De Slag bij Stones River vond plaats tussen 31 december 1862 en 2 januari 1863 nabij Murfreesboro in Tennessee. Door de ligging is deze slag ook bekend als de Tweede Slag bij Murfreesboro. Van de verschillende grote veldslagen tijdens de burgeroorlog was Stones River de slag met het hoogste percentage aan slachtoffers aan beide zijden. De slag zelf was onbeslist. De Noordelijken slaagden er echter in om tijdens de strijd twee grootscheepse Zuidelijke aanvallen af te slaan. De Zuidelijken moesten zich terugtrekken wat een grote boost aan het Noordelijke moraal gaf na hun nederlaag in de Slag bij Fredericksburg. De Zuidelijke pogingen om midden Tennessee onder controle te krijgen vielen eveneens in het water.

Stones Riverveltocht Na de nederlaag van het Army of the Mississippi onder leiding van generaal Braxton Bragg in de Slag bij Perryville op 8 oktober 1862 trok hij zich terug naar Harrodsburg in Kentucky. Op 10 oktober voegde het 10.000 man sterke leger van generaal-majoor Kirby Smith zich bij Bragg. Hoewel Bragg nu 38.000 veteranen onder zijn bevel had, deed hij niets om het initiatief te herwinnen. Ook de Noordelijke generaal-majoor Don Carlos Buell, overwinnaar in Perryville, bleef passief.Cozzens, pp. 7-8; Eicher p. 419.

Gefrustreerd trok Bragg zich terug via de Cumberland Gap, Knoxville en Chattanooga. Daar marcheerde hij in noordwestelijke richting en hield uiteindelijk halt in Murfreesboro in Tennessee. Zijn leger werd versterkt met Smiths Army of Kentucky en kreeg de nieuwe naam Army of Tennessee. Ten noordwesten van de stad namen ze defensieve stellingen in langs de Stones River. Tijdens een bezoek van president Jefferson Davis, op 16 december, kreeg Bragg te horen dat hij de infanteriedivisie van generaal-majoor Carter L. Stevenson naar Mississippi moest sturen om Vicksburg te helpen verdedigen. Dit verlies van 7.500 soldaten zou nog gevolgen hebben in de komende slag. Bragg herorganiseerde zijn leger. Kirby Smith vertrok naar oostelijk Tennessee. Braggs leger bestond uit twee infanteriekorpsen onder leiding van generaal-majoor William J. Hardee en generaal-majoor Leonidas Polk en cavalerie onder leiding van brigadegeneraal Joseph Wheeler. Opnieuw verloor het leger aan kracht toen cavalerie-eenheden van Nathan Bedford Forrest en John Hunt Morgan raids moesten uitvoeren in Tennessee. Ook kreeg Bragg af te rekenen met een revolte binnen zijn eigen staf. Verschillende hoge officieren hadden een petitie gestuurd naar de president om Bragg te laten vervangen door generaal Joseph E. Johnston. Davis weigerde zowel Bragg als de opstandige generaals te vervangen.

President Abraham Lincoln was het niets doen van Buell beu en verving hem door generaal-majoor William S. Rosecrans, overwinnaar van de recente slagen bij Iuka en Corinth. Rosecrans verplaatste zijn XIV Corps (die snel tot Army of the Cumberland werd omgedoopt) naar Nashville, Tennessee. Hij kreeg de waarschuwing mee dat hij zou vervangen worden indien hij Bragg niet aanpakte en oostelijk Tennessee niet bezette. Toch nam Rosecrans voldoende tijd om zijn leger te reorganiseren en zijn troepen (en meer specifiek zijn cavalerie) te trainen.Cozzens, pp. 14-28. Hij begon pas met zijn opmars op 26 december.

Terwijl Rosecrans de nodige voorbereidingen trof in Nashville stuurde Bragg kolonel John Hunt Morgan eropuit om de Noordelijke communicatielijnen te verstoren. De Slag bij Hartsville kaderde binnen deze opdracht. Deze verrassingsaanval op de Noordelijken was een smadelijke nederlaag waarbij veel soldaten werden gevangengenomen. Ook Rosecrans liet een strategische cavalerie-aanval uitvoeren. Op 26 december voerde brigadegeneraal Samuel P. Carter raids uit in de Tennessee-vallei. Tot 5 januari vernielden Carters soldaten spoorwegbruggen en vochten ze schermutselingen uit met de vijand. Geen enkele raid, Noordelijk of Zuidelijk, had echter invloed op de komende slag.

Op 26 december vertrok het Army of the Cumberland in zuidoostelijke richting naar Murfreesboro. Ze marcheerden in drie colonnes of vleugels. Hun opmars werd verschillende keren vertraagd door aanvallen van Wheelers cavalerie. Hoewel Rosecrans’ leger 81.729 telde in Nashville, had hij bijna de helft van zijn effectief nodig om Nashville en zijn communicatielijnen te beschermen. De linkervleugel (14.500 soldaten) werd geleid door generaal-majoor Thomas L. Crittenden en volgde een parallelle weg langs de Nashville en Chattanooga spoorweg. De centrale vleugel (16.000 man sterk) onder leiding van generaal-majoor Alexander McDowell marcheerde in zuidelijke richting langs de Nolensville Turnpike om Murfreesboro vanuit het oosten te naderen. De rechtervleugel telde 13.500 soldaten en werd aangevoerd door generaal-majoor George Henry Thomas. Hij marcheerde langs de Wilson Turnpike en Franklin Turnpike om uiteindelijke via Nolensville dezelfde route te nemen van Crittenden. Met de verschillende marsroutes wou Rosecrans Hardee aanvallen bij Triune vooraleer hij Bragg zou aanpakken. Tijdens de opmars trok Bragg Hardee terug naar Murfreesboro.

Murfreesboro en de aanvalsplannen Murfreesboro was een klein stadje in de vallei van Stones River. Het was ooit een hoofdstad van een staat en was vernoemd naar kolonel Hardy Murfree, een officier tijdens de Amerikaanse Onafhankelijkheidsoorlog. Tijdens de burgeroorlog was het stadje het epicentrum van Zuidelijke sympathieën. Bragg en zijn leger werden warm onthaald en goed verzorgd in de maand december. Het lag in een rijke landbouwregio. Bragg zou de opbrengsten gebruiken om zijn leger te bevoorraden. Ook lag het op de strategisch belangrijke route die het Noordelijke leger zou kunnen gebruiken. Hardee zou later zeggen dat het slagveld geen defensieve voordelen had. Toch zou Bragg hier standhouden en niet langs de Duck River stellingen innemen zoals Rosecrans vermoedde. Bragg nam ook de politieke gevoeligheden in acht. Hij wist dat er zo weinig mogelijk grondgebied van Tennessee mocht verloren gaan. Daarom verkoos hij het relatief vlakke terrein bij een politiek belangrijke stad langs de Stones River. Delen van het gebied rond de stad bestonden uit kleine, maar dichtbeboste stukjes grond. Deze werden voornamelijk aangetroffen bij het kruispunt van de Nashville Pike en de Nashville and Chattanooga spoorweg. De verplaatsingen van de wagens en de artillerie werd bemoeilijkt door kalkstenen brokken die eruitzagen als tanden. Hardees korps lag bij Triune op ongeveer 32 km ten westen van Murfreesboro. Polk lag op de westelijke oever van de rivier met zijn troepen en het gedetacheerd korps van generaal-majoor John C. Breckinridge stond opgesteld bij de lagere heuvels ten oosten van de rivier. Niemand kreeg het bevel om veld-fortificaties uit te bouwen.

thumb|left|Kalkstenen tanden in de bossen rond Murfreesboro in 2005 Toen Rosecrans op 29 december in de omgeving van Murfreesboro aankwam, kampeerde het Army of Tennessee al een maand in het gebied. Tegen het invallen van de duisternis was twee derde van het Noordelijke leger opgesteld langs de Nashville Turnpike. De volgende dag telde Rosecrans leger 45.000 soldaten tegenover de 38.000 van Bragg. De kansen voor Bragg waren toch beter dan wat de cijfers zouden doen vermoeden. Bragg had verschillende cavalerie-eenheden onder Forrest, Morgan en Wheeler die de vijandelijk communicatielijnen veel schade toebrachten. Op 29 december had Wheeler diep achter de Noordelijke linies een bevoorradingscolonne vernietigd en 1.000 soldaten gevangengenomen. De onervaren Noordelijke cavalerie stond vrijwel machteloos tegen hun Zuidelijke tegenstander.

Op 30 december stelden de Noordelijken zich op in slaglinie op ongeveer 3 km ten noordwesten van Murfreesboro. De twee legers namen parallelle linies (zuidwest-noordoost georiënteerd) in die ongeveer 6 km lang waren. Braggs linkerflank was zwak. De Zuidelijke cavalerie schermde hun posities goed af zodat Rosecrans deze zwakte niet opmerkte. Net zoals in de Eerste Slag bij Bull Run van het jaar ervoor, ontwikkelden beide bevelhebbers gelijksoortige plannen. De vijandelijke rechterflank keren, de achterhoede aanvallen en het vijandelijke leger afsnijden van hun communicatielijnen. Omdat beide aanvalsplannen gelijklopend waren, zou de overwinning afhangen van diegene die het snelst het initiatief zou nemen. Het Noordelijke leger zou aanvallen na het ontbijt. Bragg zou echter aanvallen bij zonsopgang.

thumb|260px|Opstelling en bewegingen tijdens de nacht van 30 op 31 december Braggs eenheden en het korps van Leonidas Polk stonden opgesteld op de westelijke oever. William J. Hardees soldaten op de oostelijke oever. Bragg verwachtte reeds een Noordelijke aanval op 30 december. Toen deze aanval niet kwam, stuurde hij Hardees korps en de cavalerie van brigadegeneraal John A. Wharton via een omweg naar de vijandelijke achterhoede. Breckenridges divisie werd in reserve gehouden ten oosten van de rivier op hoger gelegen grond.

Rosecrans’ plan was om Crittenden over de rivier te sturen om daarna de heuvels ten oosten van de rivier aan te vallen. Van daar uit kon zijn artillerie de volledige Zuidelijke slaglinie onder schot nemen. Om de vijand zand in de ogen te strooien, stak McCook (op de Noordelijke rechterflank) veel kampvuren aan. Hiermee maskeerde hij de zwakte van zijn flank en verdoezelde hij het zwaartepunt van de aanval. Thomas, die het centrum voor zijn rekening nam, fungeerde als as waarrond de aanvallen vanuit de Noordelijke flanken zou draaien.

Beide legers kampeerden op slecht 700 m van elkaar. De muziekkorpsen zorgden reeds voor een opwarmer. De Noordelijken speelden Yankee Doodle en Hail, Columbia en werden prompt beantwoord met Dixie en The Bonnie Blue Flag. Uiteindelijk speelde een muziekkorps Home Sweet Home die al snel door beide opponenten overgenomen werd. Duizenden Noordelijke en Zuidelijke soldaten zongen samen het sentimentele lied over de linies heenWorsham, pp. 68-69; McPherson, p. 580; Foote, p. 86; Street, p. 99; Lamers, p. 208.

31 december thumb|260px|31 december om 8.00 uur Bij dageraad van de 31ste december viel de Zuidelijke generaal William J. Hardee als eerste aan. Een van zijn divisies onder leiding van generaal-majoor John P. McCown viel de Noordelijke rechterflank aan waar de brigade van Richard W. Johnson hun ontbijt verorberden. 10.000 Zuidelijke soldaten vielen de verraste Noordelijken aan. De verwarrende kampvuren van McCook en de onervarenheid van McCown zelf liet een gat ontstaan in de slaglinie die snel opgevuld werd door de divisie van generaal-majoor Patrick Cleburne. Deze twee divisies overrompelden de Noordelijken. Verschillende Noordelijke batterijen werden veroverd zonder één schot te lossen. Johnsons divisie verloor meer dan 50 % van zijn effectief. De divisie van de Noordelijke brigadegeneraal Jefferson C. Davis moest na een korte strijd eveneens terugtrekken.

Hardee dreef de Noordelijken meer dan 5 km terug richting de spoorweg bij Nashville Pike. Daar slaagde Johnson erin om zijn linie min of meer te herstellen. Rosecrans stopte Crittendens aanval op de Zuidelijke rechterflank die reeds begonnen was om 07.00 uur met de opmars van brigadegeneraal Horatio P. Van Cleves divisie. Hij stuurde versterkingen naar zijn eigen rechterflank. Rosecrans had de Zuidelijke aanval verkeerd in geschat. Hij ging ervan uit dat McCook de druk kon weerstaan. Toen Rosecrans zijn eenheden aanstuurde, was hij er zich niet van bewust dat zijn uniform met bloed bespat was. Zijn chef-staf kolonel Julius Garesché was onthoofd door een kanonskogel terwijl hij naast Rosecrans reed.

thumb|260px|31 december om 9.45 uur