thumb|Theater Tuschinski in de Reguliersbreestraat in Amsterdam thumb|Rozentheater op de Rozengracht in Amsterdam in 2005 thumb|Filmhuis Rialto in De Pijp in Amsterdam-Zuid thumb|Filmtheater Kriterion aan de Roetersstraat thumb|Pathé de Munt aan de Vijzelstraat, met kenmerkende bakstenen gevel

Huidige bioscopen Bijna alle bioscopen in Amsterdam, afgezien van de seksbioscopen, vallen in een van de volgende twee categorieën: vijf Pathé bioscopen: Pathé Arena aan de Arena Boulevard 600 (Amsterdam Zuidoost), 14 zalen (2000) Pathé City op het Kleine-Gartmanplantsoen, 7 zalen (1935) Pathé de Munt in de Vijzelstraat 15, 13 zalen (2000) Pathé Tuschinski in de Reguliersbreestraat, 6 zalen (1921) Pathé Amsterdam Noord, Buikslotermeerplein 2003, 12 zalen, 2500 stoelen, overgenomen door Pathé vlak voor de opening in 2019 filmtheaters van het samenwerkingsverband Cineville: Cinema De Balie, op de Weteringschans, 3 zalen (1982) Filmhuis Cavia, Van Hallstraat (1982) Cinecenter, Lijnbaansgracht 236 (1979) Eye Film Instituut (Filmmuseum), sinds 2012 in een nieuw gebouw in Overhoeks, Amsterdam-Noord, 4 zalen. Filmhallen, aan de passage in De Hallen, 9 zalen (september 2014) Het Ketelhuis, Westergasfabriek, 3 zalen (1999) Kriterion, in de Roetersstraat, 3 zalen (1945) Cinema Lab111, het voormalige Smart Project Spce, Arie Biemondstraat 111, 2 zalen (2014) De Melkweg Cinema, Lijnbaansgracht 234 (2000) The Movies, 4 zalen, op de Haarlemmerdijk 161-163, voorheen Hollandia Theater, begonnen als Bioscoop Tavenu (1912) Filmtheater Rialto, op de Ceintuurbaan (1920) Studio/K, Timorplein 62 (2008) Filmtheater De Uitkijk, aan de Prinsengracht, voorheen City Bioscope (1912) FC Hyena

Andere bioscopen: OT301 (voormalige filmacademie), Overtoom 301 This is Holland, panoramavliegsimulator

Geschiedenis Voorloper was een geïmproviseerde filmzaal in een leeg winkelpand in de Kalverstraat 220 waar op 12 maart 1896 de eerste filmvertoning in Nederland plaatsvond, waar de films van de Gebroeders Lumière, Méliès en Biograph te zien waren. Carré vertoonde in die tijd na afloop van de reguliere voorstellingen ook wel levende beelden. Daarop volgde met korte films Flora in de Amstelstraat in 1903, de Bijou Biograph in de Damstraat in 1906 en Bioscope-Theatre (Nöggerath) in de Reguliersbreestraat in 1907 (beschouwd als de eerste reguliere bioscoop). Pathé begon in 1907 korte films te vertonen in het Grand Theatre in de Amstelstraat, in de schouwburgzaal van het Paleis voor Volksvlijt en het Rembrandt Theater.

In 1916 waren al 24 bioscopen in Amsterdam met voorstellingen begonnen. In januari 2011 zijn er 17 locaties met ca. 55 zalen waar films worden vertoond.

Cinema Parisien, werd in 1910 geopend op de Nieuwendijk 69 door filmpionier Jean Desmet en was in die straat het eerste cinematheater.

Voormalige bioscopen The Bijou-Biograph-Theatre, Damstraat 20, ook: Damstraat Bioscoop en New York (1906-1924) Nöggerath, Reguliersbreestraat 34 (1907-1983), nu onderdeel van Pathé Tuschinski Café Bioscoop Blaauw, Rembrandtsplein 8 (1909-1915) Cinema Parisien, Nieuwendijk 69 (1910-1987), gesloopt Opera Bioscoop, in Bellevuecomplex, Leidsekade 90 (1910-1913) Apollo Theater, Haarlemmerdijk 82 (1911-1964) Theater Pathé, Kalverstraat 122 (1911-1925) Olympia, Dapperstraat 84 (1911-1922) Union Theater, Heiligeweg 34-36 (1911-1930) Americain Bioscoop, Daniël Stalpertstraat 67 (1911-1913) Rembrandt Bioscope, Jodenbreestraat 23 (1911-1927) Witte Bioscoop, Capitol, later Cineac, Damrak 64 (1911-1983) Van Lennep Bioscoop, Kinkerstraat 309-311 (1911-1914) Familie Bioscoop, Nieuwendijk 11 (1911-1916) Edison, Elandsgracht 92 (1911-1962) Groot Bioscoop Theater, Nieuwendijk 128-132, daarna Kosmorama, later Luxor Theater en Blue Movie, (1911-1975) Plaza, Cinema de la Monnaie, werd Cinema de Munt, Kalverstraat 226 (1912-1972) Juliana, Nieuwendijk 29, werd Thalia (1912-1922) Bioscoopzaaltje, Goudsbloemstraat 52-54 (1912-1914) Bioscoopzaaltje, Goudsbloemstraat 86 (1912-1912) Bioscoopzaaltje, Tuinstraat 144-146 (1912) Bioscoopzaaltje, St Elisabeth Patronaat, Eerste Marnixplantsoen, jaar onbekend Edison, Haarlemmerstraat 12A (1912-1913) Concordia, Victoria Rapenburg 16B (1912-1915) Odeon, Coehoornstraat 6 (1912-1914) Prinsen Theater, later Nova Theater, Prinsengracht 245A (1912-1960) Scala, Rex, later Parisien, Haarlemmerstraat 39 (1912-1989) Cinema Palace, later Roxy, Kalverstraat 224 (1912-1927) Beurs Bioscoop, De Vereeniging, Warmoesstraat 139 (1912-1913) Odeon, Singel 460 (1912-1916) Cinema Centraal, Nieuwendijk 67 (1912-1987) gesloopt Haarlemmerpoort, ook Thalia, Haarlemmerplein 33 (1912-1915) Tip Top Theater, Jodenbreestraat 25-27 (1912-1942) Tavenu, Haarlemmerdijk 161 (1912-1914) Plantage, later Hollandia Bioscoop, Nieuwe Herengracht 117 (1912-1960) Olympia Paleis, Overtoom 135-137 (1913-1914) Goudsbloem, 2e Goudsbloemdwarsstraat (1913-1914) Dam Bioscoop, Damstraat 23 (1913-1914) Ons Genoegen, Wester Bioscoop, De Roode Bioscoop, Haarlemmerplein 7 (1913-1918) Asta Theater, Rozen Theater en Capitol, op de Rozengracht 117 (1913-1971) Nassaubioscoop, ook Centrum en Thalia, Lijnbaansgracht 31-32 (1913-1933) Rubens Bioscoop, Waterlooplein 80-82 (1913-1918) Oostersche Bioscoop, Weesperstraat 60-62 (1913-1914) Ceintuur Bioscoop, Ceintuurbaan 280 (1913-1921) Van Swinden Theater, Eerste Van Swindenstraat 74-76 (1936-1965) Thalia, Nieuwendijk 29 (1918-1922) Passage Bioscoop, Nieuwendijk 186 (1919-1959) R.K. Schoolbioscoop, Willibrordusstraat 19 (1919-1925) Rembrandt Theater, Rembrandtsplein 19 (1919-1943) Victoria, Nieuwendijk 192 (1920-1922) Ceintuur Theater, Ceintuurbaan 282-284 (1921-1976) Cinema Royal, Nieuwendijk 154 (1922-1976), gesloopt Keur Bioscoop, Warmoesstraat 139 (1922-1923) Victoria, Sloterkade 162 (1934-1976), gesloopt National Bioscoop, Linnaeusstraat 20 (1922-1965) Corso, was Pathé Theater, Kalverstraat 122 (1925-1979) Roxy Theater, Kalverstraat 224, (1927-1983), was eerst Cinema Palace Olympia, Bellamystraat 49 (1928-1965) Capitol, Damrak 64 (1929 tot 1937), daarna Cineac Cineac, Damrak 64 (1937-1983) Astoria Theater, Mosplein 18 (1929-1966) Ooster Theater, later in 1936 Bio Theater, Middenweg 18-24 (1930-1975) Huize De Liefde, later Cinema Room, Da Costakade 74 (1932 tot 1974) Alhambra, Weteringschans 134 (1933 tot 1997), na sloop appartementencomplex West-End, ook Ambassade, Jan Evertsenstraat 18B (1933-1970) Odeon Theater, ook Archipel, Zeeburgerstraat 6 (1934-1968) Cineac, Reguliersbreestraat 31 (1934-1996) Hallen Theater, Jan van Galenstraat 41 (1936-1974) Bioscoop Thalia, Cultura, Cinétol, Tolstraat 160 (1942-1979) Theater Desmet, was Rika Hopper Theater, Plantage Middenlaan 4A (1946-2000) Zonnehuis, Zonneplein 30, gebouwd in 1932 (1949-1975) Flora, Amstelstraat 20-28 (1953-1980) Du Midi, Apollolaan 2 (1954-1982) Calypso, Marnixstraat 402 (1955-2005), op deze locatie is nu het de La Mar Theater Leidseplein Theater, Leidseplein 12 (1958-1984), was dependance van De Uitkijk Cinema West, sinds 1975 Cinema International, August Allebéplein 4 (1961-1999) Cinerama Bellevue, Marnixstraat 400 (1965-2005) Rembrandtsplein Theater, Rembrandtsplein 11-15 (1966-1986) Saskia later Climax Cinema, Rembrandtsplein 19 (1973-1984), pornobioscoop Arthouse Alfa, Kleine-Gartmanplantsoen 4 (Hirschpassage) (1979-1998) Holland Experience 3D Movie Theater, Jodenbreestraat 8-14 (1998-2006) Smart Cinema, Eerste Constantijn Huygensstraat 20 (2001-2003), voorheen Jan Swammerdam Instituut (gesloopt in 2004) Tropentheater, Linnaeusstraat (3 zalen), jaar onbekend Smart Inloopbioscoop, Arie Biemondstraat 105-111 (1994-?) (nu Lab111) Zienema Oktopus, Keizersgracht 138 (1972 -1980) Amsterdams Filmhuis, Kleine Gartmanplantsoen in de kapel van de voormalige gevangenis 1981

Filmdistributeurs in Amsterdam Het voormalige Tuschinskiconcern omvatte, behalve het Tuschinski Theater, ook Cinema Royal, Alhambra, Corso Theater, het Roxy Theater en de Passage Bioscoop. Het katholieke bioscoopconcern van de gebroeders Anton, Ben en Wim van Royen beheerden in Amsterdam zo in de jaren vijftig de theaters Luxor, Plaza, Victoria, West-End, Hallen Theater, Edison, Ceintuur, Apollo, Bio en Capitol. Al eerder had de vader van het drietal in 1911 De Witte Bioscoop aan het Damrak geopend. Iedere week stond een nieuwe film op het programma en om zo voordelig mogelijk te werken werden de films van het ene naar het andere theater getransporteerd. Buiten de grote Amerikaanse filmverhuurders, werden ook rolprenten van de kleinere filmverhuurkantoren afgenomen, hierbij waren Centra Film uit Dordrecht, Lumina Film, Actueel Film, Meteor Film, Express Film en Victoria Film. De filmverhuur kwam op grote schaal op gang. Vanaf dat moment konden vertoners relatief goedkoop nieuwe films of filmprogramma’s huren en werd het financieel rendabel om een bioscoop te exploiteren. Binnen een paar jaar zouden de bioscopen het vertoningscircuit beheersen en werden traditionele vertoners – reisbioscoop- en variété-exploitanten – naar de marges van de filmindustrie verwezen.

De eerste verhuurder in Nederland was waarschijnlijk FAN Film, het bedrijf van Anton Nöggerath sr. en zijn zoon en opvolger Anton Nöggerath jr. Nöggerath sr. was al vertegenwoordiger in Noordwest-Europa voor de Britse firma The Warwick Trading Company en handelde daarnaast in films van Pathé Frères. Zo voorzag hij Alberts Frères in 1906 van nieuwe films nadat de volledige collectie door brand was vernietigd tijdens een reis door België. In 1910 volgde Jean Desmet het voorbeeld van Nöggerath en verruilde zijn reisbioscoop voor een verhuurkantoor. Aanvankelijk handelde Desmet in volledige filmprogramma's die hij tweedehands op Duitse filmbeurzen kocht. Deze verhuurde hij integraal aan vele, pas opgerichte bioscopen. Eind 1911 begon hij met de verhuur van losse films. De derde belangrijke distributeur uit deze beginjaren was de Kinematograaf Pathé Frères, het Nederlandse filiaal van Pathé Frères.

Gezamenlijk voorzagen deze drie distributeurs de Nederlandse bioscopen van films en waren daarmee medeverantwoordelijk voor de explosieve toename van Nederlandse bioscopen in de periode 1910-1912.

Nieuwe bestemmingen voor oude bioscopen