De gewone krulzoom (Paxillus involutus) is een paddenstoel uit de familie Paxillaceae. De soort vormt ectomycorrhiza met verschillende loof- en naaldbomen. De gewone krulzoom is giftig en kan in zeldzame gevallen een ernstige, potentieel dodelijke hemolyse veroorzaken.

Taxonomie De naam Paxillus involutus werd in oudere literatuur in ruime zin gebruikt voor meerdere sterk gelijkende krulzomen. Moleculair onderzoek heeft aangetoond dat het Europese P. involutus-complex uit verschillende soorten bestaat. Naast P. involutus sensu stricto worden onder meer Paxillus ammoniavirescens, Paxillus obscurisporus en Paxillus cuprinus onderscheiden. Hierdoor kunnen oudere waarnemingen en beschrijvingen onder de naam P. involutus gedeeltelijk betrekking hebben op andere soorten uit dit complex.

Kenmerken Uiterlijke kenmerken Hoed De hoed is gewoonlijk ongeveer 4–12 cm breed. Hij is aanvankelijk gewelfd en wordt later uitgespreid tot duidelijk ingedeukt, vaak met een brede verhoging in het centrum van de indeuking. De hoedrand is vooral bij jonge vruchtlichamen sterk ingerold. Het oppervlak is aanvankelijk viltig en kan bij vochtig weer enigszins slijmerig of kleverig zijn. De kleur varieert van grijsbruin en leemkleurig bruin tot roestbruin of okerbruin.

Lamellen De lamellen staan dicht opeen en lopen sterk af langs de steel. Ze zijn vaak gevorkt en kunnen onderling door dwarsverbindingen verbonden zijn. Ze zijn aanvankelijk bleekgeel tot geeloker en verkleuren bij kneuzing roodbruin tot donkerbruin.

Steel De steel is ongeveer 4–8 cm lang en 0,9–1,8 cm dik. Hij is meestal vrijwel cilindrisch, maar kan enigszins gebogen zijn. De steel is aanvankelijk bleek en verkleurt vooral vanaf de basis roodbruin. Aan de basis kunnen rhizomorfen aanwezig zijn.

Vlees, geur en smaak Het vlees verkleurt na beschadiging vrij snel roodbruin in de steel. In de hoed is de verkleuring zwakker en kan deze aanvankelijk geelachtig tot saffraankleurig zijn. De geur wordt in de moderne soortbeschrijving als duidelijk en fruitig beschreven.

Sporenprint De sporenprint is okerkleurig tot okerbruin, bij verse sporenafdrukken soms met een zwak roodachtige tint.

Microscopische kenmerken Sporen De sporen zijn glad en ellipsvormig tot enigszins amandelvormig. Ze meten volgens de moderne beschrijving van P. involutus sensu stricto (6,4–)6,9–8,8(–9,8) × (4,6–)4,7–5,4(–5,6) µm. De mediane lengte-breedteverhouding (Q) bedraagt ongeveer 1,52. Een insnoering nabij de top is zeldzaam en, indien aanwezig, weinig duidelijk.

Cystiden De cystiden van het hymenium zijn ongeveer 50–73 × 9–14 µm groot en zijn voornamelijk min of meer cilindrisch tot spoelvormig. Cheilocystiden zijn talrijk, terwijl pleurocystiden minder algemeen zijn.

Hoedhuid De pileipellis bestaat uit een overgang van een cutis naar een trichoderm en is slechts zwak gegelatineerd. De hyfen zijn ongeveer 4,8–7 µm breed. Gespen zijn aanwezig.

Chemische reacties Bij toepassing van geconcentreerde ammoniak op het hoedoppervlak ontstaat bij P. involutus een roodbruine verkleuring. Een groene reactie ontbreekt. Een duidelijke groene reactie met geconcentreerde ammoniak is kenmerkend voor Paxillus ammoniavirescens en kan helpen deze soort van de gewone krulzoom te onderscheiden.

Ecologie De gewone krulzoom is een ectomycorrhizavormende schimmel. Paxillus involutus sensu stricto is aangetroffen bij zowel naaldbomen, waaronder spar (Picea), zilverspar (Abies) en den (Pinus), als loofbomen zoals berk (Betula), eik (Quercus) en beuk (Fagus).

In het onderzoek waarin P. involutus sensu stricto opnieuw werd afgebakend, werd de soort vooral in gesloten, beboste habitats gevonden. Dit verschilt van enkele andere soorten uit het P. involutus-complex, die vaker in parken, gazons, bermen en andere open terreinen voorkomen.

In Nederland wordt de soort in de Verspreidingsatlas als ectomycorrhizavormer vermeld. Wanneer nauw verwante krulzomen niet met voldoende zekerheid van elkaar kunnen worden onderscheiden, kan een vondst als Paxillus involutus sensu lato worden opgegeven.NMV Verspreidingsatlas Paddenstoelen – Gewone krulzoom

De vruchtlichamen verschijnen voornamelijk van de zomer tot in de herfst.

Verspreiding Paxillus involutus sensu stricto is aangetoond in een groot deel van Europa, waaronder Frankrijk, België, Groot-Brittannië, Nederland, Zweden, Noorwegen en Tsjechië. De soort is ook uit Noord-Amerika bekend.

In Nederland is de gewone krulzoom algemeen.

Bij historische verspreidingsgegevens moet rekening worden gehouden met de veranderde taxonomische afbakening van de soort. Vondsten die vroeger als P. involutus werden geregistreerd, kunnen in sommige gevallen betrekking hebben op andere soorten uit het complex.

Giftigheid De gewone krulzoom werd vroeger in sommige landen gegeten, onder de veronderstelling dat voldoende verhitting de paddenstoel veilig maakte. Inmiddels is bekend dat ook na consumptie van goed bereide vruchtlichamen ernstige vergiftiging kan optreden. Vooral na herhaalde consumptie is een zeldzaam maar ernstig ziektebeeld beschreven dat bekendstaat als het 'paxillussyndroom'.

Bij dit syndroom kan na de maaltijd een snelle hemolyse optreden waarbij rode bloedcellen in de bloedbaan worden afgebroken. Daarbij zijn onder andere misselijkheid, braken, diarree, buikpijn, circulatoire shock, hemoglobinurie, stollingsstoornissen en acuut nierfalen beschreven.

Bij patiënten zijn antistoffen tegen bestanddelen van P. involutus en immuuncomplexen aangetoond. Een voorgesteld mechanisme is dat dergelijke complexen zich aan rode bloedcellen hechten en via activering van het complementsysteem intravasculaire hemolyse veroorzaken. Het precieze mechanisme van het 'paxillussyndroom' is echter nog niet volledig opgehelderd en mogelijk spelen individuele gevoeligheidsfactoren een rol.

Er bestaat geen eenvoudige specifieke behandeling voor het syndroom. Ernstige vergiftigingen vereisen behandeling in het ziekenhuis. In een gepubliceerd geval werd ernstige hemolyse met nierfalen behandeld met plasmaferese en hemodialyse.

Gelijkende soorten De gewone krulzoom behoort tot een complex van sterk gelijkende soorten. Bij de determinatie kunnen onder andere de volgende kenmerken van belang zijn:

De grote krulzoom (Paxillus ammoniavirescens) vertoont een groene reactie van het hoedoppervlak met geconcentreerde ammoniak en heeft vaak helderdere geelachtige tot oranjebruine tinten. Paxillus obscurisporus vormt doorgaans grotere vruchtlichamen, die soms in bundels groeien, en heeft een duidelijk donkerder roodbruine tot wijnbruine sporenprint. Paxillus cuprinus groeit vooral in open terreinen bij bomen uit de berkenfamilie en heeft gewoonlijk sporen met een duidelijkere en regelmatig aanwezige insnoering nabij de top. De elzenkrulzoom (Paxillus rubicundulus) is vooral met els geassocieerd en behoort niet tot het P. involutus-complex in enge zin.

Zie ook Elzenkrulzoom Lijst van giftige paddenstoelen

Foto's

Externe link SoortenBank.nl – beschrijving en afbeeldingen

Referenties

Categorie:Paxillaceae Categorie:Schimmelsoort