Marie de Rabutin-Chantal, markiezin de Sévigné (Parijs, 5 februari 1626 – Grignan, 18 april 1696) behoorde tot de hoge Franse adel en werd als schrijfster bekend door haar brieven, die tot de klassieken in de Franse literatuur worden gerekend.
Leven Madame de Sévigné stamde uit een oude Bourgondische familie. Nadat haar man in een duel om een minnares om het leven was gekomen (1651), wijdde ze zich volledig aan haar twee kinderen. Toen haar dochter Françoise in 1669 trouwde met de graaf van Grignan en twee jaar later naar de Provence verhuisde, ontstond tussen moeder en dochter een uitgebreide briefwisseling.
Haar dochter werd negen keer zwanger tussen 1669 en 1685 wat ten koste ging van haar gezondheid. Madame de Sévigné bezocht haar dochter en haar schoonzoon een eerste keer in het kasteel van Grignan tussen juli 1672 en oktober 1673. Ook tussen oktober 1690 en december 1691 verbleef ze in Grignan. In mei 1694 reisde ze een laatste maal van Parijs naar Grignan. Dit was kort nadat haar dochter en haar schoonzoon haar in Parijs hadden bezocht. Ze maakte er de huwelijken van twee van haar kleinkinderen mee en waakte aan het ziekbed van haar dochter. Na een uitstap naar Lambesc begin 1696 in het gezelschap van haar schoonzoon, werd madame de Sévigné ziek. Terug in Grignan werd ze gescheiden gehouden van haar dochter uit angst om haar te besmetten. Na een ziekbed van twee weken en na het ontvangen van de laatste sacramenten stierf madame de Sévigné op 18 april. De volgende dag werd ze bijgezet in het graf van de familie Adhémar de Monteil de Grignan in de kapittelkerk Saint-Sauveur.
Brieven De brieven van madame de Sévigné aan haar dochter vormen een van de origineelste briefwisselingen uit de Franse literaire geschiedenis.
De brieven van Madame de Sévigné, merendeels dus gericht aan haar dochter, getuigen niet alleen van een levendige schrijftrant, maar bovenal van haar "kunst van vertellen". Veel van wat ze vertelt heeft ze niet zelf meegemaakt: ze schept een eigen visie van de wereld, vooral bedoeld om de leegte te vullen van de afwezigheid van haar dochter. Haar taal getuigt van gevoelens die hun diepgang vinden in wat Proust later "intermittences du coeur" zou noemen: het beurtelings wegblijven en weer terugkeren van hartstocht op het ritme van afscheid en weerzien. De briefwisseling van Madame de Sévigné is bij uitstek representatief voor het classicisme en wordt van grote waarde geacht, niet alleen vanwege haar persoonlijke (soms mondaine) kijk op historisch getinte anekdoten, maar vooral wegens de literaire en psychologische context waarin deze anekdoten zijn geplaatst. Haar toegang tot het hof van koning Lodewijk XIV maakte dat ze de Franse politiek en de wereldpolitiek op de voet kon volgen. Door haar geschriften is het inzicht in de periode die zij overzag, voor de geschiedenis verscherpt.
Tentoonstelling 2026 In 2026 werd ter gelegenheid van de herdenking van haar 400e geboortedag een tentoonstelling gehouden in Musée Carnavalet, het huis waar Mme de Sévigné zelf lange tijd gewoond heeft. Bij die expositie verscheen een uitgebreide catalogus, geschreven door deskundigen op basis van de meest recente wetenschappelijke inzichten.Madame de Sévigné. Lettres parisiennes. Paris, 2026.
Bibliografie Madame de Sévigné, Correspondance, 3 delen, Paris, Gallimard, 1972-1978 (Bibliothèque de la Pléiade) Marie de Sévigné, Brieven, in de reeks Privé-domein, nr. 176, 1991
Trivia In 1985 werd een inslagkrater op de planeet Venus naar haar vernoemd.
Externe link
Categorie:Frans schrijver Categorie:17e-eeuws schrijver Categorie:Franse adel