miniatuur|Gedenkteken bij het kantoor van de Koninklijke Nederlandse Zoutindustrie in Delfzijl, 1971 miniatuur|Deze zouthuisjes zijn een bekende verschijning in de omgeving van Hengelo en Boekelo. Hierin bevindt zich de pompinstallatie waarmee het zout wordt gedolven. AkzoNobel is een Nederlandse multinational met activiteiten op het gebied van verven en lakken. Het hoofdkantoor bevindt zich in Amsterdam. Over 2025 bedroeg de geconsolideerde omzet ruim € 10 miljard en de onderneming is actief in meer dan 80 landen. Op 18 november 2025 maakte het bestuur bekend te gaan fuseren met de Amerikaanse verffabrikant Axalta.
Activiteiten AkzoNobel is een producent van verf en coatings. Het bedrijf verkoopt wereldwijd waarvan 50% in Europa, Midden-Oosten en Afrika, een vijfde in Noord- en Zuid-Amerika en een derde in Azië. De omzet in Nederland is minder dan 5% van het totaal.
De aandelen van het bedrijf zijn genoteerd aan de Euronext Amsterdam effectenbeurs. Het maakt onderdeel uit van de AEX aandelenindex. Per eind 2023 was 72% van de aandelen in handen van Amerikaanse en Britse beleggers, het aandeel van Nederlandse beleggers is dermate klein dat het niet apart wordt vermeld.
Decoratieve verven Het bedrijf is een wereldwijd toonaangevende verfleverancier met bekende namen zoals Flexa, Sikkens, Dulux, CetaBever en Hammerite. Dit segment maakte in 2023 zo'n 40% van de totale omzet uit. De groep decoratieve verven bestaat uit de volgende onderverdeling: South East and Southern Asia & Middle East China & North Asia North West Europe Eastern and Southern Europe & Africa Latin America
Coatings De groep coatings levert verven en lakken voor gespecialiseerde doeleinden aan professionele gebuikers zoals scheepsbouwers, vliegtuig- en autofabrikanten. Dit onderdeel bestaat uit de volgende strategic market units (SMU's): Specialty Coatings - onder andere Yacht, Aerospace, Automotive en Consumer Electronics Vehicle Refinishes - lakken voor de automobielindustrie Wood Coatings Metal Coatings Powder Coatings Marine Coatings Protective Coatings
Bekende merken zijn onder andere Sikkens, International, Herbol, Trimetal en Interpon. Deze producten zijn gebruikt op onder andere het reuzenrad London Eye in Londen, het operagebouw La Scala in Milaan en de Sontbrug tussen Denemarken en Zweden.
Resultaten In 2012 leed AkzoNobel een fors verlies vanwege een eenmalige afboeking van ruim € 2,5 miljard op de waarde van de verfactiviteiten. Door de economische malaise en de crisis in de bouw was er minder vraag naar verf. De omzetdaling in 2018 is toe te schrijven aan de verkoop van de groep specialistische chemicaliën Nouryon en in 2018 kwam de winst hierdoor eenmalig fors hoger uit.
JaarDiverse jaarverslagen van AkzoNobel Omzet Nettoresultaat 2001 € 14,11 miljard € 671 miljoen 2002 € 14,00 miljard € 818 miljoen 2003 € 13,05 miljard € 602 miljoen 2004 € 12,83 miljard € 945 miljoen 2005 € 13,00 miljard € 961 miljoen 2006 € 10,02 miljard € 715 miljoen 2007 € 10,22 miljard € 410 miljoen 2008 € 15,42 miljard € −1080 miljoen 2009 € 13,03 miljard € 285 miljoen 2010 € 14,64 miljard € 754 miljoen 2011 € 15,70 miljard € 541 miljoen 2012 € 15,39 miljard € −2169 miljoen 2013 € 14,59 miljard € 724 miljoen 2014 € 14,30 miljard € 618 miljoen 2015 € 14,86 miljard € 1066 miljoen 2016 € 14,20 miljard € 970 miljoen 2017 € 14,75 miljard € 832 miljoen 2018 € 9,26 miljard € 6674 miljoenInclusief verkoopwinst en € 410 miljoen exclusief verkoopwinst Nouryon 2019 € 9,28 miljard € 539 miljoen 2020 € 8,53 miljard € 630 miljoen 2021 € 9,59 miljard € 829 miljoen 2022 € 10,85 miljard € 352 miljoen 2023 € 10,67 miljard € 442 miljoen 2024 € 10,71 miljard € 542 miljoen 2025 € 10,16 miljard € 635 miljoen
Geschiedenis Akzo AkzoNobel is in de loop van meer dan twee eeuwen ontstaan uit een aantal verschillende 'voorouders'. De kern ligt bij de Koninklijke Nederlandse Zoutindustrie (KNZ), opgericht in 1918. Doel van KNZ was: "het winnen van zout, de vervaardiging van chemische producten waartoe zout als bestanddeel nodig is en het drijven van handel in haar grondstoffen en producten". Dit heeft de basis gevormd voor alle latere fusies tot AKZO.
Na 1960 vond een reeks fusies plaats: met Ketjen (in 1961), met Sikkens (in 1962), in 1967 met Organon. Het bedrijf ging toen KZO heten. In 1969 sloot Algemene Kunstzijde Unie (AKU) zich daarbij aan en was AKZO geboren.
De oudste voorloper binnen de diverse fusiepartners in Nederland is Sikkens, de fabriek van verven en lakken die in 1792 van start ging in Groningen. Later kwamen er via verschillende fusies namen – en binnen die namen hun voorgangers – bij als: Nederlandse Kunstzijdefabriek Enka (1911), NV Internationale Spinpot Exploitatie Maatschappij (1926-1938), Zwanenberg (1887), Organon (1923, in 2007 weer afgestoten), Kortman & Schulte, Noury & van der Lande (1838), Duyvis (1961, in 1987 weer afgestoten), de Koninklijke Zwavelzuurfabrieken voorheen Ketjen (1835), Bemberg (1792), Vereinigte Glanzstoff Fabriken (1899), Koninklijke Nederlandse Zoutindustrie (1918), de Nederlandsche Cocaïnefabriek, Chefaro (1968, in 2001 weer afgestoten)
Na de fusie tot het bedrijf AKZO – een mammoetconcern voor Nederlandse begrippen in die tijd met meer dan 100.000 medewerkers wereldwijd – werden de stappen steeds groter en de blik ging steeds verder de grens over. Er verdwenen ook regelmatig bedrijven, producten en merken die niet echt bij AKZO pasten of verlieslatend waren. De rode draad door de geschiedenis van het concern is de diversificatie om kwetsbaarheid op te vangen in de productportfolio. Daarnaast was spreiding van R&D-kosten daarmee mogelijk. Op enig moment wilde men zich verder specialiseren in de farmaceutische industrie, maar later zouden coatings (verf) de kernactiviteit gaan vormen.
Akzo Nobel Akzo Nobel werd in 1994 gevormd door overname van Nobel Industries door AKZO. Nobel Industries was in 1984 ontstaan uit een fusie van KemaNobel en Bofors. Dit bedrijf maakt onder meer hulpchemicaliën voor de papierindustrie.
In 1998 werd het Britse Courtaulds ingelijfd, een grote producent van coatings en vezels. Akzo Nobel behoort nu tot de grootste producenten van coatings ter wereld. De kunstvezelbedrijven van Courtaulds en Akzo Nobel werden samengevoegd onder de nieuwe naam Acordis en een jaar later verkocht aan CVC Capital Partners voor ƒ 1,8 miljard. De vezeldivisie Acordis draaide al jaren slecht. Via herstructureringen, goedkopere personeelsvoorzieningen, reorganisaties waarbij duizenden mensen hun baan verloren, en het overhevelen van werk naar Polen poogde Akzo Nobel de resultaten te verbeteren, maar dit had onvoldoende gevolg. Op het moment van verkoopt telde Acordis 18.000 werknemers, waarvan 4000 in Nederland. Acordis had verder vestigingen in Duitsland, het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten, Brazilië, Italië, Spanje en Portugal. De omzet bedroeg ƒ 5 miljard. Korte tijd na de overname verkocht CVC het meest winstgevende onderdeel Twaron BV aan Teijin.
Op 7 september 2006 gaven de aandeelhouders toestemming voor het splitsen van Akzo Nobel in Akzo Nobel (verven en lakken, en chemische producten) en Organon BioSciences (geneesmiddelen). Dit alles had te maken met het feit dat men zich ging concentreren op kernactiviteiten zoals coatings. De geneesmiddelengroep van Akzo Nobel bestond uit Organon, Intervet, Nobilon en Diosynth. Deze bedrijven zouden aanvankelijk gezamenlijk verdergaan als een beursgenoteerde bedrijf, maar Akzo Nobel werd benaderd door een Amerikaanse farmaceut voor de beursnotering een feit werd. In maart 2007 werd de verkoopintentie bekendgemaakt en Schering-Plough betaalde 11 miljard euro voor de activiteiten.NRC Handelsblad Akzo Nobel verkoopt Organon, 12 maart 2007, geraadpleegd op 6 februari 2014 Schering-Plough is sterk op het gebied van anesthesie, cholesterolverlagers en medicijnen tegen gewrichtsontstekingen en telde in 2006 33.500 werknemers. Organon is vooral gespecialiseerd in anticonceptie en vruchtbaarheidsbehandelingen. Die activiteiten zouden vooralsnog in Oss blijven. Bij Organon werkten 18.500 mensen. Beide bedrijven zijn sterk in diergeneesmiddelen en deze activiteit wordt geleid vanuit Boxmeer.
Op 20 augustus 2007 waren Akzo Nobel en het Britse concern ICI het eens over de overname van ICI door Akzo Nobel, met de bedoeling om de coatingsafdelingen bij elkaar te voegen en de niet bij de kernactiviteiten passende onderdelen te verkopen. De verfafdeling van ICI heet Dulux. Akzo Nobel groeide daarbij uit tot de grootste verffabrikant ter wereld. Bij de overname werd samengewerkt met Henkel, dat geïnteresseerd was in de afdelingen kleefstoffen en chemicaliën voor de elektronische industrie. Gevreesd werd dat bij dit alles massa-ontslagen zouden vallen. Om de goedkeuring van de Europese Commissie te bekomen voor de overname van ICI diende Akzo Nobel verschillende van zijn verfmerken geheel of gedeeltelijk te verkopen. Zo werd Crown Paints verkocht in een management buy-out, en het Belgische De Keyn en Linitop aan de Franse groep Durieu.
AkzoNobel In 2008 werd Akzo Nobel omgedoopt tot AkzoNobel en werd een nieuw logo geïntroduceerd.
In december 2012 maakte AkzoNobel bekend de Decorative Paints activiteiten in Noord-Amerika te gaan verkopen aan PPG Industries.AkzoNobel persbericht, Verkoop decoratieve verf in Noord Amerika, 14 december 2012, geraadpleegd op 23 december 2012. Gearchiveerd op 27 december 2012. Deze activiteit behaalde in 2011 een omzet van US$ 1,5 miljard, dat is ongeveer 7% van de totale omzet, telde ongeveer 5000 werknemers verspreid over acht fabrieken. PPG Industries gaat hiervoor US$ 1,05 miljard betalen. AkzoNobel blijft wel met Performance Coatings en Specialty Chemicals actief in deze markt. De verkoop is een gevolg van een strategische keuze om alleen actief te zijn in belangrijke markten in Europa en waar AkzoNobel hoge groei van Decorative Paints verwacht.
In februari 2016 kocht AkzoNobel de 'industrial coatings'-divisie van BASF voor € 475 miljoen.Het Financieele Dagblad AkzoNobel koopt coatingsdivisie van Duits Basf, 17 februari 2016, geraadpleegd op 12 april 2016. Gearchiveerd op 6 april 2016. De divisie heeft een jaaromzet van circa € 300 miljoen. Naast alle technologieën, patenten en handelsmerken worden ook twee fabrieken overgenomen waarvan één in het Verenigd Koninkrijk en één in Zuid-Afrika. Deze transactie werd in december 2016 afgerond.
Bij AkzoNobel vonden in 2013 en 2015 milieu-incidenten plaats, zoals ontsnapping van chloorgas, lekkage van zoutzuur en lozing van onbekende stoffen. In 2017 is het bedrijf hiervoor veroordeeld met een boete van 100.000 euro.Chemiebedrijf AkzoNobel moet ton boete betalen, AD, Leon van Heel, 16 november 2017 14:59 (update 15:06). Geraadpleegd 29 mei 2018. Gearchiveerd op 29 mei 2018.
In maart 2017 deed PPG Industries een bod op alle aandelen AkzoNobel.Het Financieele Dagblad AkzoNobel wijst bod van rivaal PPG 'resoluut' af, 9 maart 2017, geraadpleegd op 12 maart 2017. Gearchiveerd op 19 december 2021. PPG bood ongeveer € 83 per aandeel in geld en aandelen, of € 21 miljard in totaal. Het bestuur van AkzoNobel noemde het voorstel 'ongevraagd' en niet in het belang van aandeelhouders, klanten en medewerkers. Het bod werd resoluut afgewezen. De top 10 verf- en lakproducenten, inclusief AkzoNobel en PPG, heeft zo’n 57% van de wereldmarkt in handen en de rest is verdeeld over circa 7500 bedrijven. AkzoNobel zoekt zelf ook naar overnamekandidaten en om deze acquisities te betalen overweegt AkzoNobel de afsplitsing van de divisie Specialistische chemicaliën. Dit bedrijfsonderdeel vertegenwoordigt ongeveer een derde van de totale omzet.