thumb|Gedenksteen in Noord-Jeruël in Houtigehage ter herinnering aan ds. Visscher thumb|Noord Jeruël in Houtigehage, gesticht door ds. Visscher Johannes Antonie Visscher (Asch, 30 maart 1876 – Groesbeek, 4 februari 1943), gewoonlijk aangeduid als Ds. J.A. Visscher, was een Nederlandse armoedebestrijder, hervormd predikant en auteur, die in al deze hoedanigheden blijk gaf van een grote sociale bewogenheid.Hij was aanjager, oprichter en leider van diverse instellingen en initiatieven ter verbetering van het leven van met name de arme, agrarische bevolking. Als auteur werd hij vooral bekend in protestants-christelijke kringen door zijn fictie, die het leven van de arme plattelandsbevolking afzet tegen de uitbuitende of onverschillige gegoede klasse.
Leven en maatschappelijke activiteiten Visscher was een zoon van de predikant Rijn Visscher en Anna Hendrika van Embden. Na zijn studie theologie aan de Rijksuniversiteit Leiden ging hij eerst werken in een achterstandswijk in Rotterdam. Hij trouwde op 14 augustus 1903 te Stompwijk met Anna van Duijvendijk, dochter van Pleunis van Duijvendijk en Louisa Carolina Pieternella Lamaison. In datzelfde jaar vertrok hij naar Rottevalle in het veenkoloniale gebied in het oosten van de provincie Friesland. Samen met zijn vrouw trok hij, met een kofferorgeltje in een kruiwagen, door de omgeving van Rottevalle om daar geïmproviseerde kerkdiensten te houden. In het dorpje Houtigehage stichtte hij het gebouw "Noord Jeruël", genoemd naar een wijkvereniging in Rotterdam.Friesch Dagblad 30 augustus 2003: Het werk van 'Fisker' onder de arme 'heidtsjers'. Gearchiveerd op 5 maart 2016. Visscher, door de Friese bevolking Fisker genoemd, ijverde voor verbetering van de woonomstandigheden door onder meer de spitketen op de heide te vervangen door woningen met een tuin voor de arbeidende bevolking.
In 1909 legde hij zijn ambt als predikant neer om zich te wijden aan landelijke activiteiten. Hij vertrok van Friesland naar Den Haag. Door zijn verblijf in Friesland werd Visscher een overtuigd voorstander van de noodzaak van heideontginning. Hij was de oprichter en tevens directeur en secretaris van de Vereniging Nederlandse Landkolonisatie en Inwendige Zending. De vereniging gaf periodieken uit als Ons Heidewerk en Om en op de Heide. Hij zag hier ook mogelijkheden om dit werk in te zetten in het kader van de reclassering. In 1921 lanceerde hij een plan tot het stichten van een aantal kolonies, waar 'ontredderden' hetzij verpleegd zouden worden hetzij door middel van werkverschaffing een nieuwe kans in de maatschappij zouden krijgen.Het Vaderland 7 mei 1921: Een volledig reclasseringsplan Op verzoek van het ministerie van Justitie werden zijn ideeën gerealiseerd in kolonies in Opende (Wilhelminahoeve), Vries (Philadelphia) en Beekbergen (Het Hooge Land). Visscher zelf keerde, na vijf jaar in Den Haag te hebben gewerkt, in 1914 weer terug naar Friesland. Hij was betrokken bij het werk in de gevangenis van Leeuwarden en hij was een van de oprichters van het tehuis voor daklozen genaamd Praktische hulp. Van 1914 tot 1923 was hij woonachtig in Drachten en daarna tot 1926 in Leeuwarden. In dat jaar besloot hij zijn ambt van predikant weer op te nemen en aanvaardde een beroep naar Groesbeek. Ook daar bleef hij zich bezighouden met sociale arbeid. Hij richtte de vereniging voor christelijk maatschappelijk hulpbetoon Morgenrood op en de Nederlandse Centrale voor practische werkverruiming en hulpverlening, die bekend werd als de PH.
Dominee Visscher overleed in februari 1943 te Groesbeek op 66-jarige leeftijd.
Nalatenschap en erkenning De Nederlandse Centrale voor practische werkverruiming en hulpverlening leeft voort in de Groesbeekse Tehuizen, een instelling voor mensen met een verstandelijke beperking die deel uitmaakt van Pluryn. De fondsen voor geestelijke gezondheidszorg kwamen tot de instelling van de AWBZ voornamelijk uit liefdadigheid. Toen de nieuwe wet dit overbodig maakte, werden de overgebleven gelden en latere legaten in een fonds gestort, beheerd door de Stichting Ds. Visscherfonds. Deze werft fondsen en steunt wetenschappelijk onderzoek ten dienste van zorg aan personen met een verstandelijke beperking. Ook alles wat dit doel ten goede komt, kan in aanmerking komen voor ondersteuning. De stichting kent tweejaarlijks de Ds. Visscherprijs toe aan dissertaties op dit gebied. De prijs is uitgereikt van 1993 tot 2005, daarna sinds 2008.
Naast de stichting en de prijs zijn ook straten vernoemd naar Visscher. In Houtigehage is dat de Ds. Visscherwei. Aan deze straat staat ook het door hem gestichte kerk- annex verenigingsgebouw "Noord Jeruël", met een gedenksteen die herinnert aan zijn werkzaamheden in dit gebied. De kerk maakt sinds 1988 deel uit van de Nederlandse Hervormde Kerk. In Groesbeek, waar hij vanaf 1926 preekte, is een Dominee J.A. Visscherlaan. Ook in Heerjansdam en Lathum zijn straten naar hem vernoemd.
Auteur Als auteur werd Visscher voornamelijk bekend in protestantse kringen. Recensenten prezen in Visschers fictie de schrijfstijl en de schildering van het leven van de agrarische bevolking. Hij behandelt de confrontatie van arme, gelovige en gekoeioneerde plattelanders met een hooghartige, egoïstische of onverschillige gegoede klasse, die eventueel wel tot inkeer en berouw kan komen. De thematiek wordt veelal zwaar aangezet, wat meer gewaardeerd werd door critici die sterk vanuit kerkelijk standpunt oordeelden, dan door literair georiënteerde recensenten. Enkele citaten over de roman Zoo´n heidekerel:
Daarnaast schreef hij ook de Ridderroman Ochtendgloren en twee romans die zich afspelen in de barre winter van Alaska (In Efratha's velden en Het geheim van het sneeuwland).
Bibliografie Bisschop Patteson: de apostel en martelaar van Melanesië uitg. Bredée, Rotterdam, 1905 Van de arme Friesche heide uitg. Tjeenk Willink, Haarlem, 1909, 2e druk 1910 Uit het land van oude Lutske uitg. Ruys, Utrecht, 1913 Schemerdal uitg. Callenbach, Nijkerk, 1916 Ochtendgloren uitg. La Rivière & Voorhoeve, Zwolle, 1917 (later omgewerkt tot De zoon van den roofridder, 3e druk 1925) De ruïne van Walroo uitg. Boek- en Kalenderbureau Het Vischnet, Den Haag, 1917 Toen de heide riep uitg. Daamen, Den Haag, 1922 De Fryske heide yn kultuer: petearen en reizen mei domeny J.A. Visscher te Ljouwert, uitg. Brandenburgh, Sneek, 1926 (geschreven door Jacobus Pieters Wiersma met teksten van Visscher) Wrakhout uitg. Koning, Baarn, ca 1929 In Efratha's velden, 1923 Het geheim van het sneeuwland, 1936 Schooier waar ga jij naar toe? uitg. Callenbach, Nijkerk, 1939 Gekke Eimer in de Friesche Almanak, 1941 Twisken heide en beamgûd yn (in 1946 in het Fries vertaald door Eelke Simens de Jong), uitg. La Rivière & Voorhoeve, Zwolle Sa'n heidekeardel : roman fan de earme Fryske heide (in 1981 in het Fries vertaald door Eelke Simens de Jong), uitg. Osinga, Bolsward,
Externe link Geschiedenis van de NCPH, met bijzondere aandacht voor Visscher op ncph.nl
Categorie:Nederlands predikant Categorie:Nederlands schrijver