Kartlos (Georgisch: , ) was de legendarische stichter en naamgever van Georgië en de mythische aartsvader van de Georgiërs. Volgens de Georgische legende was hij de tweede zoon van Togarma (ook wel Targamos, de kleinzoon van Jafet) en broer van Haos (Hajk, de mythologische aartsvader van de Armeniërs), Movakos, Lekos, Heros, Kavkasos, Egros, Bardos en andere mythologische voorouders van de Kaukasische volkeren.
Achtergrond miniatuur|400px|Koninkrijk Kartli/Iberië Vader Targamos verdeelde zijn land en volk onder zijn acht kinderen. Aan Kartlos werd een groot gebied toegekend dat de romp van het latere Georgië zou vormen. Het gebied werd in het oosten begrensd door Hereti en de rivier Berdoedzji (Debed) en in het westen door de Pontische Zee (Zwarte Zee).
In het zuiden liep de grens van het gebied over het gebergte dat zich naar het westen uitstrekte vanaf de bovenloop van de Berdoedzji en liep via de bovenloop van de Mtkvari door Tao-Klardzjeti naar de zee. In het noorden vormde de Grote Kaukasus voor een deel de grens, die via het Ghado-gebergte (Lichigebergte) naar het zuidwesten naar de zee liep. Dit werd Kartli.
Kartli miniatuur|De samenvloeiing van de Aragvi en Mtkvari was het centrum van de ontstaansgeschiedenis van Kartli. Hier bouwde Kartlos zijn residentie en stichtte zijn zoon Mtschetos de stad Mtscheta, de hoofdstad van koninkrijk Iberië (Kartli). Volgens de legende reisde Kartlos na het toekennen van het land door zijn vader naar de samenvloeiing van de Aragvi en de Mtkvari bij de hedendaagse stad Mtscheta. Daar bouwde hij een fort en zijn residentie op de berg Armazi, die hij naar hemzelf hernoemde als Kartli. Hij was daarmee de grondlegger van het koninkrijk Kartli (Iberië). Daarna bouwde hij het fort Orbi, het latere fort Samsjvilde. Vervolgens bouwde hij het fort Mtoeëri, dat later Chanoeni werd genoemd. Kartlos leefde volgens de legende lang en had veel nakomelingen.
Zijn zonen, de vijf helden Mtschetos, Gardabos, Kachos, Koechos en Gatsjios, en de kleinzonen van zijn zoon Mtschetos, Odzrcho, Dzjavachos en Oeplos, worden geacht grondleggers te zijn van verschillende Georgische steden en feodale vorstendommen van het koninkrijk. Dit betrof op volgorde de steden en gebieden Mtscheta, Gardabani, Ertso-Tianeti / Kacheti, Koecheti, Gatsjiani, Odzrche (Tao-Klardzjeti), Dzjavacheti en Oeplistsiche. De legende beschrijft hiermee aan de hand van de analogie met de kinderen van Kartlos het koninkrijk Kartli als land met "kinderen" als de grote feodale domeinen binnen het koninkrijk.
Toen Kartlos stierf en op de berg Kartli werd begraven, verdeelde zijn vrouw het land onder haar zonen. Ze liet zelf Deda-tsiche bouwen, het "moeder-fort", het latere fort Narikala in Tbilisi, waar in 1958 het monument Kartlis Deda werd opgericht. Ze bouwde tevens Bostan-kalaki (Bostan-stad, stad van tuinen), op de plek waar later Roestavi kwam. Mtschetos was de machtigste zoon van Kartlos. Hij kreeg het centrale deel van Kartli, waar zijn vader zijn zetel had, en bouwde er de stad Mtscheta. Hij overheerste over zijn vier broers.
Stamboom 400px|miniatuur|Togarma en zijn zonen. V.l.n.r.: Movakan, Bardos, Kartlos, Haos, Lekos, Togarma, Kavkasos, Egros. De stamboom is gebaseerd op de lezing van Leonti Mroveli, de 11e-eeuwse Georgische historicus en auteur van de 'Georgische Kronieken' (Georgisch: , , Het leven van Kartlië), dat beschouwd wordt als het meest coherente historische werk over de vroege Georgische geschiedenis.
Academische studies hebben aannemelijk gemaakt dat Mroveli is afgeweken van de Bijbelse en Byzantijnse afstammingsschema's, met name ten aanzien van de afstamming van Kartlos en de stamboomrelatie tussen Kartlos en Hajk. Naar de Armeense en Byzantijnse lezing is Togarma de zoon van Gomer en de vader van Hajk, terwijl Tarsis de vader van Kartlos is.
Referenties
Categorie:Geschiedenis van Georgië