Cornelus (Kees) Bekker (Nijmegen, 26 januari 1883 – Amsterdam, 28 december 1964) was een Nederlands voetballer die als verdediger speelde.
Clubvoetbal Hij speelde 150 wedstrijden voor HBS waarin hij 82 doelpunten maakte en waarmee hij in 1904 en 1906 landskampioen werd en in 1905 en 1907 het toernooi om de Zilveren Bal won. Bekker begon aanvankelijk als aanvaller maar doordat hij bijziend was liet hij zich een linie naar achteren zakken. Vanaf 1911 speelde hij voor het Groninger Be Quick. Vanwege een studie geneeskunde was hij in Groningen terechtgekomen, vastbesloten om niet meer te voetballen. In het gedenkboek van Be Quick uit 1927 schrijft hij hier over:
Kees Bekker wordt dan ook wel gezien als de man die Be Quick leerde voetballen. Zelf smaakte hij eenmaal het genoegen om met de withemden kampioen van het noorden te worden. Dit kampioenschap uit 1914/15 was het begin van een unieke reeks van 10 achtereenvolgende noordelijke kampioenschappen voor Be Quick. Bekker zelf vertrok na dit kampioenschap naar Nederlands-Indië maar Be Quick profiteerde nog jarenlang van zijn waardevolle lessen.
Vertegenwoordigend voetbal Tussen 1906 en 1908 kwam hij zes keer uit voor het Nederlands voetbalelftal, waarbij hij eenmaal aanvoerder was. Hij miste de Olympische Zomerspelen in 1908 door een blessure.
Maatschappelijk Bekker studeerde geneeskunde en was werkzaam als huisarts in Amsterdam.
Zie ook Lijst van spelers van het Nederlands voetbalelftal
Bekker, Kees