Herman Lodewijk Alexander Visser (Amersfoort, 24 april 1872 - Deventer, 28 mei 1943) was een Joodse filosoof en jurist, die tijdens de Tweede Wereldoorlog zelfmoord verkoos in plaats van in een concentratiekamp omgebracht te worden door de nazi's.
Visser volgde het gymnasium in Dordrecht en studeerde hierna rechtswetenschappen aan de Universiteit Leiden en aan de Universiteit van Amsterdam. In 1896 promoveerde hij aan de Amsterdamse universiteit in de rechtswetenschappen op een proefschrift Psychiatrisch toezicht in gevangenissen.
Na zijn promotie vestigde Visser zich als jurist en advocaat in Amsterdam aan de Herengracht nummer 595, terwijl hij zelf aan de Keizersgracht woonde. In 1924 vestigde hij zich in Voorst waar hij zich verder op zijn wetenschappelijke arbeid richtte.
Visser heeft de helft van zijn vermogen nagelaten aan het Algemeen-Nederlands Verbond (ANV), waarmee het fonds voor de ANV-Visser Neerlandia-prijs is gevormd.
Publicaties 1896. Psychiatrisch toezicht in gevangenissen. Van Holkema & Warendorf. 1911. De psyche der menigte : bijdrage tot de studie der collectief psychologische verschijnselen. Tjeenk Willink 1916. De collectieve psyche in recht en staat. H.D. Tjeenk Willink 1920. Collectief-psychologische omtrekken. Tjeenk Willink 1922. Karakter als cultuurelement. Tjeenk Willink 1927. Wetenschap en leven : bijdrage tot een wereldbeschouwing. Tjeenk Willink 1928. Waardenhiërarchie en ethische sfeer. Groningen 1931. Uitvinding als cultuurwaarde. Tjeenk Willink 1933. Nietzsche, de goede Europeaan. Thieme & cie 1936. Overdrijving en derde mogelijkheid : cultuurstudie in nieuw-Erasmiaanschen geest. Kemink.
Externe link Herman Visser op Joods Monument
Categorie:Nederlands filosoof Categorie:Nederlands rechtsgeleerde