thumb|Eugène Marais, naar wie de prijs is genoemd De Eugène Maraisprys is een Zuid-Afrikaanse literatuurprijs.

Beschrijving De Eugène Maraisprys, die sinds 1961 jaarlijks wordt toegekend door de Suid-Afrikaanse Akademie vir Wetenskap en Kuns, wordt verleend voor debuten of vroeg werk in het Afrikaans. De onderscheiding heette aanvankelijk de Aanmoedigingsprijs en later de Debuutprijs, maar werd in 1971 bij een reglementsherziening vernoemd naar de Zuid-Afrikaanse dichter, schrijver en natuuronderzoeker Eugène Marais (1871-1936). De prijs kan voor werk in elk genre worden toegekend, maar alleen werken die in het voorgaande kalenderjaar zijn verschenen komen voor bekroning in aanmerking. Een schrijver kan de Eugène Maraisprys slechts eenmaal ontvangen. In 2009 bedroeg het prijzengeld 22.000 rand.

Winnaars 1961: Audrey Blignault voor In klein maat, Die vrolike lied en haar bijdragen aan Die dammetjie 1963: André P. Brink voor Caesar 1964: Dolf van Niekerk voor Skepsels, Elsa Joubert voor Ons wag op die kaptein 1965: George Louw voor Koggelstok 1966: Henriette Grové voor al haar dramatische werken 1967: Abraham H. de Vries voor al zijn prozawerken 1968: M.M. Walters voor Cabala 1970: P.G. Hendriks voor Die weg van 'n man 1971: Sheila Cussons voor Plektrum 1972: Lina Spies voor Digby Vergenoeg 1973: Antjie Krog voor Januarie-suite 1974: Leon Strydom voor Geleentheidsverse 1975: P.J. Haasbroek voor Heupvuur 1976: J.C. Steyn voor Grammatika van liefhê 1978: Marlene van Niekerk voor Sprokkelster 1979: Eveleen Castelyn voor Tussen hemel en aarde 1980: Petra Müller voor Patria 1981: Annesu de Vos voor Gebed van 'n groen perske en ander verse 1982: Louis Krüger voor Die skerpskutter 1983: E. Kotze voor Halfkrone vir die Nagmaal 1984: Etienne van Heerden voor My Kubaan 1985: Alexander Strachan voor 'n Wêreld sonder grense 1986: Freek Swart voor Spinola se rooi angelier 1987: Joan Hambidge voor Bitterlemoene, Deon Opperman voor Môre is 'n lang dag/Die teken 1988: P.C. Haarhoff voor Uit 'n ander wêreld 1989: Philip de Vos voor Daar's bitterals in die heuningwals 1990: H.J. Pieterse voor Alruin 1991: Pieter Stoffberg voor Die hart van 'n hond 1992: Riana Scheepers voor Dulle Griet 1993: Marita van der Vyver voor Griet skryf 'n sprokie 1994: Mark Behr voor Die reuk van appels, Ronel de Goede voor Skoop 1995: Johan Myburg voor Kontrafak 1996: E.W.S. Hammond voor Doodsteek van 'n diabeet, A.H.M. Scholtz voor Vatmaar 1997: Jaco Fouché voor Die ryk van die rawe 1998: Johann Botha voor Groot vyf 1999: Cristoffel Coetzee (postuum) voor Op soek na generaal Mannetjies Mentz 2000: S.P. Benjamin voor Die lewe is 'n halwe roman 2001: Tom Dreyer voor Stinkafrikaners 2002: Dine van Zyl voor Slagoffers 2003: Barbara Fölscher voor Reisgenoot 2004: Ilse van Staden voor Watervlerk 2005: Melanie Grobler voor Die waterbreker 2006: Marlize Hobbs voor Flarde 2007: Danie Marais voor In die buitenste ruimte 2008: Helena Gunter voor Op 'n plaas in Afrika 2009: Ronelda Kamfer voor Noudat slapende honde, Loftus Marais voor Staan in die algemeen nader aan vensters 2010: Carel van der Merwe voor Geldwolf 2011: Nicole Jaekel Strauss voor Maal 2012: Sonja Loots voor Sirkusboere 2013: Hennie Nortjé voor In die skadu van soveel bome 2014: Dominique Botha voor Valsrivier 2015: Nicola Hanekom voor Die pad byster 2016: Stephanus Muller voor Nagmusiek 2017: Bibi Slippers voor Fotostaatmasjien 2018: Fanie Naudé voor Die derde spoel 2019: Andries Buys voor Die dao van Daan van der Walt under the pseudonym Lodewyk G. du Plessis 2020: Johan Jack Smith voor Zola 2021: Jolyn Philips voor Bientang

Categorie:Zuid-Afrikaanse literatuurprijs