Sukabumi (Indonesisch: Kabupaten Sukabumi) is een regentschap in de provincie West-Java op het eiland Java. De hoofdplaats is Palabuhanratu, aan de Indische Oceaan. De stad Sukabumi vormt een afzonderlijke bestuurlijke eenheid en wordt geheel door het regentschap omringd.
Het regentschap heeft een oppervlakte van 4.164,15 km² en telde volgens de bevolkingsprojectie voor 2024 2.828.024 inwoners.
Geografie
thumb|right|upright=1.05|De kust bij Palabuhanratu, de hoofdplaats van het regentschap
Sukabumi ligt in het zuidwesten van West-Java. Het grenst in het noorden aan het regentschap Bogor, in het oosten aan Cianjur, in het westen aan Lebak in de provincie Banten en in het zuiden aan de Indische Oceaan.
Het landschap loopt uiteen van bergachtig gebied in het noorden tot heuvelachtig terrein in het midden en een uitgestrekte kustzone in het zuiden. De hoogte varieert van zeeniveau tot bijna 3.000 meter. Door deze landschappelijke verscheidenheid komen binnen het regentschap zowel berglandbouw als kustvisserij voor.
Geschiedenis
Het gebied van het huidige Sukabumi maakte in de achttiende eeuw deel uit van Cianjur in Priangan. De door de VOC gestimuleerde koffiecultuur breidde zich in deze periode over de streek uit. Omstreeks 1725 behoorde het gebied rond Gunung Guruh, in het huidige Sukabumi, tot de centra van de koffieproductie.
Na de Britse verovering van Java in 1811 kwam het gebied onder het bestuur van luitenant-gouverneur Thomas Stamford Raffles. Om inkomsten te verwerven verkocht het Britse bestuur verschillende grote stukken land aan particuliere eigenaren.
Soekaboemilanden
thumb|right|upright=1.05|Landschap bij Soekaboemi, door Christoffel Steitz de Wilde
In januari 1813 werd een groot landcomplex in het westen van Priangan te koop aangeboden dat in de bestuurlijke stukken als Soekaboemi werd aangeduid. Het omvatte onder meer Gunung Parang, Cimahi, Ciheulang, Pagedangan en Pagasahan. De helft bleef aanvankelijk verbonden aan Raffles, terwijl Nicolaus Engelhard, Andries de Wilde en Thomas Macquoid ieder een zesde deel verkregen. Voor de verkochte helft werd 58.000 Spaanse dollars betaald.
De eigendomsverhoudingen veranderden vervolgens verschillende malen. In 1814 bezat Engelhard drie zesde delen, De Wilde twee zesde en McQuoid één zesde. In de jaren daarna verwierf De Wilde het grootste deel van het gebied; tussen 1814 en 1823 kwam vijf zesde in zijn bezit, terwijl één zesde aan McQuoid bleef. Het particuliere landcomplex werd later ook aangeduid als het Vrijland Soekaboemi. In het begin van de jaren 1820 besloeg dit ongeveer 686 vierkante pal, volgens de officiële geschiedenis van het regentschap ongeveer 18 procent van het toenmalige regentschap Cianjur.
De naam Soekaboemi was voor het landcomplex in elk geval al in 1813 in gebruik. Daarnaast is een brief van De Wilde aan Engelhard uit januari 1815 bekend waarin hij schreef dat op verzoek van plaatselijke hoofden de naam Tjikole in Soeka Boemi was veranderd. Historica Nina H. Lubis bracht deze brief in verband met de naamgeving van Sukabumi. De officiële geschiedschrijving van het regentschap maakt daarbij onderscheid tussen de oudere benaming van het landcomplex en de naamgeving van de nederzetting waaruit later de stad Sukabumi ontstond.
Na het herstel van het Nederlandse gezag op Java kwam het particuliere bezit van de Soekaboemilanden onder druk te staan. Gouverneur-generaal Godert van der Capellen erkende De Wilde als landeigenaar, maar stelde zich op het standpunt dat de verkoop en overdracht van de gronden tijdens het Britse bestuur juridisch gebrekkig waren verlopen. De Wilde verzette zich tegen het beleid van het Nederlands-Indische bestuur en legde zijn zaak ook voor aan koning Willem I. In 1821 kreeg hij in Nederland aanvankelijk gedeeltelijk zijn zin: voor drie jaar werden gunstiger voorwaarden voor de levering van landbouwproducten toegezegd. Het Indische bestuur schortte de uitvoering daarvan echter op.
Het geschil eindigde met terugkoop door het gouvernement. In 1822 en 1823 werd met de particuliere eigenaren over de aankoop van Soekaboemi onderhandeld. Zie onder meer de stukken betreffende Soekaboemi uit 1822–1823 en de stukken betreffende de eventuele aankoop van het land Soekaboemi door het gouvernement. Volgens het Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek ontvingen de eigenaren voor het resterende landcomplex Goenoeng Parang, waartoe Soekaboemi behoorde, 800.000 gulden. Daarmee kwam een einde aan het Vrijland Soekaboemi als particuliere landerij. Het gebied werd gouvernementsbezit en opnieuw onder het bestuur van de regent van Cianjur gebracht. De Wilde verliet Java in maart 1823 en vestigde zich in Nederland op landgoed Pijnenburg.
Van afdeeling tot regentschap
Bij een bestuurlijke herindeling van Priangan in 1870 werd Cianjur verdeeld in de afdelingen Cianjur en Sukabumi. De Afdeeling Soekaboemi omvatte de districten Gunung Parang, Cimahi, Ciheulang, Cicurug, Pelabuhan, Jampang Tengah en Jampang Kulon en had Sukabumi als hoofdplaats. De instelling werd vastgelegd bij besluit van gouverneur-generaal P. Mijer van 10 september 1870 en trad op 1 januari 1871 in werking.
Hoewel het zelfstandige regentschap later tot stand kwam, geldt 10 september 1870 sinds 2018 officieel als de stichtingsdag van Kabupaten Sukabumi. Daarmee verving het regentschap de eerder op 1 oktober gevierde datum.
In 1914 kreeg de hoofdplaats een afzonderlijke gemeentelijke bestuursvorm als Gemeente Soekaboemi. Hiermee begon de bestuurlijke scheiding tussen de huidige stad Sukabumi en het omliggende gebied.
Met ingang van 1 juni 1921 werd het toenmalige regentschap Cianjur verdeeld in de regentschappen Cianjur en Sukabumi. Het nieuwe Regentschap Sukabumi bestond uit de districten Sukabumi, Cicurug, Cibadak, Palabuhan, Jampang Tengah en Jampang Kulon. R.A.A. Soerianatabrata werd de eerste regent van Sukabumi en bleef in functie tot 1930.
Tijdens de Japanse bezetting van Nederlands-Indië werd het regentschap aangeduid als Sukabumi Ken. Na de Indonesische onafhankelijkheid werd de bestuurlijke positie van Sukabumi nader geregeld bij de Indonesische wet nr. 14 van 1950, waarmee Sukabumi als regentschap binnen West-Java werd bevestigd.
De bestuurszetel van het regentschap bevond zich lange tijd in de inmiddels afzonderlijke stad Sukabumi. In 1998 werd besloten de hoofdplaats naar Palabuhanratu aan de zuidkust te verplaatsen, mede om de bestuurlijke aanwezigheid en ontwikkeling in het zuidelijke deel van het uitgestrekte regentschap te versterken.
Bevolking en economie
Sukabumi telde in 2024 naar schatting 2.828.024 inwoners, van wie 1.433.378 mannen en 1.394.646 vrouwen. De bevolking is over een groot aantal stedelijke en landelijke nederzettingen verspreid. De belangrijkste bevolkingscentra bevinden zich onder meer rond Cibadak, Cicurug, Cisaat en de kustplaats Palabuhanratu.
Landbouw, bosbouw en visserij vormen een belangrijk onderdeel van de regionale economie. In 2024 was deze sector goed voor ongeveer 22,6 procent van het regionale bruto product. De industrie droeg ongeveer 17,1 procent bij en groot- en detailhandel, waaronder reparatie van motorvoertuigen, ongeveer 16,3 procent.
Natuur en cultuur
thumb|right|upright=1.05|Landschap bij de traditionele nederzetting Kasepuhan Ciptagelar in Cisolok
Een belangrijk natuurgebied is het Ciletuh–Palabuhanratu UNESCO Global Geopark, dat in 2018 door UNESCO werd aangewezen als Global Geopark. Het gebied heeft een oppervlakte van ongeveer 126.000 hectare en omvat onder meer oude gesteenten, watervallen, kustlandschappen en het natuurlijke amfitheater van Ciletuh. De geologische structuur hangt samen met de subductie van de Indo-Australische plaat onder de Sundaplaat.
thumb|right|upright=0.95|De Cikasowaterval in Cibitung
Tot de bekende landschappen en natuurgebieden behoren de Cikasowaterval in Cibitung, de stranden bij Ujunggenteng en het kustgebied van Pangumbahan, waar zeeschildpadden worden beschermd.
De bevolking van het regentschap is overwegend Soendanees. In verschillende traditionele nederzettingen worden gebruiken van de Kasepuhan-gemeenschappen in stand gehouden. Daaronder bevinden zich Sirnaresmi en Ciptagelar in het gebied van Cisolok. Landbouw, rituelen rond de rijstteelt en plaatselijke tradities spelen in deze gemeenschappen een belangrijke rol. De Kasepuhan-gemeenschappen maken tevens deel uit van het culturele erfgoed van het Ciletuh–Palabuhanratu UNESCO Global Geopark.
Bestuurlijke indeling
Het regentschap Sukabumi is bestuurlijk verdeeld in 47 kecamatan (districten), die gezamenlijk 381 desa en vijf kelurahan omvatten. De 47 districten zijn:
De afzonderlijke stad Sukabumi en haar districten behoren niet tot het regentschap.
Externe link
Officiële website van Kabupaten Sukabumi
Categorie:Regentschap of stadsgemeente in West-Java