Joannes Joannes-Baptista Maria Ignatius van Nijlen (Antwerpen, 10 november 1884 – Vorst, 14 augustus 1965) was een Vlaamse ambtenaar, dichter en essayist. Van Nijlen verhuisde vaak, maar woonde wel lang in Ukkel bij Brussel. Hij is alom bekend geworden door de zin Bestijg den trein nooit zonder Uw valies met droomen, dan vindt g'in elke stad behoorlijk onderkomen... uit het gedicht Bericht aan de reizigers dat voor het eerst in de bundel Geheimschrift (1934) verscheen.
Dit gedicht werd op 18 maart 2011 aangebracht in het treinstation Antwerpen Centraal. De eerste gels luiden: Bericht aan de reizigers Bestijg de trein nooit zonder uw valies met dromen, dan vindt ge in elke stad behoorlijk onderkomen.
Van Nijlen werkte als bediende in een boekhandel en als journalist. Daarna werd hij vertaler bij het ministerie van Justitie.
Hij had meerdere literaire relaties in Nederland: Jacques Bloem, Du Perron, Jan Greshoff en Pierre H. Dubois. Jan van Nijlen correspondeerde met de Zuid-Afrikaanse dichteres Elisabeth Eybers die hij eind de jaren 1950 leerde kennen.
Bibliografie 1906 - Verzen 1909 - Het licht (Digitale versie) 1911 - Naar 't geluk 1914 - Negen verzen 1918 - Francis Jammes (essay) (Digitale versie) 1919 - Charles Péguy. Met bijdragen uit het werk van Charles Péguy in het Frans (essay) (Digitale versie) 1923 - Het aangezicht der aarde 1924 - De lokstem en andere gedichten (Digitale versie) 1924 - Zeven gedichten 1928 - De vogel Phoenix 1929 - Heimwee naar het zuiden 1934 - Geheimschrift 1934 - Gedichten : gekozen uit zijn bundels.. en uitgeg. ter gelegenheid van zijn 50e verjaardag 10 november 1934 1938 - Gedichten 1904-1938 (Digitale versie) 1938 - Het oude kind (Digitale versie) 1941 - Betooverd Bosch (tekening: Jan Roede, Orpheus-serie nr. 10 1947 - De dauwtrapper 1948 - De slaapwandelaar 1955 - Herinneringen aan E. du Perron nr. 10 1957 - Te laat voor deze wereld 1959 - Als je de weg maar weet. Een boek vol vakantietips .... Teksten: Jan van Nijlen, S. Carmiggelt ... et al. 1964 - Verzamelde gedichten 1903-1964. Herz. en verm. uitg. Bevat: 1. Eerste verzen; 2. Naar 't geluk- 1911 ; 3. Het aangezicht der aarde. 1923; 4. De lokstem. 1925; 5. De vogel Phoenix. 1928; 6. Geheimschrift. 1934; 7. Het oude kind. 1938; 8. Berijmde prenten uit het aards paradijs; 9. De dauwtrapper. 1947; 10. De slaapwandelaar. 1948; 11. Te laat voor deze wereld. 1957; 12. Mijn makker uil; 13. Soms met een vriend 1966 - Druilende burgerij, Jeugdherinneringen van een eenzelvig man
Vertalingen 1916 - Uren met Montaigne. Een keur van stukken uit zijne werken, vertaald en van een inleiding en aanteekeningen voorzien door Jan van Nijlen 1917 - De badplaats Mont-Oriol. Bew. van: Mont Oriol door Guy de Maupassant, 1887
Literaire prijzen
Literatuur 1956 - C. Bittremieux. De dichter Jan van Nijlen. Een commentaar Stefan van den Bossche, De wereld is zoo schoon waarvan wij droomen. Jan Van Nijlen. Biografie, Lannoo, Tielt, 2005
Externe link
Categorie:Vlaams dichter