Christina María Aguilera (Staten Island (New York), 18 december 1980) is een Amerikaanse popzangeres en producer. Ze brak definitief door met haar debuutalbum Christina Aguilera (1999).
In haar carrière heeft Aguilera een groot aantal prijzen gewonnen, waaronder zeven Grammy Awards van de 33 nominaties. Ook heeft ze (sinds 2010) een ster op de beroemde Hollywood Walk of Fame, een ster op de Gay Walk Of Fame, en werd zij in 2019 gekroond tot Disney Legend.
Haar film, Burlesque, ontving drie Golden Globe-nominaties.
Biografie Eerste levensjaren Aguilera's vader is sergeant in het Amerikaanse leger, afkomstig uit Ecuador. Haar moeder, docent Spaans, is van Ierse afkomst. Toen Aguilera zeven was, besloten haar ouders te scheiden. Volgens Aguilera en haar moeder leed de familie onder het huiselijk geweld van haar vader. Dit werd later een belangrijk thema in haar muziek, zoals in de songs I'm OK (van het album Stripped) en Oh Mother (van het album Back to Basics). Samen met haar moeder en haar jongere zusje trok Aguilera na de scheiding bij haar oma in, in Rochester (Pennsylvania). Hier heeft ze haar jeugd grotendeels doorgebracht.
Aguilera had van jongs af aan ambitie zangeres te worden. Het was haar oma die haar zangtalent ontdekte. Tot haar muzikale invloeden behoren Etta James, Aretha Franklin, Madonna, Whitney Houston en Nina Simone. Ook heeft de musical The Sound of Music haar beïnvloed. Als kind stond Aguilera overal bekend als "het meisje met de grote stem", iets wat haar in haar jeugd meer problemen heeft bezorgd dan geluk. Ze deed mee aan lokale talentenjachten en zangwedstrijden, maar vaak trokken de tegenstanders zich terug als ze hoorden dat ze tegen Aguilera moesten. Mensen werden jaloers op haar en op school werd ze genegeerd en gepest. Op een gegeven moment besloot ze zelfs haar zangtalent geheim te houden, zodat ze niet gepest zou worden.
Op 15 maart 1990 maakte Aguilera haar televisiedebuut als deelnemer aan Star Search, ze won niet. In 1993 deed ze mee aan The New Mickey Mouse Club, een televisieprogramma waarin zang, dans en acteren centraal stonden. Aguilera stond bij haar collega's van de show (onder andere Justin Timberlake, JC Chasez, Rhona Bennett, Ryan Gosling, Keri Russell en Britney Spears) bekend als "de diva". Toen het programma stopte in 1994, begon Aguilera met het opnemen van demo's in de hoop een platencontract te verdienen. Op veertienjarige leeftijd nam zij haar eerste liedje op, All I wanna do, een duet met de Japanse popzanger Keizo Nakanishi. In 1997 deed ze mee aan het Golden Stag International Festival, waar ze het podium deelde met Sheryl Crow en Diana Ross. In 1998 mocht ze de soundtrack inzingen voor "Mulan" toen ze bewezen had dat ze een hoge, krachtige stem had waarmee ze een hoge "E" een octaaf boven midden "C" kon zingen in het liedje Run to you van Whitney Houston, dat ze in haar badkamer had opgenomen. De videoclip die de film moest promoten toonde een jonge Aguilera met kort haar. Reflection werd genomineerd voor een Golden Globe voor "Best Original Song for a Motion Picture" in 1998.
Debuut Haar eerste album, Christina Aguilera, kwam op 24 augustus 1999 uit en verkocht meer dan acht miljoen exemplaren in de VS. Haar cd versloeg P. Diddy's tweede album Forever. De singles "Genie in a Bottle", "What a Girl Wants" en "Come On Over Baby (All I Want Is You)" kwamen allemaal in de top van de Billboard Hot 100 binnen in 1999 en 2000. Ook de single "I Turn to You" deed het goed met een derde plek. Maar Aguilera had niet alleen commercieel succes; ze werd in 2000 beloond met een Grammy voor "Best New Artist", waarmee ze Britney Spears versloeg. Ze was ook genomineerd voor "Best Female Pop Vocal Performance" voor "Genie in a Bottle". "Obvious", het laatste liedje op de cd, was een origineel liedje dat ze naar Ron Fair had ingezonden voor ze een contract sloot met RCA Records.
In 2000 benadrukte Aguilera haar Latino-afkomst door een Spaanstalig album, Mi Reflejo, uit te brengen. Deze cd bevat Spaanstalige versies van de liedjes op haar Engelstalige cd, maar ook nieuwe Spaanse liedjes. De cd leverde haar een "Latin Grammy" op voor "Best Female Pop Vocal Album". De single "Falsas Esperanzas" kwam in de Top 40 in Argentinië in 2001. Ricky Martin vroeg haar om het duet Nobody Wants to Be Lonely te zingen voor zijn cd Sound Loaded. Het was zijn tweede single van die cd. De single haalde de top 5 in Groot-Brittannië en Duitsland. Om zich een rauwer imago aan te meten veranderde Aguilera in de loop van 2001 haar uiterlijk. Eerst verscheen een nog klein neusknopje, maar niet veel later verscheen er ook een piercing in haar onderlip.
Stripped Aguilera's cd's werden goed verkocht, maar toch was ze niet tevreden. Ze was toen nog een "bubblegumpop"-artiest en voelde zich niet prettig bij de muziek en het imago dat haar team voor haar had gecreëerd. Ze wilde dat haar volgende cd meer diepgang zou hebben, zowel in de muziek als de teksten. Ze veranderde van management omdat ze overboekt werd en omdat ze geen inspraak had in de muzikale beslissingen en nam Irving Azoff aan als haar nieuwe manager. De verandering in management zorgde eveneens voor een verandering in Aguilera's imago. Dit nieuwe imago gaf ze de bijnaam Xtina.
Na vele vertragingen kwam op 29 oktober 2002 Aguilera's tweede Engelstalige cd uit: Stripped. De cd kreeg niet zulke goede recensies als haar eerste cd. Stripped is ongeveer tachtig minuten lang en toont een verscheidenheid aan onderwerpen en muziekstijlen. Impossible, geschreven door Alicia Keys, werd door jazz geïnspireerd. Soar werd dan weer door gospel geïnspireerd en gaat over iemand die op eigen benen leert staan. Make over is een pop-rockliedje over iemand die een individu wil worden en andere mensen die haar proberen te veranderen. Aguilera's grootste uitdaging was niet vocaal, maar emotioneel, zoals het liedje I'm OK. Dit liedje gaat over het feit dat ze als klein meisje door haar vader mishandeld werd. Ze bedankt ook haar moeder voor de liefde die ze haar schonk tijdens deze periode in haar leven. Zo zingt ze: 'And every day afraid to come home/In fear of what I might see, next/Bruises fade, father/ But the pain remains the same/I still remember how you kept me so afraid...'
Het ging bij deze cd niet zozeer om Aguilera's muziek, maar vooral om haar nieuwe, meer provocerende imago te lanceren. Toen de cd uitkwam nam ze deel aan een fotosessie voor tijdschriften zoals Maxim en Rolling Stone. In veel van die foto's was ze naakt of bijna naakt te zien. Ze ontkende dat ze dit deed voor publiciteit, maar ze zei dat de foto's beter bij haar nieuwe, echte imago pasten dan het imago van 1999. Haar pikante look had een negatief effect in de VS. Hoewel de video Dirrty een hit werd op MTV, bleef de single op 48 staan en viel deze vlug uit de hitlijsten. Dirrty was wereldwijd wel een hit, en behaalde de nummer 1-positie in vele landen. De clip van deze single was zeer controversieel. Met name door de pikante kleding en erotische scènes in deze clip was Aguilera's imago definitief veranderd. De tweede single, Beautiful, werd vlug op het einde van 2002 in de VS uitgebracht en werd meteen een radiosucces. De volgende twee jaar werden Fighter, Can't Hold Us Down en The Voice Within uitgebracht. Door het succes van deze singles bleef de cd in de hitlijsten staan tot ver in 2004. Er werden in de VS alleen ongeveer 4 miljoen exemplaren verkocht.
Aguilera stond niet alleen met door haar gezongen nummers in de hitlijsten. Zo schreef ze de leadsingle Miss Independent van Kelly Clarksons debuutalbum, 'Thankful'. Het nummer zou oorspronkelijk ook op de cd Stripped staan, maar haalde de cd net niet.
Aguilera werd genomineerd voor onder meer "Number 1 Female Artist" van 2003, maar die prijs werd door Beyoncé gewonnen.
Back to Basics Back to Basics is de derde volledig Engelstalige studio-opname van Aguilera en ook haar eerste dubbel-cd. De bevestigde verschijningsdatum van het album was 15 augustus 2006. Aguilera omschrijft haar volgende cd als een soulopname gecombineerd met elementen van blues en jazz uit de jaren 20, 30 en 40 met hedendaagse invloeden. Ze werkt samen met nieuwe gezichten uit de hiphopwereld zoals producers DJ Premier, Kwame en Mark Ronson. Ze werkt opnieuw samen met Linda Perry, die met Aguilera samenwerkte aan Stripped (2002).
Tijdens het opnemen van dit album viel Aguilera vooral op door haar ouderwetse kapsel om zich zo beter te kunnen inleven in de liederen en de tijdgeest; om de emotie en de energie weer te geven en vooral tijdens het zingen van de hoge noten. Ook lijkt deze uitstraling erg op die van Marilyn Monroe. Om zich op het album voor te bereiden omringde zij zich met oude foto’s van Billie Holiday en Pearl Bailey. Ze wilde letterlijk in de kern van die muziek geraken. Acteurs noemen het 'method acting' volgens Aguilera is het 'method singing'. De visie van Aguilera voor het album ontsproot uit een gedicht dat zij tijdens haar laatste wereldtournee schreef waarin ze zich afvroeg: "Waardoor wil ik echt zingen? Waardoor wil ik echt dansen? Waardoor geniet ik zo van muziek?" Het antwoord bleek soul- en bluesmuziek te zijn.
Aguilera nam contact op met verschillende producers van wie ze dacht dat die genoeg verbeelding hadden om met haar mee te gaan in de oude blueswereld door middel van een brief waarin ze haar visie verklaarde. Ook werd er een compilatie van meer dan 30 liederen -vanaf de jaren 20 tot de jaren zestig- ingesloten die haar beïnvloedden. Zij moedigde de producenten ook aan om de liederen op de compilatie-cd zodanig te verknippen en mee te experimenteren om zo iets nieuws te creëren." In februari 2006, tijdens MTV’s TRL-Awards speelde ze drie onafgewerkte nummers van haar volgende album, Candyman, Back to Basics en Ain't No Other Man, de eerste single van het album. De wereldpremière van Ain't no other man vond plaats tijdens de MTV Movie Awards. Ook deed ze onder de naam Baby Jane (ze heeft Xtina afgezworen) een paar kleine jazzclubs aan om zo haar nieuwe nummers te promoten.
Na Ain't No Other Man werd bekendgemaakt dat Hurt de tweede single werd van Back To Basics. Het nummer stond in de Nederlandse Top 40 weer op de tweede plaats. De clip van het nummer is de eerste clip die ze ook produceerde. Eind 2006 werd Tell Me, de tweede single van Diddy's album Press Play, uitgebracht, waar ook Aguilera in te horen is. In het voorjaar van 2007 werd Candyman als derde single van het album uitgebracht. Deze clip werd mede geproduceerd door haarzelf. Slow Down Baby is een promotiesingle die alleen te downloaden was en te horen is op de radio. Dit geldt alleen in Nieuw-Zeeland en Australië.
Back to basics werd in een speciale Tour edition uitgebracht voor fans en omvatte de normale cd's en clips van Ain't no other man, Hurt en Candyman. Ook The making of Candyman staat op deze dvd. Deze speciale editie werd eind juni 2007 uitgebracht.
Op 25 juni 2007 kwam er een coveralbum uit van John Lennon. Aguilera heeft hierop het nummer Mother uit 1971 gecoverd.
Back To Basics Tour thumb|Christina Aguilera's beginnende buikje tijdens zwangerschap. De concerttournee van haar album Back To Basics was bedoeld als promotie van het gelijknamige derde studioalbum. Deze tournee ging de hele wereld over; het publiek en de fans werden hierbij terug in de tijd gevoerd met oude elementen: van een oud jazzcafé tot een groot oud circus. Ook bracht ze haar oudere nummers ten gehore. Ze toerde door Europa, waar ze ook Nederland en België aandeed, de Verenigde Staten, Azië en Australië en Nieuw-Zeeland. Een dvd van deze tournee werd in Sydney opgenomen op 24 en 25 juli 2007.
Keeps Gettin' Better