alt=Luchtfoto, met een scheidingslijn over de lengte van de haven. Op het zuidelijk deel rust erfdienstbaarheid. Een noordelijke strook van 30 meter breed is industriehaven.|miniatuur|350px|Erfdienstbaarheid op het zuidelijk deel van de haven. De noordelijke strook van 30 meter is niet voor overnachting. Benoorden de haven ligt de Kerkewaard: roodbruin is eigendom van NedCargo, blauwachtig is eigendom van Kerkewaard BV.

Overnachtingshaven Haaften, ook wel uitwijkhaven of vluchthaven genoemd, is in 1985 in gebruik genomen en was daarmee de eerste officiële overnachtingshaven voor de binnenvaart in Nederland. De haven van 24 hectare ligt aan de Waal bij Haaften, in de Nederlandse gemeente West Betuwe. Hij was bedoeld als industriehaven voor de Kerkewaard, maar is wegens gebrek aan emplooi vrijwel uitsluitend gebruikt als overnachtingshaven. Het omliggende terrein dient als overnachtingsplaats voor vrachtwagens. De haven en de voorzieningen zijn ettelijke keren aangepast, maar de voorzieningen voldoen niet geheel aan de huidige standaard. Schepen mogen hier maximaal 3×24 uur liggen, maar er zijn conflicten geweest over het gebruik, mede doordat er vanaf de laatste decennia van de twintigste eeuw toch industrie kwam.

Ligging en grootte miniatuur|De haven in 2021 vanuit het westen, met links bebouwing op de Kerkewaard. De invaart is net zichtbaar rechts van de struiken. Op de achtergrond de Martinus Nijhoffbrug en de Dr. W. Hupkesbrug. Op de andere Waaloever de Grote of Sint-Maartenskerk (Zaltbommel) en de kleinere toren van het Gasthuis. De havenmond ligt bij kilometerraai (kmr) 936,0 op de rechteroever (de noordelijke oever) van de Waal, recht tegenover Zaltbommel en 2,2 kilometer stroomafwaarts van de Waalbrug van de A2.

Langs de lange noordzijde van de haven ligt industriegebied Kerkewaard en tweehonderd meter ten westen van de haven begint de dorpskern van Haaften.Op de satellietfoto's van Google Maps is de vorm van haven goed te zien, maar de kartering sluit daar niet bij aan.

Minstens tot 2009 stond de havenmond foutief aan de westzijde. Vermoedelijk is de kaart bij hoogwater gemaakt, gezien de grote waterpartijen in de Crobsche waard.

Anno 2025 wordt de havenmond op de juiste plaats weergegeven, maar deze is trechtervormig, zoals tot 2017 het geval was. Oostelijker ligt Tuil. Het is de westelijkste van de drie rijksovernachtingshavens die in de twintigste eeuw aangelegd zijn: de andere zijn IJzendoorn (kmr 907,8) en Lobith (kmr 863,4).

De haven is ruim 850 meter lang en ruim 300 meter breed. Het wateroppervlak is ongeveer 24 hectare en de diepte is meer dan 20 meter. Juridisch gezien behoort alleen het zuidelijke deel tot de overnachtingshaven, doordat Kerkewaard BV alleen daarop een erfdienstbaarheid verleend heeft aan de staat. Dit deel meet 15,1 hectare, de invaart niet meegerekend.

De strook van dertig meter breed langs de kademuren in het noordelijk deel valt niet onder de erfdienstbaarheid en is industriehaven. Daarmee is het niet in elk opzicht openbaar vaarwater, en Kerkewaard BV staat niet toe dat schepen in dit gedeelte overnachten. Ze mogen er wel manoeuvreren.

Beheer en eigendom miniatuur|Een steiger in de haven. miniatuur|De Niedersachsen 12, een Dortmunder van 82 meter. Op de achtergrond de Kerkewaard. De rivieroevers en de havenmond zijn in bezit van Rijkswaterstaat, maar de haven zelf, inclusief de aansluitingen op het wegennet, is in particulier bezit. Reductie sedimentatie in havens : Verdiepingsslag: Ontwerp van maatregelen (april 2008), p16 Geraadpleegd 9 februari 2014 De directie Oost-Nederland van Rijkswaterstaat regelt beheer en onderhoud, ook van het particuliere deel, maar moet voor aanpassingen in onderhandeling treden met de eigenaars.

Achtergrond en geschiedenis Gat van Haaften In 1966 kreeg De Waard BV een ontgrondingsvergunning waarmee een zandgat kon worden uitgebaggerd, waarvan een deel gebruikt zou worden om de Kerkewaard op te spuiten en deze uiterwaard geschikt te maken als industriegebied. De uitgraving zou ingericht worden als industriehaven. Het bedrijf heeft de Kerkewaard en de haven geëxploiteerd tot het opging in Kerkewaard BV, dat sindsdien eigenaar is.Blijkens het arrest is ietwat onduidelijk wie de eigenaar is en hoe wanneer het eigendom overgegaan zou zijn op Kerkewaard BV. Het arrest volgend, wordt aangenomen dat Kerkewaard BV de eigenaar is.

Het baggerwerk voor dit gat van Haaften vond plaats van 1968 tot 1970. Het gebied lokte echter nauwelijks bedrijvigheid, zodat de geplande industriehaven er niet kwam. Meer dan een decennium was er geen noemenswaardige activiteit. De haveningang lag toen vlak bij de dorpskom van Haaften en was nauw en kronkelig. Het is niet duidelijk wanneer die verplaatst is. Een foto uit 1985 toont al de latere oostelijk gelegen ingang, maar de plaats van de oude ingang is nog herkenbaar.

Aanzet In 1979 toonde Rijkswaterstaat zich bezorgd over de verkeersveiligheid op de Waal en de Boven-Rijn, die toen al de drukste vaarweg van Europa vormden. Overnachtende schepen langs de rivier werden vrij vaak aangevaren en waren dus ongewenst. In voorbereiding op een proef met zesbaksduwvaart ging Rijkswaterstaat tot actie over: de snelheid en de golfslag van de duwboten maakten overnachten langs de rivier te gevaarlijk. Een voorstel om op proef één overnachtingshaven aan te leggen, werd in juni 1982 uitgewerkt in een inrichtingsplan voor een Overnachtingshaven Haaften. Kerkewaard BV verleende de Staat met ingang van 1983 een erfdienstbaarheid om het zuidelijk deel van de haven te gebruiken als overnachtingshaven. Geredeneerd werd dat grote schepen veelal in continubedrijf varen, zodat de haven slechts geschikt hoefde te zijn voor schepen tot 1350 ton, zoals een Rijn-Hernekanaalschip.

Evaluatie was voorzien voor twee à drie jaar na de ingebruikname in 1985.

Inrichtingsplan De uitgangspunten in het inrichtingsplan waren:

Geschikt voor schepen tot 1350 ton Ruimte voor ongeveer 18 schepen Bijkomend: aanlegplaatsen voor doorgaande recreatievaart Bruikbaar bij hoge en lage waterstanden Ander gebruik dan als overnachtingshaven moet zo mogelijk voorkomen worden Schepen met gevaarlijke stoffen (kegelschepen) gebruiken de haven alleen op aanwijzing van de havenbeheerder Brandweer en ambulance moeten in de buurt van de schepen kunnen komen Schippers moeten hun auto's bij voorkeur van en aan boord kunnen brengen.

Ingebruikname In 1984 werd de haven genoemd als overnachtingshaven, maar mogelijk was dit informeel gebruik zonder veel voorzieningen. In juni 1985 was de definitieve vorm zichtbaar, maar er werd nog gebaggerd en er waren geen aanlegsteigers. Openstelling werd aangekondigd voor oktober. De haven kostte zeven miljoen gulden. Druten en Nijmegen werden destijds ook genoemd als mogelijke havenlocaties.

In 1986 waren er praatpalen voor contact met de verkeerspost van Rijkswaterstaat in Tiel, omdat sommige marifoons niet voldoende bereik hadden. De haven mocht toen nog door de recreanten gebruikt worden, maar ook de pleziervaart was verplicht zich aan en af te melden bij de verkeersleiders.

NedCargo In 1999-2000 heeft Uden Logistics, het latere NedCargo, een groot deel van het industrieterrein op de Kerkewaard in eigendom gekregen, inclusief kade en een dertig meter brede strook water daarlangs.

Renovatie In de periode 2016-2018 heeft Rijkswaterstaat verschillende scheepvaartvoorzieningen in de sector Oost-Nederland laten renoveren, waaronder de overnachtingshavens Lobith en Haaften. In Haaften werden de vier steigers geschikt gemaakt voor schepen tot 135 meter, CEMT-klasse Va. In de praktijk gebruikten dergelijke schepen de haven al sinds 1998 zonder bezwaar. In 2017 en 2018 is de haveningang, die zich bij invaart trechtervormig vernauwde, vervangen door een iets tegenstrooms gerichte toegang met parallelle oevers, die minder problemen bij de invaart moet geven. Daarbij is de breedte van 110 naar 150 meter gegaan. Ook werd het water beter bereikbaar per auto.

Conflict over het gebruik Tussen Kerkewaard BV en Rijkswaterstaat zijn minstens sinds 1993 conflicten over het gebruik van de haven en de reikwijdte van de erfdienstbaarheid. In 2020 oordeelde het Gerechtshof Den Haag dat Kerkewaard BV in redelijkheid kon eisen dat de overnachtingshaven buiten het weekend alleen voor overnachtingen gebruikt zou worden. Een ander punt was de verlenging van de steigers in 2018, die een verzwaring van de erfdienstbaarheid met zich meebracht doordat manoeuvrerende schepen vaker en verder in het noordelijk deel zouden komen. Dit zou Kerkewaard BV schaden in de exploitatiemogelijkheden en de Staat moest de verlenging ongedaan maken. In cassatie bleek eind 2021 dat de Hoge Raad het begrip openbaar vaarwater, dat niet in de wet vastgelegd is, ruimer uitlegde dan het Gerechtshof en dat Kerkewaard BV die verzwaring toch moest dulden. De zaak werd terugverwezen naar Gerechtshof Amsterdam.

Vanaf 4 februari 2022 mochten er van maandag tot vrijdag tussen 8 en 18 uur geen schepen aangemeerd liggen. In november werd dat verbod ongedaan gemaakt na een klacht van Koninklijke Binnenvaart Nederland. De oude situatie met maximaal 3×24 uur ligtijd werd hersteld.

Capaciteit en uitvoering Haven en ligplaatsen De capaciteit is na de aanleg vrijwel onveranderd; ogenschijnlijke verschillen in vermeldingen zijn terug te voeren op de verschillende accenten die in bronnen gelegd worden. In 2009 was er sprake van zo'n dertig schepen, in 2014 van 25 tot 30 schepen. Plannen van Rijkswaterstaat repten van uitbreiding naar 70, maar deze zijn niet gerealiseerd.

De haven is ontworpen voor CEMT-klasse IV, dus voor schepen met een lengte tot 85 meter bij een breedte van 9,50 meter en een diepgang tot 2,50 meter. Anno 2019 was hij geschikt voor vaartuigen van klasse Va: lengte 110 meter, breedte 11,45 meter en diepgang 4,5 meter. Schepen, duwstellen en gekoppelde samenstellen tot 135 meter, die in de Rijnvaart de facto een standaard zijn, mogen de haven gebruiken, maar moeten praktische hindernissen voor lief nemen.Overheid.nl: Rijnvaartpolitiereglement 1995: Artikel 14.11. Overnachtingshavens Boven-Rijn en Waal Geraadpleegd 10 februari 2014

Er zijn vier drijvende steigers aan de zuidwestzijde en een dienstensteiger aan de westoever. In het korte deel ten oosten van de havenmond is een faciliteitensteiger. Alle steigers hebben een loopverbinding met de wal. Bij de drijvende steigers mogen schepen gemeerd liggen met een gezamenlijke breedte van 35 meter aan elke zijde, wat neerkomt op drie schepen aan elke zijde van een steiger. Vanaf deze steigers en de dienstensteiger loopt een verharde weg die met het oog op hoogwater iets verhoogd aangelegd is en aansluit op de N830 bij Haaften, die ter plaatse op het dijklichaam van de Waalbandijk ligt. De dienstensteiger kan worden gebruikt voor het afzetten van personen en materiaal, zoals auto’s; deze steiger is als enige bij hoogwater toegankelijk zonder te waden, maar is voor grote schepen lastig bereikbaar. Bovendien is het afmeren van schepen langer dan 110 meter niet optimaal.

De faciliteitensteiger bood minstens tot 2004 ligplaats aan één schip met gevaarlijke stoffen, een zogenaamd kegelschip. Anno 2008 was er echter geen ligplaats voor kegelschepen, maar de verkeerspost Tiel kan een schip met één kegel (brandbare stoffen) wel toestemming geven tot aanmeren aan de faciliteitensteiger.Het verschil tussen de toestand vóór 2004 en die sinds 2008: de voor kegelschepen gereserveerde plaats mocht niet door andere vaartuigen gebruikt worden, ook niet als er geen kegelschip aanwezig was. Minstens sinds 2008 geldt een soepeler regiem en regelt de verkeerspost het plaatsnemen in overleg met de schippers. Deze steiger mag, onder voorwaarden van Rijkswaterstaat, ook door de recreatievaart en kleine schepen (minder dan twintig meter lengte) gebruikt worden. De faciliteitensteiger kan tevens dienen als calamiteitensteiger; bij hoogwater is hij echter onbruikbaar.