thumb|350px|IUGS-classificatie van afanitische stollingsgesteenten naar massapercentages alkali-oxide en silica. Alkaliene series bevinden zich in het blauwe gebied, subalkaliene series in het gele. De alkaliene serie of alkalische serie is een serie verwant stollingsgesteente, magma of lava die relatief veel alkalimetalen (in de praktijk met name natrium en kalium) bevat ten opzichte van silica (siliciumoxide).Zie Best (2003), p 35; McBirney (2007), pp 266-283; Winter (2001), p. 147 In de Irvine-Baragarclassificatie is de alkaliene serie rijker in alkali's dan de subalkaliene serie en armer dan de peralkaliene serie.
Eigenschappen Alkaliene stollingsgesteenten bestaan uit mineralen die bij de hoge concentraties alkali's en lage concentratie silica stabiel zijn. Omdat alkaliene gesteenten over het algemeen onderverzadigd zijn in silica, bevatten ze vaak veldspatoïden (nefelien, leuciet), kaliveldspaat, alkali-rijke amfibolen en clinopyroxenen, biotiet of olivijn. Kwarts en orthopyroxeen komen over het algemeen niet voor in alkaliene gesteenten.Best (2003), p 35
Naam De naamgeving binnen de alkaliene series is aan het eind van de 20e eeuw door de IUGS vastgelegd. Gesteenten met zeer weinig silica (ultramafisch) worden foïdiet, nefeliniet of melilitiet genoemd. Tefriet (mafisch) en fonoliet (intermediair) zijn ten opzichte van alkalimetalen iets rijker in silica. Trachiet, monzoniet en syeniet zijn felsische gesteenten met relatief hoge concentraties alkalimetalen ten opzichte van silica.
Voorkomen Alkaliene gesteenten komen minder voor dan subalkaliene gesteenten. Al in het begin van de 20e eeuw ontdekten geologen dat ze relatief vaak voorkomen in het gebied rond de Grote Oceaan (Engels: Pacific), daarom werden ze ook wel "Pacifische gesteenten" genoemd, in tegenstelling tot "Atlantische gesteenten", die vaker tot de subalkaliene series behoren.Harker (1909) introduceerde het onderscheid tussen "Pacifische" en "Atlantische" basalten Omdat in die tijd de theorie van platentektoniek onbekend was, had men hiervoor geen verklaring.
Tegenwoordig weet men dat magma dat in een subductiezone vormt door partieel smelten een alkaliene samenstelling kan krijgen als het door een dikke, continentale lithosfeer reist. Door assimilatie van het gesteente waarin het magma intrudeert, kan het verrijkt worden in alkalimetalen.
Zie ook magmaserie magmadifferentiatie shoshoniet
Categorie:Petrologie Categorie:Vulkanologie