miniatuur|350x350px thumb|350px|Groei van de gemiddelde levensduur in België in de periode 1885 tot 2004, bron: FOD Economie - Algemene Directie Statistiek - Statistics Belgium, Dienst Demografie thumb|Staat al van voor je geboorte vast hoe oud je wordt? - Universiteit van Vlaanderen In de demografie is de levensverwachting een statistisch begrip dat voor een bepaalde groep individuen de verwachte (meestal aangeduid als gemiddelde) resterende levensduur van een individu in die groep aangeeft. De groep bestaat bijvoorbeeld uit alle mensen van een bepaalde leeftijd, of apart naar geslacht.
Voor de berekening kan men gebruikmaken van in een recente periode gerealiseerde sterftecijfers naar leeftijd en eventueel geslacht (periodelevensverwachting), maar ook van prognoses voor toekomstige jaren (cohortlevensverwachting).https://www.ag-ai.nl/view/41122-PrognosetafelAG2018.pdf. Gearchiveerd op 5 juni 2023.
Berekening Voor bijvoorbeeld een man die in 2019 65 jaar wordt, kan de kans dat hij op 65-jarige leeftijd overlijdt, benaderd worden door het deel van de 65-jarige mannen die overleden in het meest recente jaar, bijvoorbeeld 2018, waarvoor statistieken beschikbaar zijn. De kans dat hij op 66-jarige leeftijd overlijdt, kan benaderd worden door het deel van de 66-jarige mannen die overleden in 2018, enzovoort. Een mogelijke verfijning is dat men ook kijkt naar de veranderingen in het verleden van bijvoorbeeld het deel van de 66-jarige mannen die overleden in elk jaar, en de trend extrapoleert naar, in dit voorbeeld, het jaar 2020. Uit de kans voor elk toekomstig levensjaar om in dat levensjaar te overlijden kan de resterende levensverwachting worden berekend. Deze is (in jaren) op de 65e verjaardag bijvoorbeeld ongeveer gelijk aan de helft van de kans dat men in het dan beginnende levensjaar overlijdt (omdat men in dat geval gemiddeld nog ongeveer een half jaar leeft), plus de kans voor iemand die net 65 jaar is geworden om de 66e verjaardag te beleven, vermenigvuldigd met 1 meer dan de resterende levensverwachting op de 66e verjaardag. Voorbeeld op basis van de Nederlandse statistieken voor mannen voor 2018: 0,01086/2 + 0,98914*(18,21+1) = 19,01. Of anders gerangschikt: 0,5 + 0,98914*(0,5+18,21) = 19,01. De tweede 0,5 is de aanvulling van de eerste 0,5 als het overlijden niet in het eerste jaar is; die komt bij de resterende levensverwachting na het eerste jaar.
Zo terugrekenend van een resterende levensverwachting van bijvoorbeeld 0 of 0,5 jaar op de 120e verjaardag(0 komt neer op uiterlijk overlijden op de 120e verjaardag, 0,5 op overlijden vóór de 121e verjaardag, maar bij terugrekenen naar leeftijden van 108 jaar en jonger maakt dit tot op twee decimalen niet uit voor de levensverwachting. kan men de resterende levensverwachting op elke verjaardag bepalen.
Een andere manier om de resterende levensverwachting bij het bereiken van een bepaalde leeftijd in een bepaald jaar te bepalen is te beginnen met de 0,5 jaar die men sowieso bij benadering gemiddeld in het eerste jaar leeft, en dan voor ieder jaar dat men na het beginmoment eventueel nog leeft, een fractie van een jaar gelijk aan de a priori kans daarop hierbij te tellen, en er daarbij bijvoorbeeld van uitgaan dat men maximaal 120 jaar wordt.
Levensverwachting vanaf de geboorte Wordt er geen nadere specificatie gegeven, dan is meestal de levensverwachting vanaf de geboorte bedoeld. Voor niet-menselijke organismen wordt veelal de term levensduur gebruikt om de verwachte (gemiddelde) lengte van het leven van een bepaalde soort aan te geven.
Om de levensverwachting bij geboorte in een bepaald jaar te berekenen gebruikt men vaak de sterftecijfers van dat jaar. Men neemt dan aan dat de kans om op een bepaalde leeftijd te overlijden daarna constant blijft.
De levensverwachting bij geboorte is erg gevoelig voor het sterftepercentage in het eerste levensjaar (zuigelingssterftecijfer) of de eerste levensjaren. In deze gevallen kan een andere maatstaf zoals de levensverwachting op de leeftijd van 10 jaar worden gebruikt om de gevolgen van zuigelingssterfte uit te sluiten en de gevolgen van andere doodsoorzaken te openbaren. Niettemin wordt gewoonlijk de levensverwachting bij geboorte gespecificeerd.
Levensverwachting door de jaren heen De levensverwachting is in de loop van de laatste eeuwen van menselijke geschiedenis drastisch gestegen. Deze verbetering is grotendeels het resultaat van verbeterde hygiëne (riolering en schoon drinkwater), beschikbaarheid van goed voedsel, levensomstandigheden (verwarming), vrede en geneeskunde. Bij dat laatste speelde met name de uitvinding van vaccins en antibiotica een grote rol. De grootste verbeteringen zijn bereikt in de rijkste delen van de wereld, maar dezelfde gevolgen spreiden zich nu uit in andere delen van de wereld, aangezien hun economieën en infrastructuur verbeteren.
Van de toename van de levensverwachting in de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling-landen zijn statistieken bekend vanaf 1870. Die wijzen uit dat daar de levensverwachting gedurende de periode 1870-1940 met een exponentiële versnelling is toegenomen van ongeveer 40 tot 70 jaar. Was de levensverwachting bij geboorte in de Verenigde Staten in 1901 49 jaar, aan het eind van de eeuw was het 77 jaar. Dergelijke stijgingen zijn ook in andere delen van de wereld opgetreden. De levensverwachting in India en de Volksrepubliek China was rond de 40 jaar in het midden van de twintigste eeuw. Rond de eeuwwisseling was dit toegenomen tot rond de 63 jaar. Deze stijgingen waren grotendeels toe te schrijven aan de uitroeiing en de beheersing van talrijke besmettelijke ziekten en aan vooruitgang in landbouwtechnologie (zoals chemische meststoffen). In Afrika is de ontwikkeling het meest achtergebleven. Daar was de gemiddelde levensverwachting in 1990 met 53 jaar het laagst en in Oeganda was dit slechts 42 jaar.
De belangrijkste uitzondering op dit algemene patroon van verbetering is in die landen geweest die het meest door aids zijn getroffen, hoofdzakelijk in zuidelijk Afrika. Daar zijn significante dalingen van de levensverwachting toe te schrijven aan de ziekten die de laatste jaren hun intrede hebben gedaan. Een andere uitzondering is Rusland en andere vroegere republieken van de USSR na de instorting van de Sovjet-Unie. Verwachting van het leven van mannen daalde naar 59,9 jaar (onder de officiële pensioenleeftijd), van vrouwen naar 72,43 jaar (1999).
Hoewel de levensverwachting op de lange termijn toeneemt is er ook sprake van jaarlijkse schommelingen. Zo nam de levensverwachting in 2015 in Nederland af met 0,3 jaarLevensverwachting 65-jarige 5 jaar hoger sinds AOW-wet CBS, 30 mei 2016. Gearchiveerd op 9 juni 2023. en in België met 0,2 jaar.Onze levensverwachting daalt De Standaard, 1 september 2016. Gearchiveerd op 23 oktober 2021.
De hele menselijke geschiedenis door was het grootste deel van de verhoging van de levensverwachting het gevolg van het verhinderen van vroege sterfgevallen. Nochtans geloven vele wetenschappers niet dat dit in de toekomst zal blijven doorgaan. Sommige wetenschappers geloven dat de verdere vooruitgang in de medische wetenschap de levensverwachting nog verder kan verhogen.
thumb|center|700px|Levensverwachting wereldwijd (2015)
Levensverwachting wereldwijd De levensverwachting is wereldwijd tussen 2000 en 2015 met gemiddeld 5 jaar gestegen, de snelste toename sinds de jaren 1960. De levensverwachting neemt echter niet altijd toe. Gedurende de jaren 1990 nam de levensverwachting in bepaalde delen van de wereld af, bijvoorbeeld in Afrika door de Aids epidemie aldaar en in veel voormalige Sovjet-landen (met name Rusland) door het ineenstorten van de Sovjet-Unie. De toename van de levensverwachting tussen 2000 en 2015 was het grootst in Afrika. In 2015 is de levensverwachting van vrouwen in Japan het hoogste, namelijk 86,8 jaar. In Zwitserland is de levensverwachting voor mannen het hoogste met 81,3 jaar. In Sierra Leone is de levensverwachting zowel voor mannen als voor vrouwen het laagste van de hele wereld, namelijk 50,8 voor vrouwen en 49,3 voor mannen.
Factoren die een rol spelen bij de levensverwachting thumb|Binnen rijke landen is de levensverwachting hoger bij landen met een lagere economische ongelijkheid thumb|Katrien Van Thomme - Leef je langer als je rijk bent? - Universiteit van Vlaanderen De wereldwijde verschillen in levensverwachting worden meestal door verschillen in volksgezondheid, geneeskunde en voeding veroorzaakt. Gemiddeld blijken levensverwachting en vruchtbaarheid (aantal kinderen per vrouw) negatief geassocieerd: hoe langer de levensverwachting, hoe minder kinderen. Een vergelijking van alle landen en regio's laat zien dat vooral de toegenomen welvaart en de verlengde levensverwachting (en niet de cultuur of religie) verband houdt met de afgenomen vruchtbaarheid.Religions and Babies Presentatie over het zoeken naar de oorzaken van verschillen in vruchtbaarheid, Hans Rosling op TED
Er zijn ook verschillen tussen groepen binnen hetzelfde land. In de Verenigde Staten waren er in het begin van de 20e eeuw zeer grote verschillen in de levensverwachting tussen mensen van verschillende rassen. Tegenwoordig zijn deze verschillen kleiner. Er zijn significante verschillen in de levensverwachting tussen mannen en vrouwen in de ontwikkelde landen. Vrouwen worden meestal ouder. Deze verschillen tussen de geslachten zijn de laatste jaren kleiner geworden, doordat de levensverwachting van mannen wat sneller stijgt dan die van vrouwen.
Grote verschillen in levensverwachting zijn niet enkel op nationaal of regionaal niveau te vinden. Zelfs binnen dezelfde stad kan de levensverwachting van inwoners van verschillende wijken jaren uiteen liggen. Zo sterven mannen in de Tarwewijk in Rotterdam gemiddeld 7 jaar eerder dan mannen in de wijk Nesselande.In Tarwewijk leef je zeven jaar korter RTV Rijnmond, 17 juni 2014
De schadelijke gevolgen van gewoonten zoals tabak roken en andere verslavingen zorgen ook voor een significant verschil in levensverwachting. Roken is de belangrijkste oorzaakEos magazine: 'Waarom mannen vroeger sterven dan vrouwen' dat in Europa de gemiddelde levensverwachting van mannen lager ligt dan die van vrouwen. Roken zorgt voor een verhoogde opname van cadmium en maakt veel kapot in het lichaam.
Een ander belangrijk verband met de levensverwachting is er met het beroep. Mensen in beroepen waarvoor een hogere opleiding nodig is, hebben een hogere levensverwachting. Een deel is toe te schrijven aan de arbeidsomstandigheden. Het werken met asbest en in mijnen zorgt voor een lagere levensverwachting. In de ontwikkelde landen neemt door de verbeterde veiligheidsmaatregelen op het werk dit aandeel af. Een ander deel is toe te schrijven aan een verband tussen de keuze van het beroep en de keuze van de levensstijl. Erfelijke aanleg speelt een kleinere rol. Artikel in Sciencedaily met een link naar een onderzoek: Journal of Internal Medicine Volume 269, 4, pag 441–451, April 2011 Factors associated with reaching 90 years of age: a study of men born in 1913 in Gothenburg, Sweden.
De laatste jaren zijn de zwaarlijvigheid-gecorreleerde ziekten een belangrijke volksgezondheidskwestie in vele landen geworden. De toename van zwaarlijvigheid wordt verondersteld een potentieel gezondheidsrisico te zijn door de stijgende risico's van kanker, hartkwalen en diabetes type 2.
Levensverwachting en gender