thumb|right|300px|Swanildas vriendinnen (Nationaal Ballet Canada, 1952) thumb|right|300px|Swanilda doet alsof ze Coppélia is (Bolsjojballet, 1957)
Coppélia, of het meisje met de ogen van glazuur (Frans: Coppélia, ou la fille aux yeux d'émail), vaak ingekort tot Coppélia, is een komisch romantisch ballet in twee bedrijven. Het ballet vertelt het verhaal van een pop die op mysterieuze wijze tot leven komt. Het Ballet du Théatre bracht het stuk in première op 25 mei 1870 in de Salle Le Peletier te Parijs. Het libretto werd geschreven door Charles Nuitter naar het verhaal Der Sandmann van de Duitse schrijver Ernst Hoffmann. De oorspronkelijke choreografie is van Arthur Saint-Léon op muziek die Léo Delibes voor het ballet componeerde.
Coppélia betekende een opmerkelijke maar kortstondige heropleving van ballet als een kunstvorm in Frankrijk. Onder meer Lev Ivanov, George Balanchine en Roland Petit voorzagen latere producties van het ballet van een nieuwe choreografie.
Verhaal 1e bedrijf Het plein van een Silezisch stadje, bestaande uit zonderlinge huisjes met een puntdak. Eén huis heeft tralies voor de ramen en een massieve deur. Dit is de speelgoedwinkel van dr. Coppélius, een maker van levensgrote poppen met klokwerk. De dorpelingen geloven dat Coppélius over magische krachten beschikt.
Swanilda, een jonge vrouw, is de eerste die op scène komt. Zij probeert de aandacht te trekken van een lezend meisje bij het raam van dr. Coppélius' huis. Het meisje negeert Swanilda. Dan verschijnt Franz, de verloofde van Swanilda. Swanilda verstopt zich speels wanneer ze Franz ziet aankomen. Ook Franz groet het meisje in het huis van Coppélius. Hem begroet ze met een stijve buiging. Hoewel 'Coppélia' de hele tijd roerloos zit te lezen, is Franz gebiologeerd door haar schoonheid. Swanilda komt nu uit haar schuilplaats tevoorschijn. Met schijnbare vreugde jaagt ze een vlinder na die Franz uiteindelijk vangt. In een mime-scène die volgt, confronteert Swanilda Franz met zijn ontrouw.
De burgemeester komt op. Hij is opgetogen. Een grote persoonlijkheid deed de stad een klok cadeau. Morgen is er een groot feest. De burgemeester adviseert jonge koppels om van de gelegenheid gebruik te maken om te trouwen. Hij vraagt ook Swanilda en Franz of ze van plan zijn om te trouwen. Swanilda antwoord met argeloos dat Franz niet meer van haar houdt. Om dit kracht bij te zetten plukt ze een maïskolf en houdt die bij haar oor. Ze doet alsof de maïskolf haar stelling bevestigt. Franz neemt de maïskolf en luistert ook. Hij ontkent de beschuldiging, maar zijn vrienden steunen Swanilda voor de grap. Een volksmassa vormt zich en er wordt een csárdás gedanst.
Later die dag verlaat Coppélius zijn speelgoedwinkel. Een bende onstuitbare jongeren drommen rond Coppélius en plagen hem. De oude man laat zonder het te beseffen zijn sleutel vallen. Wanneer Swanilda met enkele vriendinnen naar huis terugkeert, vindt ze de sleutel. Met enige schroom opent ze de winkeldeur. De meisjes gaan naar binnen.
2e bedrijf Eerste scène. De speelgoedwinkel van dr. Coppélius. Klokwerken speelgoed ligt verspreid op de vloer, roerloos en ietwat angstaanjagend voor de bedeesde meisjes. Om welk speelgoed het gaat varieert per productie. Origineel ging het om een Perzisch filosoof die de pagina's in zijn boek omslaat, een zwarte met een kromsabel, een Moor met cymbalen die op een kussen hurkt, en een Chinees met een hakkebord. Het Sadler's Wells Ballet opteerde voor een kruisvaarder, een pierrot, een gezeten Chinees en een meisje met een telescoop. Het International Ballet ging voor een Chinees, een jongleur, een astroloog, een Moor, een harlekijn en twee ridders.
De meisjes schuiven hun schroom aan de kant en zetten het speelgoed in werking. De poppen maken hun mechanische bewegingen en de meisjes zijn gefascineerd. Aan het raam vindt Swanilda het lezende meisje. Al vlug ontdekt ze dat ze haar jaloezie verspilde aan een pop – Coppélia. Coppélius keert terug en jaagt de meisjes weg. Alleen Swanilda, die zich bij Coppélia verbergt., blijft achter. Dan klimt Franz door het raam naar binnen. Hij is ook naar Coppélia op zoek gegaan. Coppélius nodigt hem uit en bewerkt hem met wijn tot hij stomdronken is. De oude speelgoedmaker wil zich aan een experiment wagen. In een oud boek vond hij een magisch proces om een levende geest over te brengen naar zijn favoriete pop, Coppélia.
Coppélius' vreugde kent geen grenzen wanneer het experiment geslaagd lijkt. Wat hij niet weet is dat Swanilda zichzelf in de outfit van de pop kleedde. Zij gedraagt zich nu alsof ze een machine is. Na enige tijd kan Swanilda echter haar eigen vrolijke en onberekenbare gedrag niet langer inhouden. Ze rent door de winkel, zet de andere poppen in gang en duwt ze omver. Ze plaagt Coppélius zonder genade. In een poging om Coppélia tevreden te houden, geeft de oude man haar een waaier en een sjaal. Coppélia/Swanilda brengt daarop een Spaanse dans. Nadien geeft Coppélius haar een tartan. Zij danst dan een highland fling.
Swanilda raakt het spelen moe. Ze scheurt enkele pagina's uit het spreukenboek, bedreigt Coppélius met een zwaard en richt verdere verwoesting aan. Dan schudt Franz wakker en de twee omhelzen elkaar. Zelfs de oude Coppélius begrijpt nu dat hij is beetgenomen. Hij vindt zijn pop terug bij het raam, ontdaan van haar kleed en pruik. Overweldigd zakt hij naast de pop neer terwijl Swanilda en Franz hun liefde herontdekken.
Tweede scène (soms het derde bedrijf). Op een statig landhuis staan verschillende koppels op het punt om te trouwen. Onder hen ook Swanilda en Franz. Coppélius verschijnt en eist compensaties van Swanilda voor de schade die ze aanrichtte. Zij biedt hem haar bruidsschat aan. De grote persoonlijkheid die de klok cadeau deed komt echter tussen. Hij stopt een zak geld in de handen van de speelgoedmaker en opent de feestelijkheden. De stadsomroeper laat tal van figuren aantreden: de Vroege Uren, Dageraad, Gebed, Huwelijk (voorgesteld door Hymen en Cupido), en de Werkuren (voorgesteld door spinners en oogsters). Allemaal brengen ze passende dansen. Daarna brengen Franz en Swanilda ieder een variatie. In de finale levert de hele compagnie een vrolijk en levendig ensemble.
Muzikale opbouw Ouverture - Prélude et Mazurka Acte 1 - Valse Lente - Scène - Mazurka - Scène - Ballade des épis de maïs - Thème slave varié - Csárdás, sortie - Finale. Entr’acte Entracte et valse.
Acte 2 - Scène - Scène - Musique des automates - Scène - Chanson à boire - Valse de la poupée - Scène - Boléro - Gigue - Finale.
Acte 3 - Marche de la cloche - Introduction (de la fête de cloche) - Valse des heures - L'Aurore - La Prière - Le Travail - Noces villageoises - La Discorde et la guerre - La Paix - Danse de fête - Galop Final.
Personages thumb|right|300px|Swanildas vreugdesprong (Abu Dhabi Festival, 2014) De volgende personages zijn van belang in Coppélia: Swanilda - Een jonge vrouw en de verloofde van Franz. Zij wordt jaloers op Coppélia en zoekt haar op. Wanneer ze de waarheid leert, plaagt ze Coppélius door te doen alsof zij Coppélia is. Swanilda is een soubrette, een vrolijk en soms ondeugend (dienst)meisje. Ze is humoristisch, levendig en coquette. Het karakter werd in de commedia dell'arte en het 18e-eeuws vaudevilletheater ontwikkeld. Mime: The Theory and Practice of Expressive Gesture with a Description of its Historical Development (1957), J. Lawson Opmerkelijk is dat de soubrette in Coppélia de hoofdrol krijgt. Swanilda is dus een démi-caractère tussen een klassieke en een karakterrol in. Ze staat symbool voor jeugdigheid en realisme. Franz - Een jonge man en de verloofde van Swanilda. Hij raakt geïntrigeerd door de mysterieuze Coppélia. De rol van Franz is technisch beperkt, met vooral enkele pirouettes en jetés in de variatie op het einde als hoogtepunt van zijn choreografie. Franz werd aanvankelijk vertolkt door een vrouw in mannenkleren. In de oorspronkelijke productie nam danseuse Eugénie Fiocre de rol op zich. Dit was een gevolg van de teloorgang van mannelijke dans in ballet sinds de romantiek. Ballet Panorama: An Illustrated Chronicle of Three Centuries (1938), A.L. Haskell Zulke travestie maakte tot na de Tweede Wereldoorlog deel uit van de Parijse balletscene. The Travesty Dancer in Nineteenth-Century Ballet (1985), L. Garafola Ook later werd de rol nog aan vrouwen gegeven. In 1967 danste Yvonne Cartier als Franz in het ballettoneel Two Coppélias. Haar performance werd omschreven als "mannelijk op een gestileerde en charmant androgyne manier". The Beauty of Ballet (1989), F. Hall Coppélia - Mysterieuze vrouw die de aandacht van Franz en Swanilda trekt. Zij blijkt een pop te zijn die dr. Coppélius maakte. Coppélia is de afspiegeling van de onbereikbare of ideale vrouw. Ze is een droombeeld en belichaamt een ideaal dat niet bestaat. Volgens choreografe Maguy Marin veroorzaakt die idealisering de vernietiging van de echte liefde tussen Franz en Swanilda. Zij ziet in het verhaal een feministische metafoor voor de conformiteit van vrouwen aan een fantasie. Dr. Coppélius - Getalenteerd poppenmaker die zijn favoriete creatie Coppélia tot leven wil brengen. Hij wordt vandaag vooral opgevoerd als onbetekenend klein figuur, een beetje pathetisch en ridicuul. In het verleden was hij ook een afwezige, goedaardige geleerde. Balletcriticus C.W. Beaumont contrasteert die portretteringen met de figuur uit Ernst Hoffmanns basismateriaal. Daar is hij een sinister en briljant mechanicus. Volgens Beaumont moet Coppélius een dramatisch element aan het ballet toevoegen, zeker geen comic relief. Complete Book of Ballets: A Guide to the Principal Ballets of the Nineteenth and Twentieth Centuries (1941), C.W. Beaumont Het verhaal van Hoffmann stamt uit de periode dat geleerden met automatons experimenteerden. Net als bij heer Drosselmeyer in De notenkraker, een speelgoedmaker uit een ander verhaal van Hoffmann, werd de volkse connotatie met zwarte magie echter bewust afgezwakt voor het ballet. Coppélius brengt nog steeds serieuze thema's en een trieste ondertoon in de komedie Coppélia binnen. Toch staat hij vooral symbool voor de excentriekeling die in een fantasiewereld leeft.
Swanilda en Franz steunen op het typetje van de komische minnaars uit de commedia dell'arte. Hun romance zit vol trucjes en grappen. De liefde tussen Lisa en Colin uit het ballet La fille mal gardée (1786) leverde een basis voor dit patroon. Eenzelfde komische verhouding van geliefden is zichtbaar tussen Harlequin en Columbine uit het balletstuk Carnaval (1910). Ook de beweging in Coppélia gaat ook terug op de commedia dell'arte. Het vangen van de vlinder door Franz en de routine van de klokwerkspeeltjes werden uit het repertoire van de harlekijnsfiguur gelicht.
Choreografie thumb|right|250px|Alexandra Valavanis (Lausanne, 2010)
De oorspronkelijke choreografie bij Coppélia werd in 1870 ontworpen door Arthur Saint-Léon. Zijn grootste innovatie in dit ballet was de inclusie van de csárdás, een Oostenrijks-Hongaarse volksdans. De choreograaf suggereerde de opname van de dans aan Charles Nuitter toen die het libretto voor Coppélia schreef. Dit was de eerste maal dat een duidelijk type nationale dans in een academisch ballet werd opgenomen. De suggestie van Saint-Léon had een invloed op latere balletten. De opname van nationale dansen werd populair bij zowel de choreografen als het publiek. Ook op het hoogtepunt van het klassiek ballet houdt deze trend stand, zoals zichtbaar is in de Petipa-Ivanov-Tsjaikovski producties van Doornroosje, De notenkraker, en Het zwanenmeer voor het Mariinskiballet.