Jean Paulhan (Nimes, 2 december 1884 - Boissise-la-Bertrand, Seine-et-Marne, 9 oktober 1968) was een Frans schrijver, essayist en publicist.
Leven Paulhan studeerde filosofie aan de Sorbonne en verbleef van 1907 tot 1911 als leraar en goudzoeker op Madagaskar. Na zijn terugkomst gaf hij een groot aantal Malagassische liederen en spreekwoorden uit onder de titel Les hain-tenys merinas (1913). Tijdens de Eerste Wereldoorlog raakt hij ernstig gewond bij Saint-Mard, waarover hij verhaalt in zijn debuut Le guerrier appliqué (1917).
Paulhan oefende grote invloed uit op het Franse literaire leven als uitgever en redacteur van vooraanstaande Franse literaire tijdschriften, zoals de Nouvelle Revue française en tijdens de Tweede Wereldoorlog Les Lettres françaises clandistines. Jonge schrijvers werden door hem aangemoedigd en in bescherming genomen. Als verzetsman verdedigde hij onder meer Marcel Jouhandeau.
In 1963 werd Paulhan lid van de Académie française.
Literair-theoretisch werk Paulhan begon zijn literaire loopbaan met korte ironische verhalen waaruit een grote voorliefde voor het onderbewuste blijkt. Hij werd echter vooral bekend door zijn literair-theoretische werken. In vele met grote eruditie geschreven essays over taalkundige en taalfilosofische vraagstukken. Paulhan gebruikte in zijn essays veelvuldig het procedé van het tegenover elkaar stellen van andermans uitspraken via citaten. Hij werd dan ook wel de ‘apologeet’ van de gemeenplaatsen genoemd.
Veel aandacht trok zijn essay Le cléf de la poésie (1944), waarin hij de denkwereld van de taal en die van gedachten en gevoelens tegenover elkaar stelt; de kunst is om van deze tegengestelde denkorden een eenheid te maken. Paulhans denken wordt beheerst door een behoefte aan logica en wat hij zelf ‘le sens commun’ noemt. Dit uit zich onder meer in zijn essay Petite préface a tout critique (1955), waarin hij tracht te komen tot objectiviteit in het esthetisch oordeel en waarin hij de klassieke traditie met de romantische- tracht te verzoenen.
Trivia Paulhans geheime geliefde Anne Desclos (als Pauline Réage) schreef in 1954 de spraakmakende erotische roman L’histoire d’O, waarbij hij zelf het voorwoord schreef.
Bibliografie 1912: Les Hain-Tenys Merinas. 1917: Le guerrier appliqué. 1921: Jacob Cow le Pirate, ou Si les mots sont des signes. 1921: Le pont traversé. 1925: Expérience du proverbe. 1927: La guérison sévère. 1929: Sur un défaut de la pensée critique. 1930: Les Hain-Tenys, poésie obscure. 1930: Entretiens sur des faits-divers. 1940: L'Aveuglette. 1941: Les fleurs de Tarbes ou La terreur dans les Lettres. 1943: Jacques Decour. 1943: Aytre qui perd l'habitude. 1944: Clef de la poésie, qui permet de distinguer le vrai du faux en toute observation, ou Doctrine touchant la rime, le rythme, le vers, le poète et la poésie. 1945: F.F. ou Le Critique. 1946: Sept causes célèbres. 1946: La Métromanie, ou Les dessous de la capitale. 1946: Braque le Patron. 1947: Lettre aux membres du C.N.E. 1947: Sept nouvelles causes célèbres. 1947: Guide d'un petit voyage en Suisse 1947: Dernière lettre. 1948: Le berger d’Écosse. 1948: De la paille et du grain. 1949: Fautrier l'Enragé. 1949: Petit-Livre-à-déchirer. 1950: Trois causes célèbres. 1950: Les causes célèbres 1950: Lettre au médecin. 1951: Les Gardiens. 1951: Le Marquis de Sade et sa complice ou Les revanches de la Pudeur. 1951: Petite préface à toute critique. 1952: Lettre aux directeurs de la Résistance. 1953: La preuve par l'étymologie. 1955: Les paroles transparentes. Geïllustreerd door Georges Braque 1958: Le Clair et l'Obscur. 1958: G. Braque 1958: De mauvais sujets. Geïllustreerd door Marc Chagall 1959: Karskaya. Essay 1961: Lettres 1962: L'art informel 1966: Progrès en amour assez lents 1986: Choix de lettres I, 1917-1936. La littérature est une fête 1990: La vie est pleine de choses redoutables (postuum)
Literatuur en bronnen A. Bachrach e.a.: Encyclopedie van de wereldliteratuur. Bussum, 1980-1984, Jean Paulhan - Académie française
Categorie:Frans schrijver Categorie:Frans essayist Categorie:Lid van de Académie française