Paus Benedictus XVI, geboren als Joseph Aloisius Ratzinger (Marktl am Inn, Beieren, 16 april 1927 – Vaticaanstad, 31 december 2022), was van 2005 tot 2013 de 265e paus van de Katholieke Kerk. De Duitse geestelijke werd op 19 april 2005 als net 78-jarige verkozen tijdens het conclaaf dat werd gehouden na de dood van zijn voorganger, paus Johannes Paulus II. Als paus stond Benedictus XVI aan het hoofd van de Kerk en was hij soeverein staatshoofd van Vaticaanstad. Eerder was Ratzinger bijna 25 jaar prefect van de Congregatie voor de Geloofsleer, een van de machtigste functionarissen in de Romeinse Curie.
Benedictus trad na bijna acht jaar, op 28 februari 2013, terug uit het ambt. Daarmee was hij de eerste paus sinds eeuwen die uit zijn ambt terugtrad. Sindsdien droeg hij tijdens zijn emeritaat de titel paus emeritus of pontifex emeritus.
Levensloop Jeugdjaren thumb|Het huis waar Joseph Ratzinger geboren werd Joseph Ratzinger werd geboren als zoon van politieagent Joseph Ratzinger sr. en de uit Rimsting (bij Chiemsee) afkomstige kokkin Maria Peintner, als jongste in een gezin van drie kinderen: Maria (1921-1991), Georg (1924-2020) en hijzelf. Hij bracht zijn jeugd door in Traunstein, een kleine stad in Beieren nabij de Oostenrijkse grens. Zijn vader was een criticus van de nazi-regering, weigerde zelfs als agent lid te worden van de NSDAP en het gezin Ratzinger vluchtte sterk in het geloof tijdens de woelige jaren 30.
Begin 1939 werd Joseph Ratzinger leerling van het Traunsteiner Studienseminar Sankt Michael, waar hij een priesteropleiding voor armere leerlingen volgde. Leerlingen die geen lid waren van de Hitlerjugend hadden sinds 1938 geen recht meer op tegemoetkoming in de studiekosten. In 1939/40 werd de school samengevoegd met de plaatselijke Realschule, waar het aandeel nationaalsocialistische leraren groter was. Nog in 1939 was er niet één seminarist lid van de Hitlerjugend. Op 25 maart 1939 werd de Jugenddienstpflicht ingevoerd. Alle 10- tot 14-jarigen moesten verplicht lid worden van het Deutsche Jungvolk en alle 14- tot 18-jarigen moesten verplicht lid zijn van de Hitlerjugend. Ook dan verzette het seminarie zich nog, maar in oktober meldde de leiding van het seminarie alle leerlingen tegelijk aan bij de Hitlerjugend. Joseph Ratzinger had zich nooit zelf aangemeld, maar was aangemeld door de leiding van de school. Ondanks de aanmelding kregen de leerlingen geen tegemoetkoming in de studiekosten, omdat de nazi's onderscheid maakten tussen leerlingen die zich vrijwillig hadden aangemeld, de Stamm-Hitlerjugend, en diegenen die slechts onder dwang lid waren geworden, de Zwangs-Hitlerjugend. Omdat Ratzinger en de andere seminarieleerlingen tot de tweede categorie behoorden kregen ze geen tegemoetkoming in de studiekosten.
Vanwege zijn weigering tot deelname werd hij met financiële sancties bestraft.'Ratzinger weigerde deelname manifestaties Hitlerjugend', AFP/DPA/Katholiek Nederland In mei 2009 ontkende de persvoorlichter van het Vaticaan nog dat Joseph Ratzinger lid was geweest van de Hitlerjugend, zijnde een "beweging van fanatieke vrijwilligers".'Paus was geen lid Hitlerjugend', Sp!ts, 12 mei 2009 Katholiek Nederland berichtte echter dat het Vaticaan verklaard had dat Ratzinger nooit aan ideologische activiteiten van de Hitlerjugend had deelgenomen, en dat beschuldigingen dat hij "nazi" zou zijn geweest "grove leugens" waren.Het Vaticaan verdedigt paus tegen Israëlische kritiek, Katholiek Nederland, 12 mei 2009 De Frankfurter Allgemeine Zeitung berichtte dat de seminaristen in de ogen van de nazi's gemakkelijke doelwitten waren en verdacht werden van een antinazistische houding. In 1943 werd hij samen met de rest van zijn klas ingezet bij het luchtafweergeschut dat een BMW-fabriek verdedigde. In 1944 werd hij bij de Reichsarbeitsdienst in Burgenland en Hongarije ingezet bij de aanleg van pantserbarrières. Enkele dagen voor de definitieve Duitse overgave in 1945 deserteerde hij uit zijn bewapende eenheid van de Reichsarbeitsdienst en keerde terug naar Traunstein, waar hij door de Amerikanen een korte tijd krijgsgevangen werd gemaakt.'Pope recalls being German POW', Fox News, 19 april 2005.
Studies en roeping Na zijn studies aan het gymnasium aldaar ging hij op 18-jarige leeftijd van 1946 tot 1951 filosofie en theologie studeren aan de filosofisch-theologische hogeschool in Freising en aan het Georgianum van de universiteit van München. Naar eigen zeggen (in een interview met Peter Seewald) werd hij vooral beïnvloed door het werk van Gertrud von Le Fort, Ernst Wiechert, Fjodor Dostojevski, Elisabeth Langgässer, Theodor Steinbüchel, Martin Heidegger en Karl Jaspers.
Hij werd in 1950 door Johannes Baptist Neuhäusler tot diaken gewijd, op 29 juni 1951 werd hij samen met zijn broer Georg tot priester gewijd in Freising door kardinaal Michael von Faulhaber, aartsbisschop van München-Freising. In 1951 was hij korte tijd parochievicaris in München-Moosach (Sankt Martin-parochie). Van 1951-1952 was hij dat in München-Bogenhausen (Heilig Blut-parochie).
Hoogleraar Van 1952 tot 1954 doceerde hij aan het priesterseminarie van het aartsbisdom München-Freising. In 1953 promoveerde Joseph Ratzinger op het proefschrift Volk und Haus Gottes in Augustinus' Lehre von der Kirche. Ratzinger doceerde van 1954 tot 1957 dogmatiek en fundamentele theologie aan de filosofisch-theologische hogeschool te Freising. In 1957 behaalde hij zijn Habilitation aan de universiteit van München met een onderzoek over Bonaventura. Van 1958 tot 1959 was hij hoofddocent dogmatiek en fundamentele theologie aan de filosofisch-theologische hogeschool in Freising. Van 1959 tot 1963 had hij als professor een leerstoel aan de universiteit van Bonn voor fundamentele theologie. Hij was een officiële concilietheoloog (peritus) van het Tweede Vaticaans Concilie van 1962 tot 1965 als assistent van kardinaal Joseph Frings, toenmalig aartsbisschop van Keulen. Ratzinger stond bekend als een vertegenwoordiger en vurig pleitbezorger van radicale veranderingen. Op het Concilie trad hij vaak samen op met moderne theologen als Karl Rahner, door wie Ratzinger zelf sterk beïnvloed was, en de modernistische Zwitserse theoloog Hans Küng.
Van 1963 tot 1966 was Ratzinger professor met een leerstoel voor dogmatiek en dogmageschiedenis aan de universiteit van Münster. Van 1966 tot 1969 was hij professor met dezelfde leerstoel aan de Universiteit van Tübingen. Daar doceerde in die dagen ook de theoloog Hans Küng, die Ratzinger inofficieel voordroeg voor een leerstoel. Ratzinger kon zich aanvankelijk vinden in Küngs theologie, waarin de interreligieuze dialoog een belangrijke plaats inneemt, maar waarin enige katholieke geloofswaarheden worden opgegeven (vooral de onfeilbaarheid van de paus). Hij distantieerde zich later echter van deze theologische opvattingen ten voordele van een grotere trouw aan de katholieke geloofsleer van paus Paulus VI. Van 1969 tot 1977 was Ratzinger professor met nogmaals dezelfde leerstoel aan de universiteit van Regensburg. Hij is (ere)lid van de katholieke studentenverenigingen K.D.St.V. Rupertia Regensburg, K.A.V. Capitolina Rom en K.D.St.V. Alcimonia Eichstätt, die behoren tot het Cartellverband der katholischen deutschen Studentenverbindungen.
Ratzinger was in 1972 medeoprichter van het theologische tijdschrift Communio, samen met Hans Urs von Balthasar, Henri de Lubac, Yves Congar, Walter Kasper en anderen. Dit tijdschrift was een meer gematigd theologisch magazine, dat als tegenhanger van het radicalere Concilium moest dienen. Ratzinger had vóór 1972 echter vaak voor dit Concilium geschreven. Communio wordt tegenwoordig gepubliceerd in vele talen, waaronder het Engels, Duits, Spaans en Nederlands.
Van 1976 tot 1977 was Ratzinger korte tijd vicepresident van de universiteit van Regensburg.
Hoewel Ratzinger in 1977 de universiteit verliet, bleef hij een bijzonder productief wetenschapper. Bij zijn aanstelling als prefect van de Congregatie voor de Geloofsleer vroeg hij paus Johannes Paulus II of hij, naast zijn werk, door mocht gaan met het bezorgen van wetenschappelijke publicaties. Vanaf 2009 verschijnt zijn Verzameld Werk, in zestien delen van elk zo'n zeshonderd bladzijden.Joseph Ratzinger Gesammelte Schriften
Aartsbisschop en kardinaal thumb|Joseph Ratzinger (rechtsonder, naast de doodskist) tijdens de begrafenismis van paus Johannes Paulus II Hij werd op 28 mei 1977 tot aartsbisschop van München-Freising gewijd. Het was voor het eerst sinds lange tijd dat iemand uit Beieren op deze zetel werd benoemd. Ratzinger koos als wapenspreuk Cooperatores veritatis (Medewerkers van de Waarheid). Tijdens het consistorie van 27 juni van dat jaar werd hij tevens kardinaal. Hij kreeg de Santa Maria Consolatrice al Tiburtino als titelkerk. Paulus VI creëerde hem tegelijk met kardinaal Gantin. Later datzelfde jaar werd hij nog hoofddocent aan de Universiteit van Regensburg.
Prefect van de Congregatie voor de Geloofsleer Hij werd op 25 november 1981 prefect van de Congregatie voor de Geloofsleer en tevens benoemd tot president van de Pauselijke Bijbelcommissie en van de Internationale Theologencommissie; zijn ontslag als aartsbisschop van München-Freising werd op 15 februari 1982 aanvaard. Van 1986 tot 1992 was hij voorzitter van de Pauselijke Commissie voor het opstellen van de nieuwe Catechismus van de Katholieke Kerk.
Tot 1991 deelde hij een bescheiden flat in Rome met zijn zuster. In dat jaar kreeg hij echter een kleine hersenbloeding, waar hij wel bijzonder snel overheen gekomen is.
Op 5 april 1993 werd hij gepromoveerd tot kardinaal-bisschop; hij werd titulair bisschop van het suburbicaire bisdom Velletri-Segni. Op 9 november 1998 werd hij vice-deken en op 30 november 2002 deken van het College van Kardinalen; hierdoor kreeg hij het suburbicaire bisdom Ostia erbij.
Tijdens de sedisvacatie na Johannes Paulus II stond hij op de hoogste plaats in de hiërarchie van de Katholieke Kerk. Door het tijdschrift Time werd hij in april 2005 genoemd als een van de 100 invloedrijkste mensen in de wereld.
Hij leidde de Mis bij de begrafenis van Johannes Paulus II. Hierbij baarde het geven van de Heilige Communie aan frère Roger enig opzien. Men ging er immers van uit dat hij protestant was; later bleek echter dat deze in 1972 (ook) tot de Katholieke Kerk was toegetreden.Frère Roger was katholiek, ND, 7 september 2006. Ratzinger zat tevens het conclaaf van 2005 voor. Enkele weken na het overlijden van Johannes Paulus II werd hij daarin op 19 april 2005 verkozen tot de 265e paus.
Paus thumb|150px|Ratzinger koos na zijn intronisatie dit pauselijk wapen met elementen uit het wapen van het aartsbisdom van München-Freising. Benedictus XVI liet als eerste paus sinds de middeleeuwen de sinds 1963 niet meer gedragen tiara weg uit zijn wapen.
Tijdens de vierde stemronde in de Sixtijnse Kapel op 19 april 2005 werd kardinaal Joseph Ratzinger tot paus verkozen. Dit werd bekendgemaakt door Mgr. Jorge Arturo Kardinaal Medina Estévez, kardinaal-protodiaken van het College van Kardinalen, die op het balkon van de Sint-Pieterskerk de Latijnse woorden sprak: Annuntio vobis gaudium magnum; Habemus Papam! Eminentissimum ac Reverendissimum Dominum, Dominum Josephum, Sanctae Romanae Ecclesiae Cardinalem, Ratzinger, qui sibi nomen imposuit Benedicti XVI (= decimi sexti).Hier gebruikte kardinaal Medina ten onrechte de genitief Benedicti decimi sexti, maar hij had - zoals later (zie onder meer hier) ook in officiële documenten gebeurde - Benedictum decimum sextum moeten zeggen
Vertaling:
Ik verkondig u met grote vreugde; we hebben een paus! De meest eminente en Eerwaarde Heer, de Heer Joseph, kardinaal van de Heilige Roomse Kerk, Ratzinger, die de naam van Benedictus XVI heeft aangenomen.
Hierna verscheen paus Benedictus op het balkon om de zegen urbi et orbi te geven, voorafgaand waaraan hij een korte toespraak in het Italiaans hield: