Het arrest Cadbury Schweppes is een uitspraak van het Europees Hof van Justitie van 12 september 2006 (zaak C-196/04), inzake: belastingheffing bij het moederbedrijf over inkomsten van dochterondernemingen die in een andere lidstaat zijn gevestigd, terwijl het moederbedrijf een controlerend belang heeft in die dochters (gecontroleerde buitenlandse vennootschap).

Casus Cadbury Schweppes plc is het Engelse moederbedrijf van de Cadbury Schweppes-groep. De groep had dochterondernemingen in het International Financial Services Centre (IFSC) in Dublin, met een zeer gunstig fiscaal regiem: in 1996 werd slechts 10% van de winst belast De winst uit deze interne financiering werd volgens het lage tarief belast. Dat was juist de bedoeling.

Door dit lage tarief viel de belastbare winst van de Ierse dochterondernemingen onder Britse belastingwetgeving.

Rechtsvraag Is een dergelijke belastingaanslag in strijd met het gemeenschapsrecht? (Ja.)

Uitspraak Hof De Engelse belastingdienst is in het ongelijk gesteld.

Tot besluit Vergelijk het arrest Kamer van Koophandel/Inspire Art. In beide gevallen gaat het om: aanvullende wetgeving als maatregel tegen het ontduiken van bepaalde regels van nationale wetgeving, terwijl die aanvullende wetgeving in strijd is gebleken met het beginsel van vrije vestiging van een vennootschap.

Cadbury Schweppes Categorie:Belastingrecht (Europese Unie)