De notenkraker (Frans: Casse-noisette; Russisch: Щелкунчик; Sjtsjelkoentsjik; Duits: Der Nussknacker) is een klassiek ballet in twee bedrijven. Het Mariinskiballet bracht het stuk in première op 18 december 1892 in het Mariinskitheater te Sint-Petersburg. Het libretto werd geschreven door Marius Petipa en Ivan Vsevolosjki. Zij baseerden zich op Alexandre Dumas' versie van Ernst Hoffmanns sprookje De notenkraker en de muizenkoning. De oorspronkelijke choreografie is van Marius Petipa en Lev Ivanov op muziek die Pjotr Iljitsj Tsjaikovski voor het ballet componeerde. Het stuk speelt rond de kerstboom en kerstgeschenken. De notenkraker wordt om deze reden dikwijls rond Kerstmis uitgevoerd. Daarnaast wordt de muziek van de Notenkraker ook vaak uitgevoerd tijdens concerten. Dit wordt dan vaak een Notenkraker-suite genoemd. Het orkest speelt dan vaak een selectie van delen uit het ballet.
Verhaal Eerste bedrijf Eerste scène. Een rijkelijk kerstfeest bij de familie Stahlbaum. Familie en vrienden versieren samen de kerstboom. Als de boom af is, worden de kinderen geroepen. Clara en Fritz Stahlbaum bewonderen de decoraties. Het feest begint en de kinderen krijgen cadeautjes. Wanneer de oude staande klok acht uur aangeeft, komt een mysterieuze figuur de kamer binnen. Het is Drosselmeyer, Clara's peetoom. Drosselmeyer is een goochelaar en getalenteerd speelgoedmaker. Hij bracht vier levensechte poppen mee. De poppen voeren een dans op, waarna ze verdwijnen voor veilige bewaring. De kinderen zijn teleurgesteld, maar Drosselmeyer heeft een ander geschenk voor hen: een houten notenkrakerpop. Iedereen negeert de notenkraker, behalve Clara. Zij houdt onmiddellijk van de pop. Fritz maakt de notenkraker echter met opzet stuk. Dit maakt Clara verdrietig.
's Nachts kan Clara niet slapen. Ze keert terug naar de woonkamer om haar notenkraker te zoeken. Wanneer ze hem vindt, slaat de klok middernacht. Drosselmeyer blijkt boven op de staande klok te zitten. Plots vult de kamer zich met muizen. De kerstboom schiet gigantisch de hoogte in en de notenkrakerpop groeit tot mensengrootte. Voor ze beseft wat er gebeurd is, bevindt Clara zich midden in een gevecht tussen een leger van peperkoeken soldaten en de muizen. De muizen, onder leiding van de Muizenkoning, beginnen de peperkoeken soldaten op te eten. De Notenkraker stuurt versterking in de vorm van tinnen soldaten en poppen. Wanneer de Muizenkoning op de nog steeds gewonde Notenkraker afkomt, grijpt Clara in door haar slipper te gooien. Dit leidt de Muizenkoning af en de Notenkraker kan hem neersteken. De muizen trekken zich terug.
Tweede scène. Een naaldwoud in de sneeuw. Na de aftocht van de muizen verandert de Notenkraker in een knappe prins. Hij neemt Clara mee naar het woud, waar de sneeuwvlokken rond hen dansen. Ze wenken de twee naar het koninkrijk van de prins.
Tweede bedrijf Clara en de prins reizen naar Snoepgoedland. Daar regeerde de Suikerboonfee in afwachting van de terugkeer van de prins. De prins vertelt de Suikerboonfee hoe Clara hem redde van de Muizenkoning. Ter ere van de jonge heldin vieren lekkernijen van over de hele wereld feest: chocolade uit Spanje, koffie uit Arabië, thee uit China en zuurstokken uit Rusland. Hierbij brengen ze nationale dansen. Ze worden opgevolgd door Deense schapenhoedsters, de gembermama en haar kinderen en walsende bloemen. Om het spektakel af te sluiten brengen de Suikerboonfee en haar page een pas de deux.
Alle snoepgoed brengt een laatste wals. De Suikerboonfee begeleidt Clara en de prins van hun troon. De prins buigt naar haar en zij kust Clara vaarwel. De Suikerboonfee brengt de twee naar een door rendieren getrokken slee. Clara en de prins vertrekken met de slee en zwaaien naar al hun onderdanen, die terugzwaaien.
Personages De volgende personages zijn van belang in De notenkraker: Clara Stahlbaum De dochter in het gezin Stahlbaum. Zij helpt de prins. Fritz Stahlbaum De broer van Clara. Hij maakt de notenkrakerpop stuk waardoor die verwond is. Dr. Stahlbaum en Louise De ouders van Clara en Fritz. Heer Drosselmeyer Clara's mysterieuze peetoom. Hij doet haar de notenkrakerpop cadeau en lijkt meer te weten dan hij toegeeft. De Notenkraker Een notenkrakerpop die een betoverde prins blijkt te zijn. Hij is de protagonist en vecht tegen de Muizenkoning. De Muizenkoning De antagonist in het stuk. Hij voert het muizenleger aan tegen de Notenkraker. De Suikerboonfee Rol voor de prima ballerina. Zij regeert over Snoepgoedland in afwezigheid van de prins.
Choreografie thumb|right|250px|Olga Preobrajenskaja en Nikolai Legat in de pas de deux van de Suikerboonfee en haar page (Mariinskiballet, ca. 1900) De leiding over de choreografie voor De notenkraker lag aanvankelijk bij Marius Petipa. Hij werd echter ziek voor het ballet af was. Zijn assistent Lev Ivanov nam de taak van hem over. Ivanov was ontevreden met het libretto dat Petipa samen met balletdirecteur Ivan Vsevolosjki had uitgewerkt. The Beauty of Ballet (1989), F. Hall Toch nam hij de taak op zich om de choreografie af te werken. Het is niet mogelijk om een idee of dans definitief aan een van de twee balletmeesters toe te schrijven. Het is waarschijnlijk dat Petipa het algemeen patroon en ritme in gedachten had en dat Ivanov op basis hiervan de details uitwerkte. Bij de première van De notenkraker werd de choreografie volledig aan Petipa toegeschreven. Latere producties crediteren De notenkraker vaak als Petipa-Ivanov.
De plot van het stuk is gemakkelijk te volgen en laat zo ruimte voor 'zuivere' dans, waarbij het verhaal naar de achtergrond verdwijnt. Toch maakt het ballet gebruik van klassieke mime. Dit leidt sommige critici naar het verwijt dat De notenkraker vooral een pantomime is voor kerst waarbij diepere betekenis en karakterisering ontbreken. Approach to the Ballet (1948), A.H. Franks De combinatie van sprookjes, dans en kleur die het ballet typeert, is voor sommigen dus een tekortkoming eerder dan een troef.
Variaties en rollen thumb|left|300px|Wals van de sneeuwvlokken (NYC Ballet, 1954) thumb|left|300px|De Wals van de sneeuwvlokken is een passage van ballet blanc (Escuela Superior de Música y Danza, 2010)
De algemene choreografie van De notenkraker werd slecht ontvangen. Alexandre Benois, die later voorstellingen van de Ballets Russes zou inkleden, beschreef de gevechtsscène tussen de soldaten en de muizen als verwarrend: "Men kan er niets van begrijpen. Wanordelijk duwen van hoek naar hoek en achterwaarts en voorwaarts rennen – nogal amateuristisch." Nutcracker Nation: How an Old World Ballet Became a Christmas Tradition in the New World (2003), J. Fisher Ondanks de beperkingen door het libretto toonde Lev Ivanov zich op momenten in het ballet toch een inventief choreograaf. De dans van de Suikerboonfee is hier illustratief.
De Suikerboonfee is een rol ontworpen voor de prima ballerina, maar komt alleen in het tweede bedrijf voor. Bovendien heeft ze slechts één pas de deux. Dit is hoogst ongewoon in klassiek ballet en voldoet niet aan de verwachtingen van een traditioneel publiek. Het valt ook op dat de rol van de prima ballerina en die van de protagonist in het verhaal niet samenvallen. De grand pas de deux van de Suikerboonfee en haar page is op zichzelf echter een sterke choreografie. Hij bestaat uit vier bewegingen: een entree andante maestoso, een variatie (solo) voor de mannelijke danser in de vorm van een tarantella, een variatie voor de Suikerboonfee (Dans van de Suikerboonfee) en tot slot een snelle, energetische coda vivace assai voor beide dansers. Voor de variatie van de ballerina wordt hevig gebruikgemaakt van pointe-werk en charmante armbewegingen. De exacte choreografie van Ivanov voor deze Dans van de Suikerboonfee is niet bekend. Wellicht ging het om een combinatie van pointes, petite batteries en attitudes in hoekig werk dat opbouwde naar ronde, virtuoze bewegingen zoals pirouettes en ronds de jambe. Tchaikovsky's Ballets (1985), R.J. Wiley
Een ander opvallend deel van de choreografie is de Wals van de sneeuwvlokken, waar het eerste bedrijf mee afsluit. Deze dans is ontworpen voor het corps de ballet en toont de danseressen als een wervelende massa sneeuwvlokjes in de wind. Deze passage is een voorbeeld van ballet blanc in een klassiek stuk. Het tweede bedrijf wordt gedomineerd door de nationale dansen van de lekkernijen uit Snoepgoedland. Achtereenvolgens brengt het ballet een Spaanse, Arabische, Chinese en Russische dans.
Latere bewerkingen Omdat de oorspronkelijke productie van De notenkraker faalde, werd de choreografie in latere opvoeringen vaak aangepast. Daarbij bleef men steeds trouw aan de muziek van Tsjaikovski, die verantwoordelijk was voor de blijvende aantrekkingskracht van het ballet. Doorgaans werd ook de grand pas de deux van de Suikerboonfee behouden. Een veel voorkomende aanpassing is het niet langer steunen op kinderen voor de rollen van Clara en Fritz. Dit gebeurde al bij het Bolsjojballet onder leiding van Alexander Gorski in 1919 en in een choreografie voor het Kirovballet van Vasili Vainonen uit 1934. Gorski veranderde daarnaast de rol van de prima ballerina. De dansen van de Suikerboonfee en haar page gaf hij aan Clara en de Notenkraker, de hoofdrolspelers in het verhaal.
De problemen met het libretto zorgden ook voor radicaal andere versies. Zo was Maurice Béjart verantwoordelijk voor een versie van De notenkraker die de plot en personages grotendeels overboord gooide. De hedendaagse Notenkraker van Ballet Vlaanderen uit 2016 herhaalde de narratieve ingrepen van Gorski. Bovendien bevolkte choreograaf Demis Volpi het tweede bedrijf met de familie Stahlbaum. Daarmee daagde hij het bedrijf uit om meer te zijn dan louter divertissement. De bewegingen van de Notenkraker in deze hedendaagse productie verwijzen naar de popping en locking uit de breakdance.
Muziek
thumb|right|250px|Miyako Yoshida en Steven McRae als de Suikerboonfee en haar page (Royal Ballet,2009) Na het succes van zijn compositie voor Doornroosje kreeg Pjotr Iljitsj Tsjaikovski een nieuwe opdracht. Ivan Vsevolosjki vroeg hem de muziek te componeren voor een ballet en een opera, die gezamenlijk in première zouden gaan. De opera werd Iolanta en het ballet was De notenkraker. Net als bij Doornroosje kreeg de componist uitvoerige instructies van de choreograaf. Marius Petipa stelde eisen rond het tempo van de muziek en het aantal maten van de passages. The Nutcracker Ballet (1958), Anderson, J. Tsjaikovski was echter, net als assistent-choreograaf Lev Ivanov, ontevreden met het libretto dat Vsevolosjki en Petipa aanbrachten. Hij werkte aan de compositie in het voorjaar van 1891, tijdens een concerttournee langs Berlijn, Parijs en Rouen, maar vroeg om een seizoen uitstel. Uiteindelijk voltooide Tsjaikovski de partituur op 23 maart 1892. Programmaboekje De Notenkraker (2016), Ballet Vlaanderen
Aanvankelijk vonden critici de compositie onvoldoende dansbaar. Bovendien zouden de uiterlijke klankeffecten, zoals de bel-achtige celesta in de Dans van de Suikerboonfee, een dieper gebrek aan inspiratie verbergen. Toch valt het blijvend succes van het ballet grotendeels aan de muziek te danken. Hoogtepunten zijn het adagio en de variatie uit de grand pas de deux van de Suikerboonfee en de muziek voor de Russische dans of trepak. Andere herkenbare delen zijn de openingsmars (Mars van De notenkraker) en de Bloemenwals. Al deze stukken werden veelvuldig gebruikt in films, zoals in Disneys Fantasia en Peter Pan.
De muziek is romantisch van aard, met geavanceerde harmonieën en melodische inventiviteit. Zo wordt de driekwartsmaat in de Wals van de sneeuwvlokken pas duidelijk bij het woordloos vrouwenkoor. Tsjaikovski verwijst in het eerste bedrijf ook naar de muziek van rococo en late 18e eeuw, onder meer in de ouverture en de entree van het ouderpaar Stahlbaum.