Gisela (ca. 820 - na 874) was de jongste dochter van Lodewijk de Vrome en zijn tweede vrouw, Judith van Beieren. Ze was aldus de oudere, volle zus van Karel de Kale. Ze is waarschijnlijk vernoemd naar Gisela, de zuster van Karel de Grote. Over haar opvoeding aan het hof is niets geweten. Vermoedelijk leerde zij zoals elke Karolingische vrouw van adel Latijn lezen en schrijven. Dat gebeurde meestal in een klooster, maar in haar geval kan de opleiding deel uitgemaakt hebben van de rondreizende hofhouding van Lodewijk.

Huwelijk en nageslacht Ze trouwde ca. 836 met Eberhard van Friuli, markgraaf van Friuli, die later als Sint-Eberard heilig werd verklaard. Het echtpaar kreeg volgende kinderen

Eberhard (vroeg gestorven) Ingeltrude, die trouwde met Hendrik van Babenberg, wier dochter Hedwige mogelijk trouwde met Otto I van Saksen die de Ottoonse dynastie van Duitse koningen en keizers zou stichten. Unroch III, die het markgraafschap van Friuli zou erven maar in 874 stierf koning Berengarius I van Friuli, die bij de dood van Unroch het markgraafschap erfde en niet alleen koning van Italië zou worden maar zelfs Rooms Keizer Adahard, eerste lekenabt van Cysoing Raoul, volgde zijn broer op als lekenabt van Cysoing Alpais (vroeg gestorven) Heilwilde, die Huchbald van Ostrevent, nadien mogelijk Roger I van Laon huwde Gisela, kloosterzuster in Brescia Judith, trouwde met Koenraad II van Bourgondië

De abdij van Cysoing Haar bruidsschat bestond uit vele rijke domeinen, waaronder de fisc van Cysoing; gelegen in het centrum van het land van Pévèle, een van de mooiste fiscs in de regio. Cysoing werd een van Gisela's en Eberhards reguliere residenties. Ze stichtten er een abdij, die pas na hun dood voltooid zou worden. Ze droegen die op aan de heilige Calixtus. Haar zoons Adahard en Raoul zouden er opeenvolgend lekenabt zijn. Eberhard werd er na zijn dood (ca. 866) bijgezet in de crypte. Hetzelfde gebeurde met Gisela, die gestorven is na 874. Van de crypte is niets overgebleven na de verwoesting der abdijen door de Franse revolutie. Wel zou Eberhards gebeente bewaard zijn: het wordt althans getoond in de kerk van Cysoing. Op de façade van die Kerk staan beeltenissen, vermoedelijk uit de tijd van de bouw zelf, in 1705-1709.

Het testament van Eberhard en Gisela Dit testament is opgesteld in 863 of 864 en geldt als een van de belangrijkste testamenten uit de negende eeuw. Het document getuigt van een grote rijkdom. Het echtpaar bedeelde de kinderen gelijkmatig, ook de dochters, zelfs al kon men niet tornen aan de wetten van gebiedsverdeling. Bovendien stelde Eberhard voorwaarden op waaronder zijn horigen konden worden vrijgelaten bij zijn dood. Het testament is des te unieker doordat Eberhard in de aanhef zijn vrouw Gisela bij naam noemt en betrekt. Niettemin heeft Gisela na de dood van Eberhard nog verschillende eigen oorkonden opgesteld in 869, 870 en 874 (bij de dood van haar zoon Unroch), om specifieke zaken verder te regelen of schenkingen aan de abdij van Cysoing te bevestigen.

Het klooster van Brescia Het nonnenklooster San Salvatore in Brescia werd na de dood van Ermengarde, de echtgenote van keizer Lotharius I, aan haar gegeven. Zij diende daar na de dood van Eberhard (ca. 866) als abdis en als rectrix.

De kathedraal van Aquilea Gisela zou een mecenas geweest zijn van de kathedraal van Aquileia. Onder de schenkingen zou zich een mozaïekportret van haar bevonden hebben, dat echter niet meer in de kathedraal te vinden is.Handbook of Painting: The Italian Schools (handboek voor het schilderen: de Italiaanse scholen), door Franz Kugler, Margaret Hutton, Charles Lock Eastlake.. Voorouders Voorouders van GiselaOvergrootoudersPepijn de Korte (714-768)∞ Bertrada van Laon (725-783)Gerold van Vintzgouw (740-799) ∞ Imma (-)Rothard van de Argengau (725–771)∞ Ermenane (-)Isanbarth (–)∞ Theodrada (-)GrootoudersKarel de Grote (747-814) ∞ Hildegard (758-783)Welf van Altdorf (744-) ∞ Eigilwich (-)OudersLodewijk de Vrome (778-840) ∞ Judith van Beieren (805-843)Gisela (821-874)

Bronnen

Primaire bronnen

"Annales Regni Francorum” “Annales Bertiniani" "Annales Fuldenses” “Diplomata Karolinorum” “Vita Hludovici” “Gesta Hludowici Imperatoris” "Gesta Berengarii Imperatoris" “Kronieken van Casauria”.

Secundaire bronnen

Pierre Riché, "Les Carolingiens: une famille qui fit l’Europe” Rosamond McKitterick: "The Frankish Kingdoms under the Carolingians, 751-987" Pauline Stafford: "Queens, Concubines and Dowagers: The King's Wife in the Early Middle Ages". Janet L. Nelson: "Charles the Bald" Julia M.H. Smith: "Gender and the Culture of Power" Ignace de Coussemaeker: "Cartulaire de l’abbaye de Cysoing et de ses dépendances” Christina La Rocca en Luigi Provero: "The Dead and their Gifts. The Will of Eberhard, Count of Friuli, and his Wife Gisela, Daughter of Louis the Pious (863-864)”

Voetnoten

Categorie:Karolingisch Huis Categorie:9e-eeuws abt