Luchthaven Turijn (Italiaans: Aeroporto di Torino) (IATA: TRN, ICAO: LIMF) ligt zo'n 16 kilometer ten noorden van het centrum van Turijn, in de Italiaanse regio Piëmont. De luchthaven staat ook bekend onder de naam Turijn-Caselle.

Geschiedenis De luchthaven werd gebouwd in 1953 en gerenoveerd in 1989 en nog eens in 2005 voor de Olympische Winterspelen van 2006.

De luchthaven won zowel in 2007 als in 2008 de ACI Europe Best Airport Award in de categorie voor luchthavens van 1 tot 5 miljoen passagiers per jaar.https://www.aeroportoditorino.it/en/aeroporto_en/azienda_en/conosc_aero_en.html. Gearchiveerd op 5 augustus 2014.

Statistieken + Aantal passagiers per jaar Jaar Passagiers Vluchten 2010 3.560.169 54.840 2009 3.227.258 56.419 2008 3.420.833 58.148 2007 3.509.253 62.136 2006 3.260.974 60.838 2005 3.148.807 2004 3.141.888 2003 2.820.448 2002 2.787.091 2001 2.820.762 2000 2.814.850 1999 2.498.775 1998 2.464.173 1997 2.391.902 1996 2.009.532 1995 1.836.407 1994 1.758.936

Vreemde bezoeker boven de luchthaven Op 20 november 1973, omstreeks 19 uur, hing op 1000 meter hoogte boven de Caselle luchthaven van Turijn (Aeroporto di Torino) een fel schitterende bal, ter grootte van een Boeing 707, en die de kleur had van alledaags neonlicht. De lucht was helder, de maan vol, en het uitzicht uitstekend. Het ding bleef ruim een half uur doodstil hangen, maar de duizenden wandelaars in de stad, die elkaar de enorme ster aanwezen, konden niet vermoeden, dat in de vluchttoren van de vlieghaven enige ongerustheid heerste, omdat vlucht 325 van Alitalia met commandant Mezzalina aan boord zich voor landing klaarmaakte. De controlekamer verwittigde Mezzalina dat een vreemde snuiter in de omgeving van zijn vliegtuig rondlummelde en Mezzalina bevestigde - eenmaal tot 200 meter gedaald - dat hij en zijn bemanning goed zicht hadden op het enorme fenomeen - dat nu blauwachtig van kleur werd en begon te pulseren. Ricardo Marano, piloot van een Piper die met nog andere vliegtuigen eveneens toestemming afwachtte om te landen, luisterde het gesprek tussen Mezzalina en de controletoren af en vroeg prompt de toelating om de vreemde bezoeker op te mogen jagen. Dit werd hem toegestaan. Hijzelf kon zijn prooi niet zien, maar geleid door grondradar begaf hij zich in de richting van de lichtbal, die zich nu ook in beweging zette. Het ding maakte plotseling enkele scherpe hoeken, en verdween even van de radarschermen. Maar weer een andere commandant, nu van een startend vliegtuig, seinde aan Ricardo, dat het wild zich àchter zijn Piper bevond en behoorlijk was gestegen. Ricardo wendde de steven, steeg en kreeg op 3000 meter het voertuig eindelijk voor het eerst zélf in het vizier. Het licht was erg intens en pulseerde, zonder ooit helemaal uit te doven. De Piper klom en ging met een snelheid van 400 km op het object af, dat zich echter verder en verder van het kleine mensenspeeltuig af bewoog, zig-zaggend, zijn snelheid verhogend naar verhouding van de mogelijkheden van de Piper. Het verdween uiteindelijk in zuidelijke richting, terwijl Ricardo Marano, als gevolg van de kleine actieradius van zijn vliegtuig, de jacht moest opgeven. Duizenden Turijners hadden deze scene gevolgd; Franco Contin, student in de biologie en amateur-fotograaf had een paar fraaie foto's geschoten en het radar-visuele UFOgeval haalde grote krantekoppen en werd wereldnieuws. Jean-Claude Bourret, Julien Weverbergh - De nieuwe UFO golf, Manteau-Info, 1975, blz 9-10.

Turijn Categorie:Turijn