Een charivari was een ritueel in de vorm van een volksgericht, waarbij een individu of een stel dat de sociale gedragsnormen had overtreden werd bespot en bestraft. De precieze invulling kon per geval verschillen, maar vaak werd een optocht gehouden met ketelmuziek, spottende toneelstukjes, spottende liederen en gejoel van omstanders. De ketelmuziek werd gemaakt met muziekinstrumenten, maar ook met allerlei spullen uit de huishouding, de werkplaats of de landbouw zoals ketels en zeisen. Men speelde waarschijnlijk bewust zo vals mogelijk. Het kan gezien worden als naming and shaming avant la lettre.
Dit soort rituelen kwam vanaf de veertiende tot in de twintigste eeuw voor in veel landen van Europa, waaronder Frankrijk, Duitsland, Engeland,Religion and the decline of magic, Keith Thomas, Spanje, Italië, België en Nederland. De onderstaande voorbeelden hebben voornamelijk betrekking op de situatie in Frankrijk. Daar vonden charivari's in het algemeen plaats in steden en dan vooral in het milieu van ambachtslieden, winkeliers en kleine klerken, hoewel ze ook in de dorpen op het platteland voorkwamen. Sommige charivari's waren weinig meer dan een soort volksvermaak, een uitlaatklep om eens goed te lachen. Meestal ging het om een tamelijk milde bespotting en werd het slachtoffer daarna weer in de gemeenschap opgenomen. Soms ging men echter net zo lang door tot het slachtoffer zijn biezen pakte. Er werden weleens bezittingen vernield en mensen gemolesteerd en in een enkel geval vielen er zelfs doden.
Na 1750 begonnen in Frankrijk de slachtoffers van deze vorm van sociale controle zich te verzetten. Zij spanden steeds vaker rechtszaken aan tegen de aanstichters ervan. Rond 1810 waren charivari's in de meeste steden verleden tijd, maar op het platteland vonden ze nog tot in de twintigste eeuw plaats.
Ontstaan Al in de veertiende eeuw werd er melding gemaakt van charivari's. Wanneer ze precies zijn ontstaan is echter onduidelijk. De theorie dat de charivari's voortgekomen zouden zijn uit voorchristelijke gebruiken wordt tegenwoordig door veel geschiedkundigen als speculatief beschouwd. Er zijn namelijk geen bewijzen voor te vinden. Deze theorie stelde onder andere dat het lawaai van de ketelmuziek diende om kwade geesten te verdrijven en daardoor het bruidspaar te helpen.
Achtergrond Charivari's werden vaak georganiseerd door jongeren die optraden als bewakers van de goede zeden. In Frankrijk speelden de jongerenverenigingen een grote rol. In Engeland zijn geen aanwijzingen gevonden voor een grote rol van jongeren bij de charivari's.
De meeste omstanders bij de spot- en bestraffingsrituelen waren zeker geen passieve toeschouwers, maar deden ook echt mee: ze lachten en joelden, improviseerden satirische grappen, enzovoort. Ze waren allemaal verontwaardigd over iets wat hun slachtoffers hadden misdaan, iets wat niet hoorde. Bijna nooit liet iemand uit het publiek blijken dat hij het er niet mee eens was. Toch kon men op deze manier iemands reputatie breken. Mogelijk hebben zelfs mensen zelfmoord gepleegd nadat ze een charivari hadden gekregen.
Overtredingen thumb|Overspeligen, Jules-Arsène Garnier, 1876
Overtredingen waarvoor men een charivari kon krijgen: Overspel door een van de echtelieden. Mishandeling binnen het huwelijk, ofwel van de vrouw door de man ofwel andersom. Doorlopend ruzie binnen het huwelijk. Een van de verloofden verbrak de huwelijksbelofte. Een weduwe of weduwnaar wilde hertrouwen. Hiervoor werd in de Romaanse landen een charivari gegeven maar in Engeland en Nederland nauwelijks, behalve in Limburg. Er was een groot leeftijdsverschil tussen de man en de vrouw. Er was een groot verschil van sociale status tussen de man en de vrouw. De vrouw of de man was vóór het huwelijk losbandig geweest. Een man had een meisje zwanger gemaakt en haar daarna verlaten. Vanaf de negentiende eeuw waren ook homoseksualiteit, incest en ongetrouwd samenwonen een reden om een charivari te geven. Sedert het einde van de twintigste eeuw ontstaat vaak een charivari als bekend wordt dat een (veroordeelde of vermeende) kindermisbruiker of een pedofiel in de buurt woont.
Vormen van charivari's Meiboom thumb|Meiboom tegen gevel Op zich was de meiboom geen charivari, maar een tamelijk onschuldig ritueel. Jongens in de buurt gaven aan dat ze een meisje huwbaar vonden door in de loop van de nacht van 30 april op 1 mei een boompje tegen de gevel van haar huis te zetten.
Dit ritueel had vaak trekjes van een charivari als het boompje versierd werd. Met deze versieringen wilden de jongens uitdrukken hoe ze over het meisje dachten. De boom bevatte bloemen met doornen als ze het meisje hooghartig vonden en vlier als ze haar losbandig vonden. Stinkende jeneverbessenolie was als belediging bedoeld, net als mest. Soms ontaardde het ritueel van de meiboom echter in een onvervalste charivari. Soms ook werden er fallische poppen voor de huizen van de meisjes neergezet.
Dwaze maagd van het jaar Tijdens het carnaval en dan vooral in de zuidelijke streken konden de jongeren ook nog op een andere manier blijk geven van hun afkeur. Zo was er de dwaze maagd van het jaar. Daar werd een meisje voor uitgekozen dat in de fout was gegaan. Vaak was dat een dienstmeisje dat seksueel door haar meester gebruikt werd. Er werd een grote pop gemaakt die dat meisje moest voorstellen.
De mannen hadden 's winters in een afgelegen hut een lied ingestudeerd waarin al haar avontuurtjes werden opgenoemd. Op de zondag voor de carnaval, bij het uitgaan van de kerk, zongen ze dat lied op het kerkplein rondom die pop. Niet alleen een overspelig meisje werd afgekeurd, een meisje kon op deze manier ook kritiek krijgen op haar uiterlijk of taalgebruik, op de manier waarop ze verliefde jongens afwimpelde, op de mate waarin ze vriendelijk was en of ze haar vrienden trouw bleef.
De dwaze maagd kwam alleen in de stad en de grote dorpen in al zijn hevigheid voor. In de kleine dorpen waren de mensen meer en duurzamer met elkaar verbonden, vaak door familiebanden. Een ongetrouwd meisje stond daar niet zo alleen en zonder steun als in de stad. En als haar gedrag al werd afgekeurd, dan ging deze afkeuring eerder voorbij.
Ezelsrit Bedrogen mannen, overspelige vrouwen en mannen die door hun vrouw werden geslagen of bij haar onder de plak zaten, werden achterstevoren op een ezel gezet en zo door de stad of het dorp gereden.
De ezelsrit als straf bij overspel zou al zijn voorgekomen in de Griekse Oudheid en het Byzantijnse Rijk. In de Middeleeuwen werden prostituees en overspelige vrouwen eerst met honing ingesmeerd en door een hoop veren gerold. Vervolgens werden ze achterstevoren op een ezel rondgereden met een gevlochten mand over hun hoofd.
Al in 1375 was het gebruikelijk dat een man die bij zijn vrouw onder de plak zat of die zich door haar liet slaan, achterstevoren op een ezel werd rondgereden. Ook werd weleens de vrouw die haar man had geslagen achterstevoren op een ezel rondgereden, terwijl haar man de ezel bij de teugel moest leiden. De echtelijke strijd moest eerst bij iedereen bekend zijn, als iedereen het al wist, dan hoefde men er niet meer over te zwijgen.
In de zestiende eeuw werd de ezelsrit vaak georganiseerd door de jongerenverenigingen. Tot circa 1790 waren er hoorndragershoven (een hoorndrager was een man die door zijn vrouw bedrogen was), ezelgenootschappen, en carnivore tribunalen die dit soort rituelen uitvoerden.
Als in de achttiende eeuw in Frankrijk een hoerenmadam was aangegeven, werd zij achterstevoren op een ezel rondgereden. Als zij een echtgenoot had, moest die erachteraan rijden. De hoeren zelf werden vaak op grond van een gerechtelijk bevel in het openbaar kaalgeschoren en gevangengezet. Soms werden ze daarna met geweld op een schip naar de Amerikaanse koloniën gezet. Soms werd ook het dak van hun huis gesloopt, werden ramen en deuren ingetrapt, hun karren gesloopt, hun waterput verpest, ze werden in het water gegooid enzovoort.
Trouwen en ketelmuziek Als een stel wilde trouwen en de jongeren waren het er niet mee eens, dan werd het aanstaande paar onthaald op een charivari. Ze kregen ketelmuziek onder hun raam: serenades met toutoures (aardewerken toeters), bellen, trommels, ketels en boegeroep. Vaak liep het hele dorp of de hele stadswijk uit om te kijken naar zo'n spektakel en vaak deden de toeschouwers ook mee. Vrijwel niemand protesteerde ertegen. De jongeren vonden diverse verbintenissen onfatsoenlijk:
Als een weduwe trouwde met een vrijgezel of als een weduwnaar trouwde met een nog nooit getrouwde vrouw. De weduwnaar wàs al getrouwd geweest en nu wilde hij nòg een vrouw. Terwijl veel jongeren moeite hadden om een vrouw te vinden. Als de jongeren het leeftijdsverschil tussen de toekomstige echtelieden te groot vonden. Als ze het verschil in sociale status te groot vonden. Als de partner een vreemdeling was: en men was al een vreemdeling als men uit een nabijgelegen dorp of wijk kwam (waarmee men in onmin leefde).
Charivari's door vrouwen Normaal oefenden vrouwen wel veel sociale controle uit, maar gingen ze niet verder dan hun bevindingen aan de grote klok te hangen. Dat vrouwen zelf een charivari begonnen, was vrij zeldzaam en gebeurde waarschijnlijk alleen in die streken waar vrouwen in economisch en cultureel opzicht relatief onafhankelijk waren.
In Frankrijk hielden vrouwen, daarbij vaak geholpen door kinderen, voornamelijk in de maand mei charivari’s tegen mannen die hun vrouw mishandelden en tegen bedrogen of overspelige mannen en vrouwen. Ze zetten hoornen op hun deuren en schreven beledigende teksten op de muren. Ze gingen bijvoorbeeld tekeer tegen een kantoorbediende die de verloofde van een ander zwanger had gemaakt, of tegen de jonge echtgenote van een oude man die de ene minnaar na de andere had.
Ook in de negentiende eeuw kwamen door vrouwen georganiseerde charivari's nog voor.
Begrafenis Al vanaf de Middeleeuwen probeerde de kerk controle te krijgen over de dodenwake, het uiten van rouwklachten en de maaltijd na de begrafenis. Het publiek zocht echter altijd naar mogelijkheden om zich te uiten. Zo werden er, door daarin gespecialiseerde vrouwen, weleens grafredes afgestoken die meer op een postuum proces tegen de overledene leken. Er zijn mondelinge getuigenissen overgeleverd over uitbarstingen van volkswoede tijdens de dodenwake of rouwstoet, waarbij de dode (waarschijnlijk een buitenstaander) postuum werd verstoten uit de gemeenschap.
Ruziezoekers thumb|Dompelstoel voor kijvende vrouwen, zeventiende eeuw Ook een ruziezoeker kreeg weleens een spotritueel. In Engeland werden kijvende vrouwen vastgebonden op een stoel die aan een hefboom bevestigd was, waarna men ze kopje onder in de rivier liet zakken.
Afkoopsom Overigens kregen niet alle toeschietelijke meisjes een stinkende meiboom voor hun huis, noch kregen alle mannen die bij hun vrouw onder de plak zaten een ezelsrit. Ook kregen niet alle stellen die hertrouwden een charivari. Zeker in de achttiende eeuw kwam een afvaardiging van de jongeren eerst eens praten en dan vertelden ze wat ze van plan waren. Deze gesprekken zullen vaak tamelijk intimiderend zijn geweest. Als het paar heel beleefd bleef, hun een drankje gaf en geld bood, dan maakten de jongeren het concert minder lang en minder hard en deden er minder mensen aan mee. Maar als het paar kwaad werd en de jongeren zonder geld de deur uitjoeg, werd het concert op volle kracht gegeven. De jongeren lieten de rijken meer betalen dan de armen en ook als iemand met een vreemde trouwde, wilden ze meer geld.
De meeste mensen betaalden wel, want iedereen was bang voor de charivari's. De jongeren hadden er geen moeite mee om hun verhalen aan te dikken of zelfs gewoon uit hun duim te zuigen. Tot circa 1750 was het zo dat als hun slachtoffers naar de rechter gingen deze wel de hoogte van de afkoopsom ter discussie wilde stellen, maar zeker niet de rechtmatigheid van de charivari's.
Vermeende kindermisbruikers