De Salomonische zuil is binnen de architectuur een zuil met een over de gehele lengte getordeerde schacht. In tegenstelling tot constructieve zuilen ligt de nadruk bij dit type voornamelijk op de ornamentale en decoratieve functie. De gedraaide vormgeving is kenmerkend voor de barok en is wiskundig te beschouwen als een vorm die is gebaseerd op een helix. Een bekend ontwerp met dit soort zuilen is het baldakijn van Bernini.

Een vorm van doorontwikkeling van de Salomonische zuil vond plaats met de architect Gaudí. In de Sagrada Família paste hij dubbelgetordeerde zuilen toe, waarbij gelijke helices tegen elkaar indraaien. In tegenstelling tot de Salomonische zuil levert dit een wisselende profilering op die evenwijdig aan de lengterichting van de zuil blijft lopen.

Binnen de barokarchitectuur van de Zuidelijke Nederlanden speelden deze zuilen vaak een prominente rol in de vormgeving van hoogaltaren, reliekschrijnen en baldakijnen. Tijdens de negentiende eeuw verschoof de voorkeur naar het klassieke zuilenmechanisme, waarna in de late negentiende eeuw een beeldenstorm plaatsvond waarbij veel barokke altaren werden gesloopt. Ook verschillende barokke tapijtontwerpen, waaronder De triomf van de eucharistie van Peter Paul Rubens, werden in opdracht van de infante aartshertogin Isabella van Spanje vervaardigd. Als belangrijke beschermvrouwe van Rubens gaf Isabella deze reeks omstreeks 1625–1626 opdracht voor het klooster van de Descalzas Reales in Madrid. De tapijten worden gekenmerkt door een monumentale compositie, waarin onder meer zuilen als decoratieve en architecturale elementen zijn opgenomen.

In de kerk van Vrasene zijn de oude Salomonische zuilen bewaard gebleven, vanwege de hoge kwaliteit van het houtsnijwerk, dat wordt toegeschreven aan een onbekende meester. De zuilen zijn rijkelijk versierd met figuratieve scènes, cherubijnen, dieren en decoratief loofwerk.

Galerij

Categorie:Zuil Categorie:Barokarchitectuur