Het vorstendom Dukagjini (Albanees: Principata e Dukagjinëve) (1387-1444) was een Albanees vorstendom geregeerd door het huis Dukagjini. Het vorstendom kwam geografisch overeen met gebieden in het huidige Noord-Albanië, west-Kosovo en het zuidwesten van Montenegro. Het strekte zich uit van de Adriatische Zee in het westen tot Ulpiana (nabij Pristina) in het oosten, en van Shkodër in het noorden tot hoofdstad Lezhë in het zuiden.
Geschiedenis De Dukagjini-dynastie wordt voor het eerst vermeld in 1281, toen Gjin Tanushi een hoge adellijke titel droeg. De familie groeide in de daaropvolgende eeuwen uit tot een van de machtigste Albanese adellijke geslachten in het noorden van Albanië. De Dukagjini's bouwden verschillende eigen machtsgebieden op in onder meer Mirditë, Zadrima, Pult en de gebieden rond de rivier de Drin. Hun invloed strekte zich bovendien uit richting de Vlakte van Dukagjini en Prizren in het huidige Kosovo. Aan het einde van de 14e eeuw waren verschillende leden van de familie als zelfstandige regionale machthebbers actief.
In 1387 sloten Pal I Dukagjini en Lekë I Dukagjini een overeenkomst met de Republiek Ragusa, waarmee de familie ook haar controle over handelsroutes en economische belangen bevestigde. De Dukagjini's bestuurden hun gebieden niet als een sterk gecentraliseerde monarchie; verschillende familietakken beschikten over eigen domeinen, kastelen en lokale machtsbases. Hierdoor wordt hun staatkundige positie beter omschreven als een netwerk van met elkaar verbonden heerlijkheden onder de invloed van de Dukagjini-dynastie. De toenemende Ottomaanse expansie naar de Balkan bracht de familie vanaf de 14e eeuw steeds meer onder druk. Tegelijkertijd moesten de Dukagjini's rekening houden met de Republiek Venetië, die belangrijke steden en handelsgebieden langs de Albanese kust beheerste. In 1393 werd Lezhë aan Venetië overgedragen, waardoor de stad buiten de directe heerschappij van de Dukagjini's kwam te staan. De familie behield echter belangrijke gebieden in het noordelijke binnenland. Tijdens de 15e eeuw bleven de Dukagjini's een belangrijke politieke en militaire macht in Noord-Albanië. Pal II Dukagjini en zijn familieleden bestuurden verschillende gebieden en onderhielden relaties met andere Albanese dynastieën. Door huwelijken ontstonden bovendien familiebanden met onder meer de Arianiti's, Kastrioti's en andere Albanese adellijke geslachten.
Op 2 maart 1444 sloten verschillende Dukagjini-heersers zich aan bij de Liga van Lezhë. Tijdens deze bijeenkomst verenigden Albanese vorsten en edelen zich onder leiding van Skanderbeg om gezamenlijk weerstand te bieden tegen het Ottomaanse Rijk. Pal II Dukagjini vertegenwoordigde de Dukagjini-familie binnen deze alliantie. De Dukagjini's behielden daarbij hun eigen machtsgebieden en vormden geen onderdeel van een volledig gecentraliseerde Albanese staat. Na de dood van Pal II speelde zijn zoon Lekë III Dukagjini een belangrijke rol binnen de Albanese weerstand. Lekë was een van de belangrijkste bondgenoten van Skanderbeg en werd na diens dood in 1468 een van de leidende figuren van het Albanese verzet. Hij voerde samen met andere Albanese vorsten de strijd tegen de Ottomanen voort. Zijn broer Nikollë II Dukagjini nam eveneens deel aan de anti-Ottomaanse strijd en verdedigde samen met andere Albanese machthebbers de noordelijke gebieden.
De Dukagjini's waren ondertussen verwikkeld geraakt in conflicten met zowel de Ottomanen als Venetië en andere Albanese dynastieën. De politieke verdeeldheid tussen de verschillende machthebbers maakte het moeilijk om een langdurige gezamenlijke verdediging tegen de Ottomanen te organiseren. De familie wist haar noordelijke machtsbasis nog enige tijd te behouden, maar verloor geleidelijk haar zelfstandige positie. In 1479 werd Shkodër na een langdurige belegering door de Ottomanen aan het Ottomaanse Rijk overgedragen. Hiermee kwam een einde aan de laatste belangrijke fase van het georganiseerde Albanese verzet in deze periode en verloren ook de Dukagjini's hun belangrijkste politieke machtsbasis in Noord-Albanië. Verschillende leden van de familie verlieten vervolgens het gebied en vestigden zich in Venetiaanse gebieden, terwijl andere Dukagjini's onder Ottomaanse heerschappij bleven voortbestaan.
Hoewel het vorstendom als zelfstandige politieke macht verdween, bleef de Dukagjini-familie bestaan. Verschillende familietakken verspreidden zich over de Balkan en enkele leden traden later in dienst van het Ottomaanse bestuur. De middeleeuwse Dukagjini-staat maakte daarmee plaats voor een verspreide adellijke familie, waarvan de naam en familieverbanden nog eeuwenlang in Albanese en Ottomaanse bronnen bleven voortbestaan.
Prinsen Pal I Dukagjini (1387-1393) Lekë I Dukagjini (1387–1393) Tanush II Dukagjini (1393–1413) Pal II Dukagjini (1413–1444) Lekë III Dukagjini (1444–1478) Nikollë II Dukagjini (1444–1478) Kaarten
Categorie:Historisch land op de Balkan Dukagjini Categorie:Geschiedenis van Albanië