De Nieuw-Apostolische Kerk (NAK) is een orthodox chiliastisch kerkgenootschap, dat in Duitsland ontstaan is door scheuring in 1878 uit de Allgemeine Christliche Apostolische Mission (ACAM) en in Nederland door het schisma met de Hersteld Apostolische Zendingkerk van 1897, met name ten gevolge van de invoering van het zogenaamde 'Nieuwe Licht' van apostel Krebs. Tussen 1897 en 1961 gebruikte men de naam Hersteld Apostolische Zendinggemeente in de Eenheid der Apostelen (HAZEA). thumb|Schema van de verschillende Apostolischen in Nederland vanaf 1830 tot heden. Klik op de afbeelding voor een vergroting. miniatuur|Embleem van de Nieuw-Apostolische Kerk miniatuur|Apostel Leber bij de afsluiting van de Europese jeugddag 2009 in Düsseldorf
Geschiedenis Oorsprong thumb|Apostolische kerk in Porto Alegre, Brazilië
In de overgang van de 18e naar de 19e eeuw voltrekken zich grote veranderingen. In 1789 breekt de Franse Revolutie uit, die kerk en staat van elkaar scheidt, de macht van koning en kerk uitholt en de gelijkheid voor de wet invoert. Deze revolutionaire principes verspreiden zich geleidelijk over grote delen van West-Europa. In de 18e eeuw begint ook de Industriële Revolutie, die leidt tot verstedelijking, ingrijpende maatschappelijke verschuivingen en sociale ellende. In Groot-Brittannië ontstaat een soort crisisgevoel, dat wordt aangewakkerd door kerkelijke twisten, door een nieuwe kieswet die de macht van de grootgrondbezitters aantast, door revolutionaire onrust onder de boeren en door een maandenlang durende cholera-epidemie. In conservatieve kringen ontstaat de overtuiging dat de basis onder het maatschappelijk bestel en de moraal was weggeslagen en herstel slechts mogelijk is door terugkeer tot de door God gewilde orde.
In de romantiek, de cultuurstroming die volgt op de verlichting, neemt de religie een belangrijke plaats in. Er ontstaat een opwekkingsbeweging, Réveil genaamd, die zich verspreidt over delen van Zwitserland, Duitsland en Frankrijk. Het kwam ook in Nederland voor. In de kringen van deze beweging leefde sterk de wederkomstverwachting. Deze denkbeelden worden onder andere beïnvloed door de werken van Edward Irving, een Schotse prediker en theoloog, die grote invloed zal hebben op het ontstaan van de Katholiek Apostolische Kerk.
Albury-conferenties Tot genoemde, sociaal hoog geklasseerde, conservatieve kringen behoort ook Henry Drummond, een schatrijke bankier, lid van het Engelse Lagerhuis en eigenaar van het landgoed Albury Park gelegen nabij Albury in Zuid-Engeland. Hij organiseert van 1826 tot 1830 op zijn landgoed jaarlijks een conferentie ter bestudering van de profetische geschriften in de Bijbel. Aan deze, een week durende, conferenties nemen 44 personen deel, de helft geestelijken en de helft leken, grotendeels behorend tot de Anglicaanse Kerk. Na de conferenties worden de gesproken onderwerpen voortgezet in het driemaandelijkse tijdschrift Morning Watch. Dit tijdschrift wordt grotendeels volgeschreven door Edward Irving ook een van de deelnemers van de conferenties op Albury Park.
De Anglicaanse geestelijke Haldane Stewart, ook deelnemer van de Albury-conferenties, heeft sinds 1826 in een wijdverbreid pamflet en met prediking in Engeland en Schotland mensen aangespoord te bidden om een hernieuwde uitstorting van de Heilige Geest. Velen geven hieraan gehoor.
Geesteswerkingen in Schotland In 1830 verneemt de Alburygroep van wonderbaarlijke gebeurtenissen in de omgeving van Glasgow. De Schotse theologische wereld wordt omstreeks die tijd ook in beroering gebracht door de nieuwe opvattingen en leringen, die door de Kerk van Schotland als dwalingen worden veroordeeld. De religieuze geladenheid in Schotland is voor een belangrijk deel opgewekt door de machtige prediking van Edward Irving in 1828 en 1829. Tijdens zijn preek in Rosneath moet onder zijn gehoor ook Mary Campbell hebben bevonden. Kort daarop krijgt zij tuberculose. Vooral geïnspireerd door Irvings assistent Scott houdt zij zich sterk bezig met de gaven van de Heilige Geest. Begin 1830 gaat haar toestand sterk achteruit, maar tijdens een bezoek van vrienden op 28 maart barst ze tijdens een gebed los in tongen.
Een andere merkwaardige gebeurtenis vindt plaats in Port Glasgow, waar de familie Macdonald, bestaande uit twee broers en drie zusters, woont. Een van de zusters, Margaret, wordt ernstig ziek en op haar ziekbed krijgt ze dezelfde ervaring als Mary Campbell. Op 14 april 1830 wordt ze zo ziek dat men denkt dat ze zal sterven. Plotseling krijgt ze kracht en zegt: “Er zal vandaag een machtige doop met de Heilige Geest plaatsvinden”, waarna ze uren doorgaat met gebed en lofprijzing.
Als de broers thuiskomen worden ze door Margaret ernstig toegesproken en bidt ze uiteindelijk of haar broer James met de Heilige Geest vervuld mogen worden. James staat dan op, vat Margaret bij de hand en zegt “Rijs op en sta”. Margaret staat op en ze gaan beiden aan tafel. Na het eten gaan de broers weer naar hun scheepswerf, waar James een brief schrijft aan Mary Campbell en haar gebiedt om op te staan. De volgende dag arriveert Mary, volkomen genezen, aan de kade, waar James haar al op staat te wachten en ze vertelt dat van zijn brief een enorme kracht uitging. Ze was opgestaan en had gedanst en gezongen. In de volgende maanden wordt regelmatig in tongen gesproken tijdens gebedsbijeenkomsten bij de Macdonalds en op andere plaatsen. Deze gebeurtenissen trekken wijd en zijd veel belangstelling.
Geesteswerkingen in Londen De Albury-conferentie in 1830 ontvangt ook een schriftelijk verslag van de gebeurtenissen in Schotland. Men besluit om te bidden en een nader onderzoek in te stellen. Als het gezelschap, dat onder leiding staat van de 28-jarige advocaat John Cardale, uit Schotland terugkomt wordt het uitgenodigd om in Albury verslag te doen. Cardale en de zijnen blijken geheel overtuigd te zijn van de waarachtigheid en de goddelijke oorsprong van de manifestaties. Cardale gaat in zijn huis wekelijkse gebedsbijeenkomsten houden, waarin gebeden wordt om uitstorting van de Heilige Geest. In het voorjaar krijgen volgens de overleveringen zijn vrouw en zijn zuster Emily, die mee waren gereisd naar Schotland, de gave van tongentaal en profetie. Aangezien de Anglicaanse Kerk, waartoe de Cardales behoren, zich tegen hen keert, sluiten ze zich aan bij de gemeente van Irving.
In deze intussen sterk toegenomen gemeente worden bijeenkomsten gehouden, waarin wordt gebeden om door de Heilige Geest gezalfde apostelen, profeten, evangelisten, herders en leraren. Tijdens een van deze bijeenkomsten barst een zekere Oliver Taplan los in een tong, gevolgd door de woorden “Jehova, hoor ons”. Ook in volgende bijeenkomsten profeteert hij. Na verloop van tijd laat Irving deze uitingen ook toe tijdens de erediensten in zijn kerk. Als de kerkvoogden hier ernstig bezwaar tegen maken weigert Irving hieraan gehoor te geven. In 1832 oordeelt het gezag van de Schotse Kerk Irving ongeschikt om als predikant aan te blijven en wordt hem de verdere toegang geweigerd tot de kerk, die juist ter wille van zijn succesvolle prediking was gebouwd. Het grootste deel van zijn gemeente blijft hem trouw en scheidt zich af van de Kerk van Schotland. Ze vinden een onderkomen in de Newton Street en ook op andere plaatsen in en buiten Londen vormen zich gemeenten onder leiding van geestelijken die geloof hechten aan de geestesgaven. Deze gemeenten zullen zich later aaneen gaan sluiten onder de naam van de Catholic Apostolic Church.
Katholiek Apostolische Kerk In 1831 organiseert Henry Drummond gebedsbijeenkomsten onder meer in Albury om te bidden om uitstorting van de gaven. Hij roept William Caird, de echtgenoot van Mary Campbell, naar Albury om als evangelist te werken onder armen. Tijdens een gebedsbijeenkomst op 29 juli 1832 krijgt Drummond de gave om te spreken in de Heilige Geest. Op 20 oktober wordt Drummond door een van de profetisch begiftigden uit Londen tot pastor van de groep in Albury geroepen. Dit was de eerste keer dat iemand tot een ambt wordt geroepen. Men meent echter dat deze roeping door een wijding moet worden bevestigd.
Eveneens in oktober krijgt ook Cardale de gave van het spreken in de Heilige Geest en korte tijd later wordt hij tot apostel geroepen. Als vervolgens tijdens een huiselijke gebedsbijeenkomst Cardale weer bidt om de uitstorting van de Heilige Geest spreekt Drummond in de Geest: “Deel die dan uit. Zijt gij niet een apostel?”
Eerste roepingen Op 24 december 1832 arriveren Cardale en Taplin te Albury om een paar dagen bij Drummond door te brengen. In het avondgebed treedt Cardale op de al eerder door Drummond tot evangelist geroepen Caird toe en wijdt hem door handoplegging. Op tweede kerstdag roept Taplin tot Cardale om de engel van de gemeente te wijden. Cardale gaat op de geknielde Drummond toe, legt zijn beide handen op diens hoofd en wijdt hem tot pastor. Zo komt er een gemeente te Albury onder een door een profeet geroepen en door een apostel gewijde voorganger.
Echter Albury heeft op dat moment veel minder betekenis voor de beweging dan de gemeente in Newman Street, die verreweg de grootste is. Irving is nog altijd de centrale figuur, maar zijn positie gaat echter veranderen door zijn afzetting door de Schotse Kerk. Deze daad heeft geen consequenties voor hém, maar voor de kerk zelf. Spoedig blijkt dat niet iedereen in zijn gemeente eender denkt. Als hij op één der volgende zondagen een kind wil dopen, houdt Cardale, optredend in de kracht van de Heilige Geest, hem daarvan terug. Daarop wordt geopenbaard dat Irving een nieuwe wijding zal ontvangen.
Binnen een tijdsbestek van drie weken krijgt de gemeente een nieuwe kerkordening. Door profetische roeping en wijding door de apostel wordt Irving engel (voorganger) van de gemeente en Taplin profeet. Verder worden er ouderlingen, helpers, diakenen, evangelisten en later nog onderdiakenen en diaconessen aangewezen. Deze nieuwe ordening wordt ook in de andere gemeenten, die aansluiting hebben gezocht of nog zoeken, ingevoerd. In 1836 zijn er 36 gemeenten die onder de apostelen vergaderen.
In 1833 en 1834 worden vijf nieuwe apostelen benoemd, Drummond, Perceval (parlementslid) King-Church (ambtenaar in de Tower) Armstrong (Anglicaans geestelijke) en Woodhouse (advocaat). De eerste twee apostelen Cardale en Drummond verrichten de wijdingen. Al in 1834 gaan ze wijdingen verrichten. De latere apostelen voelden geen profetische gaven en werden steeds meer bestuurders.
Edward Irving Kort voor de dood van Edward Irving nemen de apostelen ook de leiding over van de Londense vergaderingen. Irving had moeite met deze ontwikkelingen.
Hoewel zijn gezondheid sterk achteruit gaat vertrekt hij in september 1834, tegen alle adviezen in, uit Londen naar het noorden. In Glasgow aangekomen nemen zijn krachten snel af en overlijdt hij op 7 december. Gevolgd door een grote rouwende schare wordt zijn lichaam ten grave gedragen in de crypte van de kathedraal van Glasgow. Boven zijn graf wordt later een venster aangebracht met de beeltenis van Johannes de Doper. Het gezicht van de profeet vertoont het gezicht van Irving en onderaan staat de boodschap die beide profeten aan de wereld brachten: “Bekeert u, want het koninkrijk der hemelen is nabij”.
Kerkordening