Een kloosterorde is een orde van religieuzen, mannen of vrouwen, die zich verenigd hebben omtrent een gemeenschappelijke geloofsopvatting en kloosterregel waaraan zij gebonden zijn, en die op een permanente wijze samenleven binnen een en dezelfde plaatselijke gemeenschap, een klooster of een tempel. Kloosters van religieuzen die volgens een bepaalde regel leven, vormen samen een kloosterorde. Kloosterorden komen voor bij verschillende religies, waaronder het christendom, de islam en het boeddhisme.

Religieuze gemeenschappen binnen de Rooms-Katholieke Kerk kunnen worden verdeeld in kloosterordes en kloostercongregaties.

Christelijke kloosterorden In het christendom zijn de kloosterorden een zaak van de Rooms-Katholieke Kerk, enkele daarmee verbonden oosters-katholieke kerken en de Anglicaanse Kerk. De oosters-orthodoxe kerken en de oriëntaals-orthodoxe kerken hebben zeer veel kloosters, maar kennen geen afzonderlijke kloosterorden. De lutherse kloosters vormen evenmin afzonderlijke verbanden en zijn volledig geïntegreerd in de regionale kerkelijke organisatie. In kringen van hervormden en methodisten kwamen in de 19e eeuw diakonessenhuizen op.

Katholieke kloosterorden miniatuur|374x374px|Regelen en statuten van een vrouwenklooster. Manuscript uit de 17de eeuw.|alt= Een orde (in kerkelijke zin) is volgens het kerkelijk recht een vorm van een Instituut van Godgewijd Leven. Dit is een vereniging van mannelijke en/of vrouwelijke religieuzen, die zich door geloften verbonden hebben aan een religieuze vereniging binnen de Katholieke Kerk. De leden van de orde worden geacht zich aan de kloosterregels te houden en worden daarom tot de reguliere geestelijken gerekend.

Binnen de Katholieke Kerk wordt verder onderscheid gemaakt tussen kloosterorden (in engere zin) en congregaties (kloostergemeenschappen in ruimere zin). De cesuur ligt bij de besluiten van het Concilie van Trente (1545-1563): een orde is een gemeenschap van reguliere geestelijken (kloosterlingen) (m/v) die plechtige geloften hebben afgelegd, meestal gesticht vóór ongeveer 1550. Leden van een kloosterorde hebben, in tegenstelling tot leden van een kloostercongregatie, een strengere clausuur en behouden geen persoonlijke bezittingen wanneer ze intreden. Hun hoogste autoriteit is de generale overste, die altijd gevestigd is in Rome. Via hem staat de orde rechtstreeks onder het gezag van de paus. een congregatie is een gemeenschap van reguliere kloosterlingen (m/v) die een eenvoudige gelofte hebben afgelegd, meestal gesticht na ongeveer 1550. Bij een congregatie wordt een eenvoudige (tijdelijke of eeuwige) gelofte afgelegd. Een kloostercongregatie staat onder het gezag van de bisschop in wiens diocees het klooster gevestigd is, of zich wil vestigen.

Oblaten waren in de Middeleeuwen kloosterlingen die op (zeer) jeugdige leeftijd door hun ouders aan een klooster werden overgedragen voor een leven als kloosterling. Tegenwoordig slaat de benaming oblaten op leken die zich met een kloosterorde associëren, met name de Benedictijnen.

In de Middeleeuwen worden losse verenigingen van zelfstandige kloosters veelal als congregatie aangeduid. De grens tussen kloosterorde, congregatie en affiliatie (de band tussen moeder- en dochterkloosters) was in de praktijk vaak vloeiend. Sommige congregaties ontwikkelden zich in de elfde en twaalfde eeuw tot echte kloosterorden, die als zodanig door de paus erkend werden; andere kloosterorden uit de begintijd verloren hun zelfstandigheid. Met name bij de augustijner koorheren bleef de organisatiestructuur tamelijk vrijblijvend.

Middeleeuwse kloosterorden bestonden gewoonlijk uit gemeenschappen, waarvan behalve monniken en/of nonnen ook lekenbroeders en -zusters deel uitmaakten. Daarnaast ontstonden vanaf de dertiende eeuw ook gemeenschappen van Apostolisch leven, waarvan de leden geen kloostergelofte aflegden, waaronder de begijnen, de begarden en een deel van de geestelijke ridderorden oftewel hospitaalbroeders en -zusters. Een deel daarvan werd door oudere kloosterorden onder hun hoede genomen; de meeste worden na ongeveer 1550 tot de congregaties gerekend. In de onderstaande lijst is ervoor gekozen behalve de kloosterorden (in engere zin) ook de apostolische leefgemeenschappen en congregaties vóór ongeveer 1550 op te nemen.

Naar levensstijl worden de orden van kanunniken (augustijner koorheren, premonstratenzers, kruisbroeders) en clerici (jezuïeten en missiecongregaties) onderscheiden van de soberder levende monniken (benedictijnen, cisterciënzers) en leden van de bedelorden. Verder zijn er de kluizenaars (kartuizers). Verschillende orden zijn mengvormen (dominicanen, augustijnen).

Naar het doel kan men de kloosterorden indelen in overwegend beschouwende orden (benedictijnen, cisterciënzers, kartuizers), overwegend actieve orden (geestelijke ridderorden en broeders van het gemene leven) en gemengde orden (norbertijnen, bedelorden, begijnen en tertiarissen). Bij norbertijnen, bedelorden en augustijnen is het vooral de vrouwelijke tak (de zogenoemde tweede orde), die zich beschouwend opstelt.

Abdijen, proosdijen, priorijen, commanderijen en kapittels

Niet alle kloosters worden abdijen genoemd. Een abdijgemeenschap wordt enkel gevormd bij monniken- en nonnenkloosters van de eerste of tweede orde, met name bij de ordes van de benedictijnen, cisterciënzers, kartuizers en norbertijnen.

Kloosters van Augustijner koorheren worden doorgaans een kapittel genoemd. Bij de norbertijnen spreekt men ook wel over een canonie; de abt heette hier vanouds een proost. Een kloostervestiging die afhankelijk is van een abdij (doorgaans een nonnenklooster) noemt men priorij. De bedelorden kenden vanouds geen abdijen, maar conventen; de overste heet hier prior of gardiaan. Bij de geestelijke ridderorden spreekt men over een commanderij, die wordt geleid door een commandeur.

Kloosterorden en congregaties moeten onderscheiden worden van kapittels van seculiere kanunniken. Dit zijn gemeenschappen van seculiere geestelijken, verbonden aan een kathedraal, basiliek of belangrijke parochiekerk.

Indeling van rooms-katholieke kloosterorden

Kloosterorden volgens de regel van Benedictus Benedictijnen: Ordo Sancti Benedicti (OSB) Cluniacensers of Orde van Cluny: Ordo Cluniacensis (OSBClun) Camaldulenzers of Congregatie van Camaldoli: Ordo of Congregatio Camaldulensium Monto Coronae (Witte Benedictijnen) Vallombrosianen of Congregatie van Valombroso: Ordo of Congregatio Vallis Umbrosae Ordinis Sancti Benedicti (OSBVall of CVUOSB) Ebrandijnen of Benedictijnen van Fontevraud: Ordo Fons Ebraldensis Tironiënsers of Benedictijnen van Tiron: Ordo Tironensis, Tironiensis (OSBTiron) (Frères gris) Benedictijnen van de Savigny: Ordo Savigniacensis, 1147 toegetreden tot de cisterciënsers Congregatie van Notre-Dame de Calvaire te Poitiers Engelse Congregatie Silvestrijnen: Congregatio Silvestrina Ordinis Sancti Benedicti (CSilvOSB) (Blauwe Benedictijnen) Celestijnen: Ordo Sancti Benedicti Coelestinensis, ook wel Ordo Celestinorum (OSBCoel) (Celestijner Heremieten) Olivetanen: Ordo Sancti Benedicti Montis Oliveti, ook wel Congregatio Sanctae Mariae Montis Oliveti, Fratres Eremitae de Monte Oliveti (OSBOliv) Benedictijnen van Monte Cassino: Ordo of Congregatio Cassinensis (OSBCas) Congregatie van Bursfelde: Congregatio Bursfeldiensis Cisterciënzers of Orde van Cîteaux: Sacer Ordo Cisterciensis (OCist of SOCist) (Grijzemonniken, Schieremonniken, grauwe monniken, ook wel witte monniken genoemd) Trappisten: Ordo Cisterciensis Strictioris Observantiae (OCSO) Kartuizers: Ordo Carthusianorum (OCart) (grauwe monniken) Kaulieten of Orde van Val des Choues: Ordo Vallis Caulium (Valliscaulianen)

Reguliere kanunniken volgens de regel van Augustinus Augustijner koorheren: Canonici Augustianus, Canonici Regulares Sankti Augustini (CRSA, CanA, CanR), zie ook: Augustinessen. De lijst van congregaties en losse verbanden is chronologisch. Zelfstandige kloosters zijn niet opgenomen. Zwitserse Congregatie van Saint Maurice d'Agaune (Wallis, Zwitserland) Reguliere kanunniken van Saint Ruf te Avignon (Frankrijk) Reguliere kanunniken van San Frediano te Lucca (Italië), 1512 toegetreden tot de Congregatie van Lateranen Congregatie van de Heilige Nicolaas en Bernard van Mont Joux te Grand-Saint-Bernard (Zwitserland) Reguliere kanunniken van Springiersbach (Rheinland-Pfalz, Duitsland) Reguliere kanunniken van Rottenbuch (Beieren, Duitsland) Reguliere kanunniken van San Marco Evangelista di Mantova (Italië) Reguliere kanunniken van Lateranen, in de 15e eeuw omgevormd tot Congregatie van de Allerheiligste Verlosser van Lateranen: Congregatio Canonicorum Regularium Ss.Salvatoris Lateranensis (CRL) Congregatie van Herrival (Lotharingen, Frankrijk), 1747 opgegaan in de Congegratie van de Heilige Verlosser Congregatie van het Heilig Kruis van Mortara (Lombardije, Italië), in 1449 toegetreden tot de Congregatie van Lateranen Reguliere kanunniken van Marbach (Baden-Württemberg, Duitsland) Reguliere kanunniken van Santa Maria te Portu bij Ravenna (Italië), opgegaan in de Congregatie van Lateranen Congregatie van Chancelade (Dordogne, Frankrijk) Salzburger Unie van hervormde huizen van reguliere kanunniken Congregatie van het Heilig Kruis van Coimbra (Portugal) Congregatie de Observantie van Roudnice nad Labem (Raudnitz an der Elbe) (Tsjechië) Congregatie van Groenendaal (België), 1412 samengegaan met de Congregatie van Windesheim Congregatie van Windesheim: Canonici Regulares Sancti Augustini Fratrum a Vita Communi (CRVC) Reguliere kanunniken van Rolduc, volgens sommige auteurs een congregatie Congregatie van San Giorgio in Alga bij Venetië (Italië) Reguliere kanunniken van Fregionaia bij Lucca (Toscane, Italië), in 1446 opgegaan in de Congregatie van Lateranen Congregatie van Sint Jan de Evangelist: Boni Homines in Villar de Frades (Portugal) Congregatie van de Heilige Verlosser (Frankrijk) Congregatie van Frankrijk: Congregatio Gallica (génovéfiens) Congregatie van Krakau (Polen) Ierse congregatie van Sint-Patrick Congregatie van de Onbevlekte Ontvangenis (CRIC) Oostenrijkse congregatie Congregatie van Onze-Lieve-Vrouw, Moeder van Onze Verlosser Congregatie van de Broeders van het Gemene Leven te Maria Bronnen: Canonici Regulares Sancti Augustini Fratrum a Vita Communi (CRVC) Norbertijnen: Ordo Praemonstratensis (OPraem) (Premonstratenzers, Witheren, zie ook Norbertinessen (Wittevrouwen)) Kruisheren Orde van het Heilig Kruis: Ordo Sanctae Crucis (OSC) (Kruisheren of Kruisbroeders) Orde van Reguliere kanunniken van het Heilig Kruis: Ordo Canonicorum Regularium Sanctae Crucis (ORC) zie ook: Duitse Orde (geestelijke ridderorde) Orde van de Reguliere Kanunniken van het Heilige Graf: Ordo Sancti Sepulcri. Hieruit is de ridderorde van het Heilige Graf van Jeruzalem (OESSH) ontstaan Orde van de Reguliere Kanunniken van Saint-Victor (Parijs, Frankrijk): Congregatio Monasterii Victorianae (CRSV) (12e eeuw, later als congregatie van augustijner koorheren beschouwd) Orde van de Reguliere Kanunniken van Arrouaise te Mesnil-en-Arrouaise: Ordo Aroasiensis (12e eeuw, daarna uiteengevallen) Orde van de Reguliere Kanunniken van Sainte-Catharine du Val des Escoliers (Parijs): Ordo Vallis Scolarum Gilbertijnen of Orde van de Reguliere Kanunniken van Sint Gilbert: Ordo Gilbertinorum Canonicorum of Ordo Sempringensis (OGilb) Orde van de Allerheiligste Verlosser: Ordo sanctissimi Salvatoris (OSsS) (Birgittijnen en Birgittinessen) Zie ook: Orde van het Kruis met de Rode Ster, Orde van Reguliere Kanunniken van Roncisvalle en Orde van Reguliere Kanunniken van Sint Jacob van het Zwaard (geestelijke ridderorden) Zie ook: augustijner heremieten, dominicanen (bedelorden)

Bedelorden of Mendicanten Augustijner heremieten: Ordo Eremitarum Sancti Augustini (OESA), tot 1968; ontstaan in 1256 uit janbonieten, brictinensen, wilhelmieten en twee andere groepen; zie ook: augustinessen