De slag bij Lookout Mountain vond plaats op 24 november 1863 tijdens de Chattanoogaveldtocht tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog. Noordelijke eenheden onder leiding van generaal-majoor Joseph Hooker voerden een aanval uit op de Zuidelijke stellingen op Lookout Mountain. De Zuidelijke verdedigers werden aangevoerd door generaal-majoor Carter L. Stevenson. Deze slag maakt deel uit van de strijd tussen generaal-majoor Ulysses S. Grants Military Division of the Mississippi en het Zuidelijke Army of Tennessee onder leiding van generaal Braxton Bragg. Dankzij de succesvolle aanval van Hooker werd de Zuidelijke linkerflank teruggedreven. Zo kreeg Hooker de volgende dag de kans om te assisteren in de Slag bij Missionary Ridge. Dit zou leiden tot de nederlaag van Bragg, het doorbreken van het beleg van Chattanooga en het openbreken van de deur naar het hartland van de Zuidelijke staten.
Achtergrond Na de desastreuze nederlaag in de Slag bij Chickamauga trok het 40.000 man tellende Noordelijke Army of the Cumberland, onder leiding van generaal-majoor William Rosecrans, zich terug binnen de verdedigingswerken rond Chattanooga. Bragg sloeg het beleg voor de stad en probeerde de vijand uit te hongeren. De Zuidelijken namen strategische stellingen in op Missionary Ridge en Lookout Mountain. Beide locaties boden een zeer goed zicht op de stad, de Tennessee en dus ook de Noordelijke bevoorradings- en communicatielijnen. Lookout Mountain was een heuvelrug of small plateau die zich nog 137 km verder in zuidoostelijke richting uitstrekte langs de Tennessee. Deze heuvelrug eindigde in een scherpe piek die 600 m boven de rivier uitstak. Vanaf de rivier rees de berg in een hoek van 45° tot op ongeveer 400 m hoogte. Daar bevond zich een richel die ongeveer 50 tot 100 m breed was en die zich rond de bergtop slingerde. Boven de richel verrees een 200 m hoge rotspiek die bekendstond als de "palisades". Zuidelijke artillerie op Lookout Mountain controleerde de toegang tot de rivier. De Zuidelijke cavalerie gebruikte de berg als basis om raids uit te voeren op de vijandelijke bagagetreinen. Dit dwong de Noordelijken om alternatieve routes te zoeken om hun belegerde stad te bevoorraden.Cozzens, pp. 15-16.
Gealarmeerd door de dreigende nederlaag stuurde de Noordelijke regering versterkingen. Op 17 oktober werd generaal-majoor Ulysses S. Grant benoemd tot bevelhebber van de westelijke legers. Deze werden gegroepeerd onder de naam Military Division of the Mississippi. Grant verving Rosecrans door generaal-majoor George H. Thomas.Woodworth, Six Armies, pp. 148-49.
Thomas voerde een verrassingsaanval uit op Brown’s Ferry op 27 oktober. Zo werd de Tennessee heropend. Hierlangs kon Thomas 20.000 soldaten versterking ontvangen onder leiding van generaal-majoor Joseph Hooker. Deze soldaten maakten deel uit van het Army of the Potomac. Chattanooga ontving nu de broodnodige versterkingen en voorraden via de zogenaamde "Cracker Line". Om dit Noordelijke succes te dwarsbomen, stuurde Bragg luitenant-generaal James Longstreet eropuit om de Noordelijken uit Lookout Valley te verjagen en zo de Craker Line te blokkeren. Dit resulteerde in de Slag bij Wauhatchie op 28 oktober en 29 oktober. Dit was een van de weinige confrontaties die ‘s nachts plaatsvond. De Zuidelijke aanval werd afgeslagen en de Craker Line was opnieuw veilig.Woodworth, Six Armies, pp. 159-67; McDonough, pp. 76-94; Eicher, pp. 602-04.
Op 12 november kreeg generaal-majoor Carter L. Stevenson van Bragg het algemeen bevel over de Zuidelijke stellingen op en rond Lookout Mountain. Stevenson plaatste zijn eigen divisie op de top van de berg. De brigades van brigadegeneraals John K. Jackson, Edward C. Walthall en John C. Moore werden op de richel gepositioneerd. Jackson zou later zijn ongenoegen over zijn stellingen toevertrouwen aan papier. Hij schreef: "Iedereen was het erover eens dat de toegewezen stellingen zeer moeilijk te verdedigen waren tegen een sterke vijand die zou oprukken onder dekking van zwaar ondersteuningsvuur."Cozzens, p. 117. Hoewel Stevenson een artilleriebatterij op de top de berg zette, was het onmogelijk voor de kanonniers om hun stukken zodanig naar beneden te richten dat ze nog enige schade aan de vijand konden toebrengen.Connelly, p. 270; McDonough, pp. 134-35.
Generaal-majoor William T. Sherman arriveerde in het midden van november met 20.000 soldaten van de Army of the Tennessee uit Vicksburg. Het Noordelijke strijdplan bestond uit een dubbele aanval op Braggs stellingen. De hoofdaanval zou uitgevoerd worden door Sherman en was gericht op het noordelijke uiteinde van Missionary Ridge. Thomas zou als ondersteuning van Shermans aanval het vijandelijke centrum benaderen. Hooker zou Lookout Mountain innemen en via Chattanooga Valley de ontspanningsroute van de Zuidelijken blokkeren. Grant trok zijn steun voor een grote aanval op Lookout Mountain terug in zodat hij nog meer manschappen ter beschikking had voor Shermans aanval.Woodworth, Six Armies, p. 172; McDonough, pp. 108-09.
Op 23 november waren Shermans eenheden klaar om de Tennessee over te steken. Thomas kreeg het bevel om tot halverwege Missionary Ridge op te rukken om de sterkte van de vijandelijke slaglinie te bepalen. Zo hoopte Grant dat Bragg geen troepen zou wegnemen om Longstreet te helpen bij de aanval op generaal-majoor Ambrose Burnside bij Knoxville. Thomas stuurde 14.000 soldaten in paradepas naar voren. Ze verjoegen de Zuidelijke voorposten bij Orchard Knob en namen dit heuveltje in.Woodworth, Six Armies, pp. 180-81; McDonough, pp. 110-16; Hebert, p. 263; Eicher, pp. 605-06.
Verrast door het manoeuvre van Thomas op 23 november paste Bragg zijn strategie aan om het gevaar voor zijn centrum te verminderen. Hij riep alle eenheden terug die hij naar Knoxville had gestuurd en zich op een dagmars afstand bevonden. Hij verminderde de slagkracht van zijn linkerflank door generaal-majoor William H.T. Walkers divisie terug te trekken van de stellingen aan de voet van Lookout Mountain en te verplaatsen naar de uiterst rechtse flank bij Missionary Ridge. Hardee kreeg het algemene bevel over de rechterflank. De linkerflank werd nu de verantwoordelijkheid van Stevenson. Stevenson diende het gat op te vullen door het vertrek van Walkers divisie. Een brigade van Jackons brigade en een brigade van zijn eigen divisie namen de vrijgekomen stellingen in. Stevenson stelde Walthalls brigade van 1.500 soldaten als voorposten op aan de voet van de berg. Er werd wel genoeg reserve achter de hand gehouden om de hoofdlinie bij de richel dicht bij Cravens House te verdedigen.McDonough, pp. 124, 126; Cozzens, pp. 139-42; Hallock, p. 131; Esposito, kaart 116.
Ook de Noordelijke plannen werden opnieuw aangepast. De drie divisies van Sherman die de Tennessee dienden over te steken liepen vertraging op toen de pontonbrug bij Brown’s Ferry schade opliep. De divisie van brigadegeneraal Peter J. Osterhaus raakte zelfs niet over de Tennessee. Daarom werd het originele plan (met een grotere aandacht voor Hookers soldaten) opnieuw van kracht. Osterhaus’ divisie werd tijdelijk toegevoegd aan Hookers strijdkracht.McDonough, pp. 129-30; Cozzens, pp. 143-44
Samenstelling van de legers Noordelijke bevelhebbers bij Lookout Mountain
Grants Military Division of the Mississippi bij Chattanooga bestond uit de volgende eenheden:Eicher, pp. 601-02. Het Army of the Cumberland onder leiding van generaal-majoor George H. Thomas. Het Army of the Tennessee onder leiding van generaal-majoor William T. Sherman. De eenheden onder leiding van generaal-majoor Joseph Hooker die bestonden uit het XI Corps van generaal-majoor Oliver O. Howard en de 2nd Division van het XII Corps aangevoerd door brigadegeneraal John W. Geary.
Hooker had 10.000 soldaten onder zijn bevel om de aanval op Lookout Mountain uit te voeren. Deze waren ingedeeld in drie divisies, één uit elk van de drie Noordelijke legers, namelijk: Brigadegeneraal John W. Geary van het XII Corps, Army of the Potomac. De brigadebevelhebers waren de kolonels Charles Candy, George A. Cobham en David Ireland (die brigadegeneraal George S. Greene verving die gewond was geraakt bij Wauhatchie). Brigadegeneraal Charles Cruft van het IV Corps, Army of the Cumberland. De brigadebevelhebers waren brigadegeneraal Walter C. Whitaker en kolonel William Grose. Brigadegeneraal Peter J. Osterhaus van het XV corps, Army of the Tennessee. De brigadebevelhebers waren brigadegeneraal Charles R. Woods en kolonel James A. Williamson.
Zuidelijke bevelhebber Braggs Army of Tennessee had de volgende strijdkrachten tot zijn beschikking in Chattanooga:Cozzens, pp. 408-15. Hardees Korps onder leiding van luitenant-generaal William J. Hardee. Deze bestond uit de divisies van brigadegeneraal John K. Jackson (Cheathams divisie), brigadegeneraal J. Patton Anderson (Hindmans divisie), generaal-majoor States Rights Gist (Walkers divisie) en generaal-majoor Simon B. Buckner (gedetacheerd naar Knoxville op 22 november). Breckinridges Korps onder leiding van generaal-majoor John C. Breckinridge. Deze bestond uit de divisies van generaal-majoors Patrick R. Cleburne, Alexander P. Stewart, Carter L. Stevenson en brigadegeneraal William B. Bate (Breckinridges divisie).
De 8.726 Zuidelijke verdedigers van Lookout Mountain werden aangevoerd door generaal-majoor Carter L. Stevenson. Stevenson had twee brigades van zijn eigen divisie en de divisie van brigadegeneraal John K. Jackson ook met twee brigades: Brigadegeneraal Edward C. Walthall (Cheathams divisie) Brigadegeneraal John C. Moore (Cheathams divisie) Brigadegeneraal John C. Brown (Stevensons divisie) Brigadegeneraal Edmund Pettus (Stevensons divisie)
De slag thumb|400px|De veldslagen bij Chattanooga op 23 en 24 november 1863. Op 24 november had Hooker 10.000 manschappen in drie divisies om Lookout Mountain in te nemen. Hooker kreeg het bevel om de vijandelijke stellingen zonder groot risico te benaderen.Cozzens, p. 144. Hooker negeerde deze subtiliteit en gaf het bevel aan Geary om Lookout Creek over te steken en Lookout Mountain aan te vallen.Cozzens, p. 160; Woodworth, Six Armies, pp. 185-86; McDonough, pp. 130-37.
Hooker zou de divisie van Stevenson op de top van de berg niet aanvallen. Hooker ging ervan uit dat de inname van de richel de stellingen op de top onhoudbaar zouden maken. De richel zou vanuit twee richtingen aangevallen worden. Whitakers brigade zou aansluiting zoeken bij Geary in Wauhatchie terwijl Groses brigade en Osterhaus’ divisie de Lookout Creek zouden oversteken in zuidoostelijke richting. Beide eenheden zouden samenkomen bij Cravens House. Osterhaus’ divisie had een ondersteunende rol. Woods brigade diende Grose te dekken en de Creek over te steken na hem. Williams brigade diende Hookers artillerie te beschermen bij de monding van Lookout Creek.Cozzens, pp. 159-160.
Hooker bracht een indrukwekkend aantal artilleriestukken samen om de vijandelijke posities te bestoken en zijn eigen opmars te dekken. Hij had negen batterijen bij de monding van Lookout Creek, twee batterijen van het Army of the Cumberland bij Moccasin Point en twee extra batterijen bij Chattanooga Creek.McDonough, p. 133; Cozzens, pp. 162-63.