Quanta cura is een pauselijke encycliek van Pius IX, uitgevaardigd te Rome op 8 december 1864. De tekst is gericht aan de patriarchen, primaten, aartsbisschoppen en bisschoppen die in gemeenschap met de Heilige Stoel stonden. De encycliek keert zich tegen een aantal religieuze, filosofische en politieke opvattingen die Pius IX als strijdig met de katholieke leer en met de maatschappelijke rol van de Kerk beschouwde. Tot de behandelde onderwerpen behoren de verhouding tussen Kerk en burgerlijk gezag, vrijheid van geweten en eredienst, de grondslag van politieke macht, onderwijs en de zelfstandigheid van de kerkelijke rechtsorde.
Quanta cura verscheen in een periode waarin het pausdom werd geconfronteerd met het Risorgimento, de inkrimping van de Kerkelijke Staat en liberale en nationalistische bewegingen in Europa. Samen met de encycliek werd de Syllabus errorum verspreid, een afzonderlijk begeleidend document met tachtig veroordeelde stellingen die verwezen naar eerdere uitspraken van Pius IX. In de historiografie worden de encycliek en de Syllabus daarom dikwijls gezamenlijk besproken als uitdrukking van het conflict tussen het negentiende-eeuwse pausdom en bepaalde vormen van politiek en religieus liberalisme.
Historische context
Het pontificaat van Pius IX viel samen met ingrijpende politieke veranderingen in Europa. De eenwording van Italië bracht het voortbestaan van de Kerkelijke Staat onder toenemende druk. In de jaren zestig van de negentiende eeuw was de territoriale positie van het pausdom sterk verzwakt en was de bescherming van Rome mede afhankelijk van Franse militaire aanwezigheid. De politieke kwestie rond de Kerkelijke Staat liep daarbij samen met bredere conflicten over de positie van de katholieke Kerk in de moderne staat.
Volgens de theoloog James Gerard McEvoy moet de negentiende-eeuwse pauselijke reactie tevens worden begrepen vanuit een ouder maatschappijmodel waarin Kerk en politieke orde nauw met elkaar verbonden waren. Hij omschrijft dit als een hiërarchisch of christenheidsmodel, waarin de Kerk een richtinggevende plaats in de samenleving innam. Na de Franse Revolutie en de opkomst van de liberale staat werd het herstel van die vroegere verhouding steeds moeilijker. McEvoy interpreteert Quanta cura in dit verband als Pius' reactie op het uiteenvallen van de traditionele band tussen Kerk en samenleving.
De encycliek stond daarmee niet uitsluitend in het teken van secularisering in enge zin. Ook discussies over soevereiniteit, onderwijs, kerkelijke bevoegdheden, godsdienstvrijheid en de wettelijke positie van religieuze instellingen maakten deel uit van de achtergrond. De historicus Owen Chadwick plaatst de scherpere opstelling van Pius IX bovendien tegen de achtergrond van de politieke kwetsbaarheid van het pausdom en de conflicten rond de Italiaanse eenwording.
Inhoud
Kerk en burgerlijk gezag
Een centraal onderwerp van Quanta cura is de verhouding tussen de katholieke Kerk en de staat. Pius IX verwerpt de opvatting dat de invloed van de Kerk uitsluitend tot individuele gelovigen zou moeten worden beperkt. Volgens de encycliek heeft de Kerk, krachtens haar goddelijke instelling, ook een taak ten aanzien van volken, staten en politieke gezagsdragers. De tekst verdedigt daarom een onderlinge samenwerking tussen kerkelijk en burgerlijk gezag. McEvoy ziet hierin de voortzetting van het oudere model waarin de Kerk een richtinggevende rol binnen de maatschappelijke orde werd toegekend.
De encycliek veroordeelt daarnaast de voorstelling dat de wil van het volk, wanneer die van goddelijke en menselijke rechtsnormen wordt losgemaakt, op zichzelf de hoogste bron van recht zou zijn. Ook keert Pius IX zich tegen opvattingen waarin kerkelijke wetten pas verbindend zouden zijn na goedkeuring door het burgerlijk gezag, of waarin kerkelijke handelingen afhankelijk worden gemaakt van toestemming van de staat.
Vrijheid van geweten en eredienst
Een van de bekendste passages betreft de vrijheid van geweten en eredienst. Pius IX verwerpt daarin de stelling dat vrijheid van geweten en eredienst moet worden beschouwd als een eigen recht van ieder mens dat in iedere goed geordende samenleving wettelijk moet worden afgekondigd en gewaarborgd. De encycliek verbindt deze opvatting met religieus indifferentisme en met een maatschappijvisie waarin de staat geen onderscheid zou behoren te maken tussen ware en valse religie.
Deze formuleringen moeten worden onderscheiden van de latere katholieke behandeling van godsdienstvrijheid. De rechtshistorica Anna Su wijst erop dat de negentiende-eeuwse kerkelijke opvatting uitging van een nauwere relatie tussen religieuze waarheid, algemeen welzijn en de politieke orde dan het model dat in de twintigste eeuw tot ontwikkeling kwam.
Onderwijs, gezin en kerkelijke autonomie
Quanta cura behandelt tevens onderwijs, gezinsrecht en de positie van religieuze instellingen. Pius IX verzet zich tegen de gedachte dat de rechten van ouders ten aanzien van hun kinderen uitsluitend uit het burgerlijk recht voortvloeien, met name waar het de opvoeding betreft. Ook bestrijdt hij overheidsmaatregelen die volgens hem de zelfstandigheid van kerkelijke instellingen en religieuze orden aantasten.
De tekst verdedigt daarnaast het recht van de Kerk en van gelovigen om liefdadigheid uit te oefenen en verzet zich tegen de afschaffing van bepaalde wettelijk beschermde religieuze rustdagen. Deze onderwerpen staan in de encycliek binnen een bredere kritiek op een maatschappelijke orde waarin religieuze en kerkelijke normen ondergeschikt worden gemaakt aan uitsluitend burgerlijke bevoegdheden.
Theologische en filosofische thematiek
Kerk, openbaring en maatschappelijke orde
De argumentatie van Quanta cura is in de eerste plaats theologisch en ecclesiologisch. De encycliek beroept zich op Christus als goddelijke stichter van de Kerk en presenteert de kerkelijke opdracht als een zaak die niet alleen het persoonlijke geloof, maar ook het maatschappelijke leven raakt. Pius IX verwijst daarbij naar de Schrift, de kerkvaders en eerdere pausen en plaatst zijn eigen optreden in de continuïteit van het kerkelijke leergezag.
McEvoy verklaart deze visie vanuit het toen nog invloedrijke christenheidsmodel. In dat model waren religieuze waarheid, kerkelijk gezag en maatschappelijke orde institutioneel nauw met elkaar verbonden. Volgens hem zag Pius IX het verlies van de richtinggevende rol van de Kerk in de staat daarom niet eenvoudig als een bestuurlijke verandering, maar als een aantasting van een religieus gefundeerde maatschappelijke orde.
Rede, religieuze waarheid en politieke vrijheid
Op filosofisch vlak verzet de encycliek zich tegen vormen van naturalisme waarin de maatschappelijke orde wordt behandeld zonder verwijzing naar God of geopenbaarde religie. Zij bestrijdt eveneens een begrip van politieke vrijheid waarin menselijke of populaire wil geheel van goddelijke en morele normen wordt losgemaakt.
De encycliek formuleert daarmee geen systematisch filosofisch traktaat, maar behandelt filosofische begrippen vanuit hun vermeende gevolgen voor religie, moraal en politiek. Vooral de verhouding tussen waarheid en vrijheid is daarbij van belang. De burgerlijke overheid kan volgens de in Quanta cura verdedigde visie niet principieel onverschillig staan tegenover religieuze waarheid. Su plaatst dit uitgangspunt binnen de oudere katholieke opvatting van de confessionele staat, die in de twintigste eeuw geleidelijk plaatsmaakte voor een andere katholieke benadering van godsdienstvrijheid en constitutionele pluraliteit.
Verband met de Syllabus errorum
Op dezelfde datum als Quanta cura werd de Syllabus errorum verspreid. De Syllabus bevat tachtig korte stellingen die als dwalingen worden afgewezen en verwijst voor de context van die veroordelingen naar eerdere encyclieken, allocuties en andere uitspraken van Pius IX. Het document behandelt onder meer pantheïsme, naturalisme, rationalisme, religieus indifferentisme, de rechten van de Kerk, de verhouding tussen Kerk en staat, moraal, huwelijk, de wereldlijke macht van de paus en wat in het document als modern liberalisme wordt aangeduid.
Het onderscheid tussen beide teksten is van belang. Quanta cura is een doorlopende pauselijke tekst met een eigen argumentatie, terwijl de Syllabus een systematisch geordend overzicht van veroordeelde stellingen is. Zo staat de expliciete afwijzing van de stelling dat Kerk en staat van elkaar gescheiden behoren te worden in de Syllabus, terwijl Quanta cura zelf vooral spreekt over het tegengaan van de maatschappelijke invloed van de Kerk en het verbreken van de samenwerking tussen kerkelijk en burgerlijk gezag.
De Syllabus eindigt met de afwijzing van de stelling dat de paus zich zou moeten verzoenen en verbinden met vooruitgang, liberalisme en de moderne beschaving. Deze slotstelling werd een van de bekendste formuleringen uit het document en droeg ertoe bij dat Quanta cura en de Syllabus gezamenlijk werden gezien als symbolen van de negentiende-eeuwse confrontatie tussen het pausdom en het liberalisme.
Receptie en latere betekenis
De publicatie leidde buiten katholieke en kerkelijke kringen tot scherpe kritiek. De kerkhistoricus Peter Doyle beschrijft vooral de beroering over de Syllabus, waarbij critici zich onder meer richtten op de stellingen over kerkelijke bevoegdheden, de confessionele staat, godsdienstige tolerantie en vrijheid van meningsuiting. De controverse maakte deel uit van een bredere discussie over de verenigbaarheid van het toenmalige katholieke kerk-staatmodel met de zich ontwikkelende liberale constitutionele orde.
Binnen de geschiedschrijving wordt de publicatie eveneens verbonden met de versterking van het ultramontanisme en de centralisering van het pauselijk gezag in de negentiende eeuw. Chadwick behandelt de Syllabus in samenhang met de toenemende autoriteit van het pausdom en met de conflicten rond de moderne politieke orde.
In de twintigste eeuw kreeg vooral de verhouding tussen deze negentiende-eeuwse veroordelingen en de katholieke leer over godsdienstvrijheid nieuwe aandacht. Het Tweede Vaticaans Concilie verklaarde in 1965 in Dignitatis humanae dat de menselijke persoon recht heeft op godsdienstvrijheid, opgevat als vrijwaring van dwang door personen, maatschappelijke groepen en de overheid. Su beschrijft deze ontwikkeling als een belangrijke verschuiving in het katholieke denken over kerk, staat en godsdienstvrijheid. Tegelijk bestaat er binnen de theologische literatuur discussie over de precieze verhouding tussen continuïteit en verandering in deze ontwikkeling.
McEvoy interpreteert het Tweede Vaticaans Concilie als een beweging weg van het negentiende-eeuwse christenheidsmodel waarin een confessionele staat als ideaal gold. Hij verbindt deze verandering zowel met Dignitatis humanae als met de bredere herformulering van de verhouding tussen Kerk en moderne wereld tijdens het concilie.
Literatuur
Zie ook Syllabus Errorum Pius IX Risorgimento Ultramontanisme Dignitatis humanae Scheiding van kerk en staat Quanta Cura (1741), eerdere encycliek met dezelfde naam Lijst van encyclieken van paus Pius IX
Externe link Quanta cura - officiële Latijnse tekst op de website van de Heilige Stoel Nederlandse vertaling van Quanta Cura (8 december 1864)
Categorie:19e-eeuws rooms-katholiek geschrift Categorie:Pauselijke encycliek Categorie:1864