was de 69e keizer van Japan, volgens de traditionele opvolgvolgorde.Japanse hof: 後朱雀天皇 (69) Hij regeerde van de 17e dag van de 4e maand van Chōgen 9 (1036) tot de 16e dag van de 1e maand van Kantoku 2 (1045).Titsingh, Isaac. (1834). Annales des empereurs du Japon, pp. 160-162; Brown, Delmer et al. (1979). Gukanshō, pp. 310-311; Varley, H. Paul. (1980). Jinnō Shōtōki. p. 195-196.
Go-Suzaku’s regeerperiode omvatte vier periodes uit de Japanse geschiedenis: Chōgen (1028-1037), Chōryaku (1037-1040), Chōkyū (1040-1044) en Kantoku (1044-1046). Go-Suzaku ligt begraven in een van de zeven keizerlijke tombes in de Ryoan-ji tempel in Kyoto.
Genealogie Go-Suzaku was vernoemd naar de voormalige keizer Suzaku. Het voorvoegsel go- (後), kan worden vertaald als “later” of “tweede”, waardoor zijn naam vrij vertaald “Suzaku de tweede” betekent.Reed, Edward James. (1880). Japan: its history, traditions, and religions, Vol. 1, p. 112 n*. Zijn persoonlijke naam (imina) was Atsunaga-shinnō.Titsingh, p. 160.
Go-Suzaku was de zoon van keizer Ichijo en Fujiwara no Shōshi. Hij was de jongere broer van keizer Go-Ichijo.
Go-Suzaku had vijf keizerinnen en hofdames, met wie hij zeven kinderen kreeg. Twee van deze kinderen werden later ook keizer: Go-Reizei en Go-Sanjo.
Categorie:Keizer van Japan Categorie:Persoon in de 11e eeuw