thumb|Warmond en de Kagerplassen in 1617. thumb|De voormalige gemeente Warmond in ca. 1865 Café-restaurant in de voormalige dorpsschool op Dorpsstraat 40|thumb thumb|De Dorpsstraat in Warmond Warmond is een dorp en een voormalige gemeente in Zuid-Holland, gelegen in de Bollenstreek, vlak ten noorden van Leiden, tussen Sassenheim en Oegstgeest. Per 1 januari 2006 is de gemeente met Sassenheim en Voorhout opgegaan in de gemeente Teylingen. Het inwonertal van de voormalige gemeente Warmond bedroeg op dat moment 4.915. Op telde Warmond inwoners.
Ligging Het dorp Warmond ligt aan de Kagerplassen, die ook voor het grootste deel in het Warmondse deel van de gemeente Teylingen liggen. Het dorp is bekend als een welvarende locatie. Het ligt op een oude strandwal. Deze loopt parallel aan de Leede, een water dat de Kagerplassen via enkele kanalen met de Oude Rijn verbindt. Evenwijdig aan de Leede lopen de Herenweg en de Dorpsstraat. Deze beide straten worden met elkaar en met het water verbonden met een reeks smalle steegjes, die dammen worden genoemd. Het polderland aan de oostkant van de Kagerplassen (ook wel het 'Lage land' genoemd) is vanuit het dorp Warmond alleen over het water of via het grondgebied van buurgemeenten te bereiken.
Naam Warmond wordt voor het eerst, onder de naam "Uuarmelde", genoemd in een negende-eeuwse goederenlijst van de kerk van Utrecht. Hierin staat dat de kerk Sint Maarten te Utrecht drie mansi (boerderijen) in het dorp bezat. Volgens dr. D.P. Blok was de naam "Uuarmelde" oorspronkelijk de naam van een waterloop, waarschijnlijk de huidige Leede en de Hofleede, het belangrijkste water bij het huidige dorp. Toen mensen zich daar in de vroege middeleeuwen vestigden, zal de naam van de waterloop later zijn overgegaan op de nederzetting. Overdracht van een waternaam op aangrenzend land is in Nederland heel gangbaar geweest.Schönfeld, M. (1980). Veldnamen in Nederland. Gybers & Van Loon, Arnhem, p. 141; Blok, D.P. (1969). 'De naam Warmond', in: A.G. van der Steur (red.). Heeren en Bueren, Bijdragen tot de geschiedenis van Warmond, 's-Gravenhage: Kruseman, p. 9-11. In de 11e eeuw komt de naam voor als Warmunde en in de 14e en 15e eeuw als Wermonde en Warmonde.
Geschiedenis Prehistorie en Romeinse tijd Op de plek waar nu Warmond ligt, woonden in de prehistorie al mensen. Tijdens een archeologische opgraving aan de westelijke rand van Warmond, werd ontdekt dat daar zo’n 4500 jaar geleden een prehistorische nederzetting is ontstaan.Bink, drs M. (2006). Warmond, Park Klinkenberg. Archeologisch onderzoek. BAAC-project 05.004. In het prehistorische Warmond woonden waarschijnlijk maar enkele tientallen mensen. Deze leefden van akkerbouw en van de veeteelt. Zo vonden de archeologen resten van gerst, hazelnoten, speenkruidknolletjes en bramen en vlierbessen, en ook botten van varkens, koeien, schapen en geiten. Aan deze botten was te zien dat daarin gesneden en gehakt was, en ook dat daaraan geknaagd was. Ten slotte vonden de archeologen ook botjes van zoetwatervissen. Bij de opgraving werden ook veel potscherven gevonden. Deze waren versierd met afdrukken van nagels of met stokjes. De type versieringen op de Warmondse scherven laten zien dat de nederzetting ergens tussen 2550 en 2400 vóór Christus bewoond is geweest. Misschien hebben de prehistorische Warmonders ook een beetje handel gevoerd. Dat blijkt uit het feit dat de archeologen daar, naast de lokale vuursteen, ook vuurstenen werktuigen uit andere streken vonden (uit het noorden van Nederland en ook uit Limburg). Deze vuursteen was niet aangevoerd door gletsjers. De Warmonders van toen hadden dus mogelijk contact met mensen van elders; bijvoorbeeld reizigers die leefden van de ruilhandel.Klinken, H. van (2006). "Warmonders bestaan al 4500 jaar, opgravingen tonen bewonerssporen uit de Steentijd", in: De Hekkensluiter, jaargang 3 nr. 2, Historisch Genootschap Warmelda.
Bij andere opgravingen zijn ook sporen uit de IJzertijd (vanaf ca. 600 vóór Christus) en uit Romeinse tijd gevonden. Het betrof echter géén sporen van een nederzetting, maar slechts losse vondsten. Onder meer een pot uit de IJzertijdGermaans urntje van handgevormd aardewerk, bolvormig, met opstaande, gekartelde rand. Collectie Rijksmuseum van Oudheden te Leiden, Inventarisnummer: h 1937/7.1 en ook schervenBink, drs M. (2006). Warmond, Park Klinkenberg. Archeologisch onderzoek. BAAC-project 05.004, p. 65 en een munt uit de eerste twee eeuwen na Christus. In of bij Warmond woonden toen dus wel mensen. Deze vondsten worden pas begrijpelijk binnen de historisch context. Rond het jaar 20 vóór Christus kwamen de Romeinen naar Nederland, maar pas vanaf ongeveer 40 ná Christus kwamen zij naar de kuststreek. Om de Rijn in handen te houden, bouwden de Romeinen allerlei legerforten langs de rivier. Rond de plek waar later Leiden zou ontstaan, bouwden zij legerfort 'Matilo'. De aanwezigheid van de Romeinse soldaten zorgde voor een zekere veiligheid. In de kuststreek ontstonden dan ook allerlei dorpjes. De mensen vestigden zich hier als boeren en vissers en zij dreven handel met de Romeinen. De vondsten uit die tijd die in Warmond zijn gedaan, hebben hiermee te maken. Na het jaar 250 kwam hier een einde aan. Het Romeinse rijk begon in te storten en de Romeinen trokken zich terug naar het zuiden. Door het vertrek van de Romeinen trok de door hen beschermde bevolking ook weg. De kuststreek, waar boerderijen en akkers voor altijd verlaten waren, vulde zich langzaam met bossen.Dijkstra, M.F.P. (2011). Rondom de mondingen van Rijn & Maas, landschap en bewoning tussen de 3e en 9e eeuw in Zuid-Holland, in het bijzonder de Oude Rijnstreek. Academisch proefschrift, Universiteit van Amsterdam, Sidestone Press, p. 372
Vroege en hoge middeleeuwen thumb|rechts|Muren van de ruïne van de kerk bij de Oude toren, met resten van hergebruikt tufsteen, vermoedelijk afkomstig van een eerdere bouwfase Pas na een paar eeuwen ontstonden in de kuststreek weer dorpjes. Vooral in verband met de Kerstening van de kuststreek vernemen we de eerste berichten over de toenmalige bevolking. In 690 kwam Willibrord aan land bij de monding van de Schelde. Bekend is zijn betrokkenheid bij de stichting van de kerk van Oegstgeest tussen 719 en 739.Lugt, F. (2010). Het goed van Oestgeest, de middeleeuwen in Oegstgeest, Poelgeest, Kerkwerve, Rijnsburg en Nieuw-Rhijngeest, uitgeverij Ginkgo, tweede druk, p. 41 Deze kerk werd de moederkerk van verschillende kapellen in omringende dorpen, zoals Warmond. Het dorp Warmond wordt voor het eerst vermeld tussen 885 en 896,Dijkstra, M.F.P. (2011). Rondom de mondingen van Rijn & Maas, landschap en bewoning tussen de 3e en 9e eeuw in Zuid-Holland, in het bijzonder de Oude Rijnstreek. Academisch proefschrift, Universiteit van Amsterdam, Sidestone Press, p. 481 en zijn kapel wordt kort vóór 1049 genoemd.Fannee, M. (2014). tlant te Waremunde, een studie over Warmond in de middeleeuwen (1100-1400), Historisch Genootschap Warmelda, p. 13.
Buiten het bestaan van een Warmondse kapel en later kerk rond het jaar 1000 (als dochterkerk van Oegstgeest) is over het vroeg- en hoog-middeleeuwse Warmond maar weinig bekend. Archiefstukken uit die tijd zijn er amper. Wel heeft de archeologie enkele sporen uit deze periode gevonden, zoals een gebouwtje waarvan een van de houten paaltjes een koolstofdatering had tussen 865 en 1042 na Chr.,Bink, drs M. (2006). Warmond, Park Klinkenberg. Archeologisch onderzoek. BAAC-project 05.004, p. 22, 65 en ook zijn op de top van de strandwal (aan de Herenweg achter de Hervormde kerk) een groot aantal vroegmiddeleeuwse weefgewichten gevonden, wat op bewoning duidt.Erfgoed Leiden en Omstreken, Leidse Courant, 17 februari 1961, pag. 4
Door een studie over de oudste belastingen die in Warmond geheven werden (met name de tijns), is ten slotte duidelijk geworden dat de kern van het dorp Warmond in de 12de eeuw al lag waar het historische centrum heden nog gelegen is: aan de oevers van de Leede.Fannee, M. (2014). tlant te Waremunde, een studie over Warmond in de middeleeuwen (1100-1400), Historisch Genootschap Warmelda, p. 25 e.v. Ook is aannemelijk gemaakt, dat de Warmondse dorpskerk in de periode 1127-1156 in tufsteen werd herbouwd en toen aan St. Matthias werd gewijd.Fannee, M. (2017). Heren van Warmond en Woude (985-1503), Historisch Genootschap Warmelda, p. 19
Late middeleeuwen Pas door de toenemende verschriftelijking in de 13de eeuw is er meer bekend over het dorp. Het zijn dan vooral de heren van Warmond (en andere Warmondse edelen) die zich manifesteren. De eerste heer van Warmond van wie de naam bekend is, was heer Frank van Warmond. Op 20 februari 1201 was hij bij de graaf van Holland op bezoek. De graaf schonk toen landerijen aan een abdij en vroeg de heer van Warmond om getuige te zijn.Koch, dr. A.C.F. (1970). Oorkondenboek van Holland en Zeeland tot 1299, deel I, Martinus Nijhoff, ’s-Gravenhage, p. 419 [nr. 250];
thumb|links|Het middeleeuwse Huys te Warmont, getekend door Roghman De heren van Warmond woonden eerst in een kasteel naast de dorpskerk (bij de huidige Oude Toren). Pas na 1300 woonden zij op het Huys te Warmont.Fannee, M. (2016). "Het oudste kasteel van de heren van Warmond of de gevangenis van een Zeeuwse ridder", in: Noort, A. van [et al.] (2016). Warmond, beelden van een millennium, Historisch Genootschap Warmelda. Het dorp had nog meer kastelen, zoals Alkemade, Endepoel, Oud Teylingen/Lockhorst en Dirks Steenhuis. Deze zijn allemaal verdwenen. Alleen het kasteel van de heren van Warmond bestaat nog.
De heren van Warmond waren ridders en ze worden vermeld op verschillende slagvelden, zoals ridder Jacob van den Woude (†1302), de kleinzoon van Frank van Warmond. In 1301 vond een groot veldslag plaats tussen Holland en Utrecht, en Jacob van den Woude leidde het Hollandse leger samen met vier andere edelen. Een latere heer van Warmond, Jan van den Woude (†1417), was ook zo’n stoere vechtersbaas. In 1396 ging hij samen met de graaf van Holland tegen de Friezen vechten. Voor de strijd sloeg de graaf de heer van Warmond ook tot ridder.Fannee, M. (2017). Heren van Warmond en Woude (985-1503), Historisch Genootschap Warmelda, p. 69 e.v., p. 116 e.v. In 1402 werd de inzet van de heren van Warmond beloond: de graaf verhief Warmond tot ‘hoge en vrije heerlijkheid’. Daardoor werd Warmond een zelfstandig gebied, een ‘staat in de staat’.Mediëvist Antheun Janse noemt bezitters van hoge heerlijkheden ook veelbetekenend ‘semi-landsheren’. Zie: Janse, A. (2009). Ridderschap in Holland, portret van een adellijke elite in de late Middeleeuwen. Adelsgeschiedenis 1, tweede herziene druk, Uitgeverij Verloren, Hilversum, p. 152-155. De heren van Warmond waren dus steeds machtiger geworden. Toch moesten zij het soms ook ontgelden: in 1420 en 1426 werd hun kasteel, het Huys te Warmont, aangevallen en in brand gestoken.Fannee, M. (2017). Heren van Warmond en Woude (985-1503), Historisch Genootschap Warmelda, p. 143, 145.
thumb|rechts|Graf van de 14de-eeuwse heer van Warmond ridder Jacob XIV van den Woude in het koor van de ruïne bij de Oude Toren. De oorspronkelijke grafsteen is in de 17de eeuw vervangen door de huidige. In de geest van hun tijd waren de heren van Warmond vrome ridders. Jan van den Woude, die met de graaf in Friesland had gevochten, stichtte in Warmond in 1410 en 1413 twee kloosters. Het eerste was het mannenklooster Mariënhaven dat stond op de plek waar in Warmond nu de woonwijk De Kloosterwei is gelegen. Het tweede klooster, vrouwenklooster St. Ursula, stond aan de noordzijde van de Oude Toren. Die plek is nu een weiland.
16e eeuw