thumb|Monument ter nagedachtenis aan mr. J. E. Banck thumb|Gedicht bij de bank van Banck, onderdeel van de Taalroute Schiermonnikoog thumb|Gedicht bij de Banckspolder, onderdeel van de Taalroute Schiermonnikoog
Johann Erich (John Eric) Banck (Soerabaja, 3 november 1833Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek (NNBW): BANCK (John Eric) - Wiesbaden, 16 april 1902) was een Nederlandse jurist, dichter, filantroop en grootgrondbezitter. Hij was van 1858 tot 1893 eigenaar van het eiland Schiermonnikoog.
Leven en werk Banck was een zoon van Caroline van Hoff en Johann Erich Banck Sr, een rijke planter en suikerproducent op Java. Banck werd geboren te Soerabaja, Nederlands-Indië, wat hem in Nederland de bijnaam 'Indischgast' opleverde. Hij studeerde rechten aan de Universiteit Leiden en promoveerde aldaar in 1856. Hij vestigde zich als jurist te Den Haag. In september 1858 kocht hij, op 24-jarige leeftijd, het eiland Schiermonnikoog voor ƒ 97.058.Schiermonnikoog was beschreven op ƒ 59.147,50. Bancks bood meer en wel ƒ 97.058; de finale toewijzing vond plaats op 8 september 1858 (Dagblad van Zuidholland en 's-Gravenhage, d.d. 26 augustus 1858). Bronnen zijn niet eensluidend in de vermelding van het exacte aankoopbedrag: Schierweb noemt ƒ 96.055 als koopprijs, ook wordt een bedrag van omstreeks ƒ 98.000 genoemd. Banck woonde, als hij op Schiermonnikoog verbleef, in het landhuis Rijsbergen, dat was gebouwd door de vorige eigenaars van het eiland, de familie Stachouwer.Ecomare-encyclopedie: Rijsbergen (webarchief)
Banck legde in 1860 de zeedijk aan, als bescherming tegen het water van de Waddenzee. Hij liet een deel van de kwelders inpolderen. Het ingepolderde gebied kreeg zijn naam de Banckspolder, dat een groot deel van het zuidwesten van Schiermonnikoog beslaat. Hij was een van de oprichters van de zeevaartschool van Schiermonnikoog. Hij zorgde voor beplanting van de duinen met helmgras en liet een zestal boerderijen op het eiland bouwen. Ook realiseerde hij, samen met enkele investeerders, de bouw van een nieuw badhotel, dat in 1923 verloren ging door de afslag van dat deel van het eiland.Schierweb: Geschiedenis Naast de naam van de polder herinnert ook een monument (zie afbeelding) aan zijn werk voor Schiermonnikoog. In 1893 bood Banck Schiermonnikoog te koop aan voor ƒ 35.000 aangezien hij niet lang daarna Nederland zou verlaten wegens gezondheidsproblemen. Kranten uit die periode meldden de vraagprijs en het feit dat zowel Belgen als Duitsers belangstelling hadden om het eiland te kopen. Daarbij werden biedingen genoemd tussen de ƒ 240.000 en ƒ 310.000. Ook een groep Joodse inwoners van Amsterdam en Rotterdam toonden belangstelling, om er een kolonie voor vluchtelingen uit Rusland te vestigen (Rotterdamsch Nieuwblad, d.d. 17 en 24 juli 1893). De verkoop vond plaats in 1893 aan graaf Berthold von Bernstorff, lid van de Duitse Rijksdag, die Schiermonnikoog vooral als zijn jachtgebied ging exploiteren. Sinds het voorjaar van 2010 is een tweetal gedichten van de Taalroute op Schiermonnikoog gewijd aan Banck (zie afbeeldingen).
Banck publiceerde naast juridische geschriften ook enkele dichtwerken als Zeepbellen, de Komeet en diverse gelegenheidsgedichten. Hij schreef diverse teksten voor de componist Richard Hol.Het nieuws van den dag, d.d. 22 april 1902, overlijdensbericht mr. J.E. Banck
Banck zelf wijdde de volgende dichtregels aan Schiermonnikoog:In: Het Vaderland d.d. 2 september 1934
Banck was gehuwd met Sophie Springer. Hij overleed in april 1902 te Wiesbaden op 68-jarige leeftijd en werd aldaar begraven.
Bibliografie Specimen juridicum inaugurale continens: quaestiones de jure hodierno (proefschrift), uitg. Hazenberg, Leiden, 1856 Artikel 56 van het regerings-reglement, beschouwd en toegelicht, uitg. H.C. Susan, C.H. Zoon, Den Haag, 1861 De koloniale staatkunde van het Kabinet ontvouwd en beoordeeld, uitg. de Erven H. van Munster & Zoon, Amsterdam, 1861 Geschiedenis der Nederlandsch-Indische Spoorweg-maatschappij, uitg. Visser, Den Haag, 1869 De Brielsche waternimf en de aesthetiek, uitg. Van Stockum, Den Haag, 1872 Atchin's verheffing en val: met historische bijlagen en een oud kaartje der reede van Atchin, uitg. Nijgh & Van Ditmar, Rotterdam, 1873 Vondel herdacht, uitg. De Graaff, Haarlem, 1879
Dichtwerken Het lied van de trom, de springfontein. bloemenraadsel, wit en rood. (vier gedichten) Zeepbellen: lyrische dichtproeven, uitg. Hassels, Amsterdam, 1851 De komeet: een zang des tijds, uitg. Amsterdam, 1858 Mondig!: een lied Z.K.H. den Prins van Oranje toegezongen uitg. De Breuk & Smits, Leiden, 1858 Verspreide gedichten, uitg. Visser, Den Haag, 1868 23 Mei MDCCCLXVIII : cantate bij de viering van het derde eeuwfeest ter herinnering aan den slag bij Heiligerlee (23 Mei 1568), uitg. Visser, Den Haag, 1868 Ter herinnering, 17 Juni 1877 - serenade: op. 19 (t.g.v. overlijden en begrafenis van koningin Sophie), uitg. Nijhoff, Den Haag, 1878
Categorie:Nederlands ondernemer Categorie:Nederlands filantroop Categorie:Nederlands dichter Categorie:Geschiedenis van Schiermonnikoog