thumb|Het uitbrengen van een stem via een stembiljet en met het rode potlood tijdens de gemeenteraadsverkiezingen van 19 maart 2014 in Wolfheze (gemeente Renkum). In Nederland vinden periodiek verkiezingen plaats voor het Europees Parlement, de Eerste Kamer der Staten-Generaal, de Tweede Kamer der Staten-Generaal, de Provinciale Staten, de gemeenteraden en de waterschappen. In Caribisch Nederland, dat geen provinciale en gemeentelijke indeling kent, kan gestemd worden voor de kiescolleges voor de Eerste Kamer en de eilandsraden.

Deelgemeenten zijn in Nederland afgeschaft op 19 maart 2014. Gemeenten hebben nu de mogelijkheid territoriale bestuurscommissies in te stellen.

Periodiciteit De verkiezingen kennen de volgende periodiciteit:

+ Verkiezingen in NederlandBestuursniveau Stemmen door Frequentie Laatste keer Volgende keerTweede Kamerverkiezingen stemgerechtigde Nederlanders elke 4 jaarBij uitdiening van de normale zittingstermijn. 2025 2030Europees Parlementsverkiezingen stemgerechtigde EU-burgers elke 5 jaar 2024 2029Gemeenteraadsverkiezingen stemgerechtigde inwoners van de gemeente elke 4 jaarIndien een gemeente betrokken is bij een gemeentelijke herindelingsprocedure kan van de normale termijn afgeweken worden. 2026 2030Provinciale Statenverkiezingen stemgerechtigde inwoners van de provincie elke 4 jaar 2023 2027Eerste Kamerverkiezingen leden van Provinciale Staten en leden van de kiescolleges voor de Eerste Kamer elke 4 jaar 2023 2027Waterschapsverkiezingen stemgerechtigde ingezetenen van het waterschap elke 4 jaar 2023 2027Eilandsraadsverkiezingen stemgerechtigde inwoners van het openbaar lichaam (een van de BES-eilanden van Caribisch Nederland) elke 4 jaar 2023 2027Kiescollegeverkiezingen stemgerechtigde Nederlanders die geen ingezetenen zijn of de inwoners van Caribisch Nederland elke 4 jaar 2023 2027

Organisatie Het houden van verkiezingen wordt in Nederland geregeld in de Kieswet van 1989.

Verkiezingen zijn geheim. Geheim stemmen is in de Nederlandse grondwet opgenomen in Artikel 53. Voor stemmingen waarop de Nederlandse Kieswet van toepassing is, is het stemgeheim gewaarborgd in artikel j15: "Het stemlokaal is zodanig ingericht dat het stemgeheim is gewaarborgd".

In Nederland vinden verkiezingen bij het normaal aflopen van de zittingstermijn in maart of mei plaats, en gewoonlijk op een woensdag. De verkiezingen voor het Europees Parlement worden echter op een donderdag gehouden.

Sinds 1970 is er in Nederland geen opkomstplicht meer. Iedereen heeft recht op maximaal 2 uur "stemvrij" van zijn werk als hij of zij niet buiten werktijd kan stemmen.Kieswet, artikel J10 wetten.overheid.nl

Grootste politieke partij bij verkiezingen vanaf 2002 Dit is een overzicht van de politieke partijen die bij verkiezingen voor de gemeenteraad, de Provinciale Staten, de Tweede Kamer en het Europees Parlement sinds 2000 de grootste zijn geworden. Gemeenteraadsverkiezingen Bij de verkiezingen voor de gemeenteraad halen uiteenlopende lokale partijen samen altijd meer stemmen dan een van de landelijke partijen. Soms is een lokale partij in een gemeente de grootste partij, maar nationaal leggen ze het stuk voor stuk af tegen een van de landelijke partijen. 2002 - CDA: 20,5 % van de stemmen (ook de grootste in zetelaantal: 2.155) 2006 - PvdA: 23,4 % van de stemmen (ook de grootste in zetelaantal: 1.988) 2010 - PvdA: 15,74 % van de stemmen (1.251 zetels tegen 1.531 voor het CDA en 1.432 voor de VVD) 2014 - CDA: 14,43 % van de stemmen (ook de grootste in zetelaantal: 1.499) 2018 - VVD: 13,50 % van de stemmen (1.131 zetels tegen 1.293 voor het CDA) 2022 - VVD: 11,6 % van de stemmen (988 zetels, tegen 1.105 zetels voor het CDA)

Provinciale Statenverkiezingen 2003 - CDA: 222 zetels 2007 - CDA: 151 zetels 2011 - VVD: 112 zetels 2015 - VVD: 98 zetels, net als het CDA 2019 - Forum voor Democratie: 86 zetels 2023 - BoerBurgerBeweging: 137 zetels Tweede Kamerverkiezingen 2002: CDA: 27,93 % van de stemmen (43 zetels) 2003: CDA: 28,6 % van de stemmen (44 zetels) 2006: CDA: 26,51 % van de stemmen (41 zetels) 2010: VVD: 20,49 % van de stemmen (31 zetels) 2012: VVD: 26,58 % van de stemmen (41 zetels) 2017: VVD: 21,29 % van de stemmen (33 zetels) 2021: VVD: 21,87 % van de stemmen (34 zetels) 2023: PVV: 23,49 % van de stemmen (37 zetels) 2025: D66 en PVV (beide 26 zetels, maar D66 behaalde volgens de Kiesraad 29.668 meer stemmen dan de PVV)

Europees Parlementverkiezingen 2004 - CDA: 24,43 % van de stemmen (7 zetels, net als de PvdA, die slechts 1.124.549 stemmen behaalde, tegen 1.164.431 voor het CDA) 2009 - CDA: 20,05% van de stemmen (ook de grootste in zetelaantal: 5) 2014 - D66: 15,48 % van de stemmen (4 zetels, tegen 5 voor het CDA) 2019 - PvdA:19,01 % van de stemmen (ook de grootste in zetelaantal: 6) 2024 - GroenLinks/PvdA: 21,09% van de stemmen (ook de grootste in zetelaantal: 8)

Categorie:Politiek in Nederland