Luitzen Walles (Luutzen) de Vries (Kortezwaag, 7 september 1849 – Utrecht, 2 mei 1928) was een Nederlands politicus.
De Vries werd geboren en groeide op te Kortezwaag als zoon van landbouwer Walle Siebrens de Vries en Geertje Luitzens Bies. Hij daarna op meerdere plekken als boerenknecht door Friesland. In 1881 trouwde De Vries in de gemeente Barradeel met Neeltje Tjessinga. Samen gingen ze wonen te Minnertsga waar hij een eigen landbouwbedrijf begon.
De Vries was een Friese antirevolutionair die eind negentiende eeuw Tweede Kamerlid en begin twintigste eeuw Eerste Kamerlid was. Hij begon bij de gemeenteraad van Barradeel eerst als wethouder en werd later burgemeester. Hij werd als antirevolutionair in Schoterland in 1888 door Domela Nieuwenhuis verslagen, maar enige tijd later in het district Bergum alsnog gekozen. Later was De Vries actief in de Bond van Friese christelijk-historischen en hij werd in 1922 Eerste Kamerlid voor de CHU. Hij was een lokale grootheid, die vooral als streekafgevaardigde optrad.
Categorie:Politicus voor de antirevolutionairen Categorie:Politicus voor de Anti-Revolutionaire Partij Categorie:Politicus voor de Vrij-Antirevolutionaire Partij Categorie:Politicus voor de Christelijk-Historische Unie Categorie:Nederlands politicus in de 20e eeuw Categorie:Tweede Kamerlid Categorie:Eerste Kamerlid Categorie:Burgemeester van Barradeel