Jean Giono (Manosque, 30 maart 1895 – aldaar, 8 oktober 1970) was een Franse schrijver en dichter, wiens werk diep geworteld is in de Provence en de verbondenheid van mens en natuur. Hij staat vooral bekend om zijn mythologische romans, zijn pacifistische houding en zijn pleidooi voor een leven in harmonie met de natuur.
Biografie
Jeugd en vroege carrière Giono werd geboren als zoon van een arme schoenmaker in Manosque, Alpes-de-Haute-Provence. Zijn moeder was wasvrouw. Op 11-jarige leeftijd beklom hij voor het eerst de Montagne de Lure op een muilezel, een ervaring die zijn leven en werk diep zou beïnvloeden. Tijdens de Eerste Wereldoorlog diende hij als soldaat in het 140e Infanterieregiment en vocht bij Les Éparges, Verdun, Noyon, Saint-Quentin, Chemin des Dames en de Kemmelberg. Daar stierf hij bijna bij een gasaanval. Na de oorlog begon hij met het publiceren van gedichten, terwijl hij werkte als bankbediende.
Literaire loopbaan Giono's vroege werk bestaat uit mythologische romans, geschreven in dichterlijk proza, waarin hij de Provence en de relatie tussen mens en natuur bezingt. Zijn "Pan-trilogie" - Coline (1929), Un de Baumugnes (1929), en Regain (1930) - is hier een voorbeeld van. Centraal in zijn werk staat de eenzaamheid van de mens en de spanning tussen moderne beschaving en oerkrachten. Zijn pacifistische en anarchistische opvattingen komen tot uiting in werken als Refus d'obéissance (1937), waarin hij zijn oorlogservaringen verwerkt.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd Giono tweemaal geïnterneerd: eerst wegens dienstweigering, later vanwege vermeende steun aan het Vichy-regime. Hij publiceerde enkele artikelen in het collaborerende tijdschrift La Gerbe en werd genoemd in het Duits propagandatijdschrift Signal. In januari 1945 kwam hij vrij zonder aanklacht.Jan Huijbrechts, Jean Giono op de Kemmelberg, 't Pallieterke, 4 mei 2023, p. 18
Latere werk en erkenning Na de oorlog verschuift Giono's focus naar historische thema’s. Bekende werken uit deze periode zijn Les âmes fortes (1950) en Le hussard sur le toit (1951), dat later werd verfilmd. Zijn beroemdste werk, L'Homme qui plantait des arbres (1953), in het Nederlands vertaald als De man die bomen plantte door Ernst van Altena, schreef hij in opdracht van Reader's Digest, maar werd uiteindelijk gepubliceerd in Vogue, nadat bleek dat het verhaal fictie was. Giono was lid van de Académie Goncourt en ontving diverse onderscheidingen.
Giono overleed op 75-jarige leeftijd aan een hartaanval.Zie onder andere hier en Encyclopedie van de Wereldliteratuur.
Erkenning en nalatenschap Giono's werk is meermaals verfilmd en onderscheiden. Zijn huis Le Paraïs in Manosque, dat hij in 1929 kocht en waar hij het grootste deel van zijn werk schreef, is beschermd als Maison des Illustres.Hugues Derouard, La montagne de Lure, Détours en France, oktober-november 2020, p. 66-71 Het herbergt zijn werkkamer en zijn bibliotheek van meer dan 8.000 boeken. De Grand prix Jean-Giono wordt sinds 1990 toegekend aan schrijvers die in zijn geest werken.
Bewerkingen Een graphic novel door Florence Lebonvallet en Daniel Casanave naar de roman De man die bomen plantte kwam uit in 2026.
thumb|left|Manosque, waar Giono vrijwel heel zijn leven woonde.
Bibliografie
Bronnen en literatuur A. Bachrach e.a.: Encyclopedie van de wereldliteratuur. Bussum, 1980-1984.
Externe links Centre Jean Giono (officiële website) Site over Jean Giono Jean Giono biografie R.J. Goslan: "Jean Giono: From Pacifism to Collaboration"
Voetnoten
Categorie:Frans schrijver Categorie:Frans dichter Categorie:20e-eeuws schrijver