Lodewijk van Vlaanderen (Brugge, 25 oktober 1488 – 20 december 1556Flanders - Genealogy.euwb.cz, Resoluties van de vroedschap van Amsterdam 1551-1565 (2008) 291. Hilversum: Uitgeverij Verloren.) was heer van Praet, stadhouder van Holland, Zeeland en Utrecht (1544–1547), staatsraad (1536–1555, sinds 1540 permanent-aanwezig lid, Verdrag en Tractaat van Venlo (1993) 63. Hilversum: Uitgeverij Verloren.) en hoofd van de Raad van Financiën (1540–1555).
Langs vaderszijde was hij een bastaardafstammeling van Lodewijk van Male, langs moederszijde een bastaardafstammeling van Filips de Goede. Hij studeerde bij de Broeders van het Gemene Leven en aan de universiteit van Leuven. Van 1515 tot 1522 was hij de hoog-baljuw van Gent, van 1523 tot 1549 nam hij eenzelfde functie op zich in Brugge.
Van 1522 tot 1525 vertegenwoordigde hij het Heilige Roomse Rijk als ambassadeur in Engeland, waar hij het land moest verlaten na een conflict met Lord Chancellor Thomas Wolsey. Van 1525 tot 1526 was hij als ambassadeur gepost te Parijs.
In Engeland maakte hij kennis met Juan Luis Vives, die zijn boek De Consultatione uit 1523 aan hem opdroeg. Lodewijk van Vlaanderen was ook de inspiratie voor De subventione pauperum ("Over de hulp aan de armen"), en werd hiervoor door Vives als volgt geëerd:
"Bovendien, werd ik al lange tijd in Engeland gevraagd om dit te doen door Heer Praet, jullie hoog-baljuw."praefatio: Quod etiam ut facerem jam pridem in Anglia rogatus eram a Domino Pratensi, praefecto vestro. Juan Luis Vives, On Assistance to the Poor, trad. Alice Tobriner, Toronto, 1999, p. 33: "Actually I had been asked to do this some time ago, when I was in England, by Lord Praet your Burgomaster, who deliberates deeply and often -as indeed he ought- concerning the public welfare of the city".
In 1531 werd hij eervol opgenomen in de selecte Orde van het Gulden Vlies en verhuisde hij naar de Noordelijke Nederlanden. Hij was er van 1544 tot 1547 stadhouder van Holland, Zeeland en Utrecht.
In 1516 huwde hij met Josine van Praet, dochter en erfgenaam van Karel van Praet. Ze hadden een zoon, Jan II, die evenwel zonder nageslacht nog voor zijn vader in 1545 overleed. Lodewijk van Vlaanderen werd in 1555 begraven in een mausoleum te Aalter.
Voorouders Voorouders van Lodewijk van VlaanderenOvergrootoudersJohan I van Vlaanderen (1396-1440)∞ Johanna van Reygersvliet (1400-)Johan IV van der Aa (1390-1440)∞ Margaretha van Steenhuyse (1395-)Cornelis van Bourgondië (1420-1452)∞ 1444 Margaretha van Courbault (?-?)Wouter van Halewijn (1415-1441)∞ Jacqueline van Wisch (1420-)GrootoudersLodewijk II van Vlaanderen, heer van Praet (1425-)∞ Louise van der Aa (1430-)Johan van Bourgondië (1445–1479)∞ Maria van Halewijn (1450-?)OudersLodewijk III van Vlaanderen, heer van Praet (1460-1488)∞ Elisabeth van Bourgondië van Everdingen (1470-)Lodewijk IV van Vlaanderen (1485-1556)
Categorie:Stadhouder voor de vorst in Holland en Zeeland (en Utrecht) Categorie:Zuid-Nederlands diplomaat (voor 1830) Lodewijk Categorie:Ridder in de Orde van het Gulden Vlies Categorie:Adel in de Nederlanden in de 16e eeuw