jean II Makoun en John Mensah. Ondanks een voortvarend begin, eindigde Lyon met moeizaam spel op een teleurstellende derde plaats in de competitie en werd het uitgeschakeld in de achtste finale van de UEFA Champions League tegen FC Barcelona, de uiteindelijke winnaar van het toernooi. In de competitie wist Girondins de Bordeaux de hegemonie van Olympique Lyonnais na zeven jaar te doorbreken.

Na een verversing van bijna een derde van de spelersgroep, waarbij onder meer Kader Keïta, Karim Benzema en clubicoon Juninho Pernambucano vertrokken, besloot de directie voor het seizoen 2009/10 opnieuw te investeren in versterkingen. De eerste grote aankoop die La Reine deed was Lisandro López, die voor 24 miljoen euro de duurste aankoop werd uit de historie van l'OL. Andere grote aankopen voor dat seizoen waren Michel Bastos, Aly Cissokho en Bafétimbi Gomis, waardoor Lyon in de zomer van 2009 een slordige 72 miljoen euro in de selectie pompte om de club weer naar het landskampioenschap te loodsen en een rol van betekenis te laten spelen in Europa. De nieuwkomers hadden zich snel aangepast, waardoor l'OL zakelijker speelde en meer gericht op strijd dan op het individualisme.Voetbal International - Olympique Lyon, succesvol met zakelijk karakter, 21 oktober 2009.