thumb|280px|De Aya Sophia. Vroeger een kerk, daarna een moskee. In Turkije hangt de overgrote meerderheid van de bevolking de soennitische vorm van de islam aan. Een andere belangrijke stroming is het alevitisme. Turkije heeft de staatsgodsdienst afgeschaft in 1928. Toch heeft de overheid grote invloed op de godsdienstbeleving van de burgers. Zo verplicht artikel 24 van de Turkse grondwet van 7 november 1982 godsdienstig onderwijs onder supervisie en controle van de staat.Interim report of the Special Rapporteur of the Commission on Human Rights on the elimination of all forms of intolerance and of discrimination based on religion or belief, Addendum 1 - Situation in Turkey, Verenigde Naties, 11 augustus 2000 De islam is een belangrijk onderdeel van het dagelijks leven. Zo heeft het land meer dan 82 duizend moskeeën Het land kent er 82.693. en zijn enkele nationale feestdagen gebaseerd op belangrijke islamitische feesten (Offerfeest, Suikerfeest). Besnijdenissen zijn vaak feestelijke gebeurtenissen. Politieke partijen met een islamitische identiteit doen het goed bij verkiezingen.
Het percentage niet-moslims in Turkije daalde van 19% in 1914 tot 2,5% in 1927Içduygu, Ahmet; Toktas, Şule; Ali Soner, B. (1 February 2008). "The politics of population in a nation-building process: emigration of non-Muslims from Turkey". Ethnic and Racial Studies 31 (2): 358–389. doi:10.1080/01419870701491937., als gevolg van de Armeense Genocide, de bevolkingsuitwisseling tussen Griekenland en Turkije, en de emigratie van niet-moslims (zoals Levantijnen, Grieken, Armeniërs en Joden) naar het buitenland (voornamelijk in Europa en de Amerika's) die daadwerkelijk begon in de late 19e eeuw, in het bijzonder tijdens de Eerste Wereldoorlog en na de Turkse Onafhankelijkheidsoorlog.
Van oudsher komt ook het christendom, en in beperkte mate het jodendom, voor in Turkije. Het gaat dan vooral om Grieken, Armeniërs, Arameeërs en Assyriërs die voor de komst van de Turken al in deze streken leefden. Volgens de census van 2007 hebben de Grieks-Orthodoxe Kerk, de Armeens-Apostolische Kerk en het jodendom, elk minder dan 0,1 percent van aanhangers in Turkije.Turkey International Religious Freedom Report 2008 United States Department of StateCIA - The World Factbook, 11 november 2009 Turkije heeft een gemeenschap van ca. 25.000 Sefardische joden.Microsoft Encarta
Uiterlijke religieuze kenmerken Personen in overheidsdienst mochten tot 2011 geen uiterlijke religieuze kenmerken tonen. Zo waren bijvoorbeeld hoofddoeken voor vrouwelijke werknemers in overheidsgebouwen verboden. Voor het overige wordt het belijden van de religie door overheidspersoneel als een persoonlijke aangelegenheid beschouwd. Zo zijn er overheidsdienaren die vasten tijdens de ramadan (evenals personen die dat niet doen). Het actief propageren van godsdienstige overtuigingen door overheidsambtenaren is niet toegestaan. Vanwege het seculiere karakter van de Turkse staat is in de Turkse grondwet geen verwijzing naar moslims of islam opgenomen. Werd in het verleden bij de geboorte het geloof automatisch geregistreerd en verplicht vermeld op de zogenaamde nüfüskaart (identiteitskaart), is er de mogelijkheid de geloofsgezindheid niet te registreren en het vakje ‘religie’ op de identiteitskaart leeg te laten.Algemeen ambtsbericht Turkije, Ministerie van Buitenlandse Zaken
Christendom thumb|left|210px|De Sint-Antoniuskathedraal in de wijk Beyoğlu in Istanboel In de eerste eeuwen en tot in de 11e eeuw was het huidige Turkije een bloeiend kerkelijk gebied onder leiding van Constantinopel. Zowel het Oecumenisch patriarchaat van Constantinopel als het Armeens patriarchaat van Constantinopel zijn gevestigd in Istanboel. De rooms-katholieken van Armeense, Chaldeeuwse, Byzantijnse en Latijnse ritus hebben ieder hun eigen hiërarchie. Sinds 1960 bestaan diplomatieke betrekkingen tussen Turkije en het Vaticaan en in 1966 werd een apostolische nuntiatuur opgericht.
Begin twintigste eeuw bedroeg het aantal christenen in het Ottomaanse Rijk nog 30% van de bevolking. In de 20e eeuw liep dat aantal sterk terug, enerzijds doordat het Ottomaanse Rijk in de Balkanoorlogen (1912-1913) grondgebied verloor waar veel christenen wonen en anderzijds door verbanning, emigratie, volkerenmoord en vervolging.Benedictus treft in Turkije een ‘praktisch dode’ kerk - de Volkskrant, 29 november 2006 In de grote steden wonen naar schatting 3000 Grieks-orthodoxe en 45.000 Armeens-apostolische christenen. Voorts zijn er kleine katholieke en protestantse gemeenschappen. In het zuidoosten wonen circa 3000 Syrisch-orthodoxen en enkele duizenden Arabisch-orthodoxen en nestorianenAssyrian Information Management. Naar West-Europa gevluchte jakobieten kregen in de jaren 1970 bekendheid als ‘christen-Turken’. In Turkije is bekering van moslims tot het christendom toegestaan.
Armeens-Apostolische Kerk Het Armeense patriarchaat onder leiding van patriarch Sahak II Mashalian in Istanboel omvat 60.000 gelovigen.Joshua Project - Turkey: ArmeniansGlobal Insight, Country Intelligence-Analysis (18 maart 2010) Het is een van de vier Armeense patriarchaten, naast die van Armenië, Libanon en Jeruzalem. Daarmee vormt het de grootste niet-islamitische gemeenschap in Turkije.International Religious Freedom Report Turkey 2009, U.S. Department of State, 26 oktober 2009 Het patriarchaat heeft naast religieus werk ook verzoening tussen de Armeense en Turkse bevolking tot doelstelling.
Op 25 maart 2010 kondigde het ministerie van Cultuur na 95 jaar aan dat toestemming was verleend voor het houden van een religieuze eredienst eenmaal per jaar in de onlangs gerestaureerde Armeense kerk op het eiland Akdamar in het Van-meer in Oost-Turkije. De eerste eredienst vond plaats op 19 september 2010. De kerk (de Kerk van het Heilige Kruis) uit de tiende eeuw, die aan etnische Armeniërs bood voor het houden van religieuze erediensten, werd in 2007 heropend als museum. De plek heeft voor Armeniërs belangrijke symbolische waarde.Turkey reopening ancient Armenian church to heal wounds, Reuters, 16 juli 2010
Grieks-Orthodoxe Kerk thumb|210px|Ontmoeting tussen Ottomaanse sultan Mehmet II en Grieks-orthodoxe patriarch Gennadios II. Mehmet II gaf toestemming voor het voortbestaan van het Oecumenisch Patriarchaat van Constantinopel na de verovering van de stad door Turken in 1453. Hij richtte ook het Armeense Patriarchaat van Constantinopel in 1461. Het bestaan van de Armeense Kerk was altijd verboden geweest onder de Byzantijnse heerschappij binnen de muren van Constantinopel, omdat de Byzantijnen de Armeense Kerk beschouwden als ketters. Hoewel de Grieks-orthodoxe patriarch Bartholomeus I van Constantinopel in Istanboel al sinds jaar en dag erkend wordt als leider van de wereldwijde kerk van 350 miljoen Grieks-orthodoxe christenen, heeft Turkije altijd geweigerd hem deze status te verlenen. Turkije ziet de patriarch slechts als het hoofd van de Grieks-orthodoxe gemeenschap in Turkije van ongeveer 3000 leden. In november 2010 liet minister Egemen Bagis echter weten dat de Turkse overheid het patriarchaat van Constantinopel niet langer de titel van ‘oecumenisch patriarchaat’ wil ontzeggen. Recentelijk sprak ook de Turkse premier Erdogan over het oecumenische patriarchaatGroeiende openheid in Turkije, Kerknet, 23 november 2010 en eerder verleende de overheid ook al de Turkse nationaliteit aan een dozijn vooraanstaande orthodoxe kerkleiders uit Europa en de VS, die in aanmerking komen voor de opvolging van de oecumenische patriarch, want zowel de patriarch als de andere geestelijken dienen de Turkse nationaliteit te bezitten. De Grieks-Orthodoxe Kerk geniet vrijheid van godsdienstuitoefening, maar heeft geen eigen rechtspersoonlijkheid om kerkelijke instellingen (zoals kerken, kloosters, begraafplaatsen, scholen) te beheren. Het beheer van onroerende goederen en instellingen wordt uitgevoerd door stichtingen. De kerkelijke instellingen die deze religieuze gemeenschap thans in Turkije beheert, vormen vanwege onteigeningen door de Turkse overheid slechts een klein deel van wat zij eerder beheerde. Als gevolg hiervan zijn veel kerkelijke instellingen onder beheer van de staat gekomen en heeft de staat de mogelijkheid om deze instellingen te exploiteren. Zo kwam in dit verband de status van het Grieks-orthodoxe Halki seminarie in Istanboel onlangs weer in beeld. Het Halki-seminarie is het opleidingsinstituut van het Oecumenisch Patriarchaat van de Grieks-Orthodoxe Kerk. Het seminarie stamt uit 1844 en is gelegen op Heybaliada, een klein eiland nabij Istanboel. Het seminarie werd in 1971 gesloten door een besluit van het Constitutioneel Hof, als gevolg waarvan alle privé-instituten binnen het hoger onderwijs (en daaronder viel ook het Halki seminarie) moesten opgaan in een staatsuniversiteit. De raad van commissarissen van het Halki seminarie wilde niet opgaan in de Universiteit van Istanboel, waardoor het seminarie moest sluiten. Sindsdien oefenen de Europese Unie en de Verenigde Staten druk uit op de Turkse regering om toestemming te geven voor heropening van het seminarie omdat zij het verbod op de opleiding in strijd achten met de godsdienstvrijheid en een discriminatie ten opzichte van religieuze minderheden. In 2010 eiste Premier Erdogan de opening van een eerste moskee in Athene in ruil voor de heropening van het Halki seminarie in Istanboel.PM Erdoğan asserts Turks rights in Greece in return for Halki Seminary, Hürriyet Daily News, 4 januari 2010 In 2013 drong de oecumenische patriarch van Constantinopel, Bartholomeos I, bij de Turkse autoriteiten opnieuw aan om het theologisch seminarie van Halki te heropenen.
Syrisch-Orthodoxe Kerk Turkije kent vier Syrisch-orthodoxe kerkprovincies die vallen onder de oosters-orthodoxe patriarch van Antiochië en het hele Oosten met zetel in Damascus.Tur Abdin/Miyat: Mor Timotheus Samuel Aktaş; Istanbul, Ankara en Urfa: Mor Philexinus Yusuf Çetin; Mardin: Mor Philexinus Saliba Özmen; Adiyaman: Mor Gregorius Malke Ürek Verreweg de grootste kerkprovincie betreft de regio Istanboel-Ankara-Urfa, de overige drie bevinden zich in het zuidoosten van het land, waar de wortels en de oorspronkelijke bezittingen van de Syrisch-orthodoxe gemeenschap zich bevinden. In totaal zijn er ongeveer 24.000 Syrisch-orthodoxen in Turkije, van wie 14.000 in Istanboel en 3.000 het zuidoosten.
In Istanboel wordt voor Syrisch-orthodoxe diensten naast het eigen kerkgebouw gebruikgemaakt van acht roomse en Grieks-orthodoxe kerken. In oktober 2008 zijn drie rechtszaken van start gegaan die verband houden met delen van de grond die reeds honderden jaren door het uit de vijfde eeuw daterende Syrisch-orthodoxe klooster Mor Gabriël wordt gebruikt. Twee aan het klooster grenzende Koerdische dorpen, het ministerie van Bosbouw en de Schatkist probeerden stukken grond van het klooster te claimen. Zo bepaalde een rechtbank in de stad Midyat op 24 juni 2009 dat een stuk grond dat het klooster claimde, een bos is. Om die reden is de grond eigendom van de Turkse autoriteiten en niet van het klooster.Syrisch-orthodox klooster verliest rechtszaak om bos, Reformatorisch Dagblad, 25 juni 2009 Van de drie rechtszaken over onroerend goed zijn er inmiddels twee in het voordeel van de Syrisch-orthodoxe gemeenschap en één in het voordeel van de Turkse staat beslecht. Alle drie de zaken zijn in hoger beroep gebracht, de rechtszaken lopen nog. In januari 2019 heeft de burgemeester van de gemeente Bakırköy de bouwvergunning voor de nieuw te bouwen kerk overhandigd aan Yusuf Çetin; de Patriarchale Vicaris van de Syrisch Orthodoxe kerk. De bouw zal naar verwachting eind februari in Yeşilköy starten.Bouwvergunning voor kerk in Yeşilköy Odatv.com, geraadpleegd 13 februari 2019 Als belangrijke voorwaarde voor de bouwvergunning moet de aangrenzende rooms-katholieke kapel worden gerestaureerd en de katholieke begraafplaats intact blijven.Bouw Suryoye kerk Sabah.com, geraadpleegd 13 februari 2019
Islam