thumb|Graftombe van Cyrus II de Grote (600-530 v.Chr.), de stichter van het Perzische Rijk De moderne staat Iran bestaat sinds 1935, maar het is een voortzetting van een opeenvolging van landen en rijken in de regio die zich uitstrekt van Anatolië, de Bosporus en Egypte in het westen tot de grenzen van het oude India en Syr Darja in het oosten. Stedelijke beschaving gaat hier ten minste 9000 jaar terug.
Iran was vroeger in het westen bekend als Perzië, totdat Sjah Reza Pahlavi op 21 maart 1935 officieel aan de internationale gemeenschap vroeg om het land bij de naam Iran te noemen. De naam Perzië komt van de Oud-Griekse naam Persis, wat een Griekse naam is voor wat de Perzen over de hele wereld Pars noemden, een streek in het zuiden van Iran. Latere Europese beschavingen namen de naam Perzië over. Iran betekent "Land van de Ariërs".
Prehistorie
De prehistorie van Iran omvat de voorgeschiedenis van het huidige Iran vanaf de eerste vestiging door Homo erectus ongeveer een miljoen jaar geleden tot de eerste historische bronnen tijdens het Nieuw-Assyrische Rijk in de 8e eeuw v.Chr.
Oudheid Elam
In 647 v. Chr. maakte de Assyrische koning Assurbanipal, de hoofdstad Susa met de grond gelijk.
Meden
Cyaxares en Nabopolassar van Babylon verdreven de Assyriërs. Hun hoofdstad Ninive werd in 612 v. Chr. met de grond gelijk gemaakt.
Achaemeniden thumb|Kaartje van Perzië in de tijd van het Achaemenidenrijk in 540 v.Chr.
In 550 v.Chr. versloeg Cyrus I de Meden en stichtte het rijk van de Achaemeniden. In 539 v.Chr. veroverde Cyrus II de Grote, na eerder de overheersing door de Mediërs afgeschud te hebben, Babylon. Dit betekent dat de Perzen de dominerende macht in West-Azië werden. Zij bouwden deze positie geleidelijk uit totdat zij een rijk van ongekende omvang regeerden. De hoofdstad van dit eerste Perzische keizerrijk was Persepolis. Het omvatte niet alleen het huidige Iran maar ook Irak, Israël, Turkije, Syrië, Palestina, Egypte, Afghanistan en delen van Pakistan. Pogingen om ook de Griekse stadstaten te onderwerpen slaagden echter niet geheel. Het huidige Griekenland bleef onafhankelijk.
De voornaamste godsdienst van het Perzische rijk was het zoroastrisme, een vroege vorm van monotheïsme. Kunst, cultuur en wetenschap kwamen tot grote bloei in het uitgestrekte rijk.
Seleuciden thumb|Ruïnes van Persepolis, ceremoniële hoofdstad van Perzië in 518 v.Chr.
In 330 v.Chr. maakte de koning van Macedonië Alexander de Grote van de interne zwakte van het Perzische rijk gebruik en veroverde in korte tijd het hele rijk. Deze tijd wordt ook wel het hellenisme genoemd, omdat de Grieken de heersende klasse vormen en zo een groot stempel op de cultuur van het hele Midden-Oosten drukken.
Na Alexanders dood op 10 juni 323 v.Chr. trachtte zijn moeder Olympias het rijk bij elkaar te houden voor haar kleinzoon. Deze was echter nog erg jong en tijdelijk nam Alexanders broer Philippus Aridaeus daarom het koningschap waar. Maar de generaals van Alexander trokken steeds meer de werkelijke macht naar zich toe en uiteindelijk verdeelden de sterkste overgebleven generaals het rijk. In de onderlinge machtsstrijd stierven, naast sommige zwakkere generaals, ook de overgebleven familieleden van Alexander waaronder zijn moeder, broer en zoontje. De overwinnaars werden de Diadochen (grieks voor opvolgers) genoemd. Antigonus nam bezit van Griekenland en Macedonië. Ptolemeüs nam Egypte met Palestina, Cyprus en stukken van Klein-Azië. De rest, het gigantische Perzische Rijk ging naar Seleucus. Zo werden drie vorstenhuizen gesticht, de Antigoniden, de Ptolemaeën en de Seleuciden.
Parthen thumb|250px|Kaartje van Perzië, rijk van de Parthen in 60 v.Chr.
In 250 v.Chr. nam Arsaces I, de leider van een volksstam die bekendstaat als de Parthen, de macht over in de oostelijke Perzische provincies en verdreef de Seleucidische gouverneur. De Parthen woonden oorspronkelijk in de steppe ten oosten van de Kaspische Zee. Onder Mithridates (171-138 v.Chr.) gingen de Parthen door met hun veroveringen en werden de Seleuciden naar Syrië verdreven. De Parthen annexeerden Medië, Pars, Babylonië en Assyrië. Ze veroverden een rijk dat zich uitstrekte van de Eufraat tot Herat in Afghanistan en herstelden zo het oude Achaemenidische Rijk van Cyrus de Grote.
Naast de nomaden die een voortdurende bedreiging vormden in het oosten en het rijk van Kushan, een boeddhistisch koninkrijk in India, kende Parthia nog een machtig tegenstrever in het Romeinse Rijk, dat in 64 v. Chr. Syrië definitief geannexeerd had. De Parthen hadden in de vier eeuwen van hun heerschappij innig contact met het belendende Romeinse Rijk. Vaak was dat in de vorm van oorlog, vooral Armenië en aangrenzende gebieden waren daarbij een twistappel, maar vaak -vooral later- ook in de vorm van handel en goede betrekkingen. Bijna drie eeuwen lang vochten Rome en Parthia over Syrië, Mesopotamië en Armenië, zonder ooit tot een duurzame oplossing te komen. In 53 v.Chr., tijdens het bewind van Orodes II (56-37 v.Chr.) op het hoogtepunt van de macht van Parthia, werden de Romeinen bij Carrhae vernietigend verslagen. Ondanks deze overwinning en het ondertekenen van diverse verdragen bleven de twee machten oorlog voeren tot in de 2e eeuw van onze jaartelling, waarbij de Parthen steeds verder in het nauw gedreven werden.
De val van Parthia kwam echter niet door een buitenlandse vijand, maar door binnenlandse opstand. Het Parthische rijk was nooit een hechte eenheidsstaat geweest en werd eerder losjes geregeerd door de Parthische elite die de regionale gouverneurs en vazallen veel vrijheid lieten zolang ze maar voldoende belasting hieven ten bate van hun Parthische heren. In 226 n. Chr. slaagde Ardashir I, de vazalkoning van Pars, er eindelijk in het Parthische juk af te werpen en stichtte het Sassanidenrijk.
Sassaniden thumb|Het rijk van de Sassaniden in 610
Van 220 tot 226 leidde Ardashir I een revolutie en creëerde zo, ten koste van de Parthen, het Nieuw-Perzische Rijk van de Sassaniden. Drijfveer van de Perzen was het herstellen van het Oud-Perzische rijk en de oude 'satrapen' (provincies) weer onder Perzisch gezag te brengen. Het Nieuw-Perzische rijk was intern veel beter georganiseerd dan zijn Parthische voorganger. Het voerde ook een veel agressievere politiek jegens zijn grote buur in het westen, het Romeinse Rijk. Dit werd inmiddels door talrijke interne problemen geplaagd zoals tijdens de Romeinse crisis van de derde eeuw en slaagde slechts met grote moeite erin de Perzen van zich af te slaan. Na de komst van het christendom kreeg deze confrontatie ook een religieuze kant, omdat Perzië vasthield aan het zoroastrisme en christenen er bij tijd en wijle vervolgd werden. De Sassaniden zagen de christenen als een interne vijand vooral omdat het vijandige Romeinse Rijk het christendom steunde en zelfs, sinds 390 v.Chr., als staatsreligie had ingesteld.
In het begin van de 7e eeuw, slaagden de Sassaniden erin een groot deel van de Romeinse provincies in het Midden-Oosten (onder meer Egypte, Palestina, Syrië en Anatolië) te veroveren. De nieuwe Romeins-Byzantijnse keizer Heraclius echter ging in de tegenaanval en wist, met grote moeite, de heiligdommen van Jeruzalem, Antiochië en Alexandrië te heroveren en bracht de Sassanidische Perzen een grote slag toe toen hij hun hoofdstad Ctesiphon bezette. Het gevolg van de jarenlange strijd was dat beide rijken elkaar aan de rand van de uitputting brachten. Het is op dat moment dat van volkomen onverwachte kant een nieuwe veroveraar zich aanmeldde: de islam. In 651 stierf de laatste erkende Sjahhansjah Yazdagird III van het Nieuw-Perzische Rijk in het oostelijke Merv op de vlucht voor de zegevierende moslimlegers.
Arabische verovering
thumb|Yazdagird III, de laatste koning van Perzië voor de Arabische veroveringen in de 7de eeuw Het uitgeputte en onderling verdeelde Sassanidenrijk bood weinig weerstand tegen de Arabieren in de 7e eeuw. De Arabieren dwongen de Perzen zich aan de islam aan te passen. Ook moesten de Perzen extra veel belasting betalen omdat de Arabieren hen zagen als kafirs en duivelaanbidders. Uiteindelijk vertrokken de weinige overgebleven Parsi's (de aanhangers van het zoroastrisme) naar het oosten.
De in 637 ingezette Arabische verovering werd tussen 663 en 676 voltooid met de inlijving van Sistan, het huidige Afghanistan, en de Sogdische steden Samarkand en Buchara. De Kaspische provincies Tabaristan (thans Mazandaran) Amol en Gilan (samen ook bekend onder de naam Hyrcanië) behielden nog lange tijd hun zelfstandigheid. Als deel van het Arabische Rijk werd Perzië bestuurd door de gouverneurs van Irak.
Abbasiden In 750 werd de dynastie van de Omajjaden verslagen door de dynastie van de Abbasiden. In de noordoostelijke provincie Khorasan werd de overgang naar de islam niet bijzonder gestimuleerd. De Iraanse moslims kregen vrijdom van bepaalde belastingen, maar moesten als mawali (Arabisch: cliënten) van de Arabieren genoegen nemen met een ondergeschikte positie. De zoroastriërs handhaafden zich als religieuze minderheid vooral in het zuiden van het land.
Perzische Renaissance Het Iraanse Intermezzo, ook wel de Perzische Renaissance genoemd, was een periode tussen het verval van de Arabische macht onder het kalifaat van de Abbasiden en de opkomst van de Turkse macht onder het Seltsjoekse rijk, wat een soennitische heropleving teweegbracht. De periode kenmerkte zich door de machtsovername van de eerste Iraanse moslimdynastieën.
Het maakte een einde aan de Arabische hegemonie over Iraanse gebieden en deed de nationale geest van Iran herleven, zij het in overeenstemming met de islam, hoewel er enkele niet-islamitische bewegingen waren (bijvoorbeeld Mardavij) die de islamisering van Iran ronduit verwierpen. Hoewel het zoroastrisme verder in verval raakte, slaagde de beweging er wel in de Perzische taal nieuw leven in te blazen, waarbij de Shahnameh van Ferdowsi het belangrijkste Perzische literaire werk uit deze periode is. De Iraanse dynastieën die aan deze inspanning deelnamen waren de Tahiriden, de Saffariden, de Ilyasiden, de Ghaznaviden, de Sajiden, de Samaniden, de Ziyariden, de Buyiden, de Sallariden, de Rawadiden, de Marwaniden, de Shaddadiden, de Kakuyiden, de Annaziden en de Hasanwayhiden. Volgens Alison Vacca omvatte het Iraanse Intermezzo ook een aantal Iraanse, voornamelijk Koerdische, kleinere dynastieën in de voormalige kalifale provincies Armenië, Albanië en Azerbeidzjan.
In de tiende eeuw werden de Abbasidische kaliefen nog erkend in titel, maar in werkelijkheid werd het land in het westen geregeerd door de Boejiden en in het oosten door de Samaniden. De Boejiden beleden het sjiisme en de Samaniden het soennisme. In 945 veroverden de Boejiden de hoofdstad van het Abbasidenrijk, Bagdad. Rond 990 werden de Samaniden vervangen door de Ghaznaviden.
Tahiriden (821-873) De Tahiriden waren een Iraanse dynastie die heerste over het noordoostelijke deel van Groot-Iran, in de regio Khorasan (bestaande uit delen van Iran, het huidige Afghanistan, Tadzjikistan, Turkmenistan en Oezbekistan). De hoofdstad van de Tahiriden was Nishapur.
Saffariden (861-1003) De Saffariden was een Iraans rijk dat heerste in Sistan (861-1003), een historische regio in het zuidoosten van Iran en het zuidwesten van Afghanistan. Hun hoofdstad was Zaranj.
Sajiden (889-929) De Sajiden waren een islamitische dynastie die regeerde van 889-890 tot 929. De Sajiden regeerden eerst vanuit Maragha en Barda en vervolgens vanuit Ardebil over Iraans-Azerbeidzjan en delen van Armenië. De Sajiden waren afkomstig uit de Centraal-Aziatische provincie Ushrusana en hadden Sogdische voorouders.
Samaniden (819/875-999) miniatuur|Muurschildering van een valkenier te paard in een versierde kaftan uit de omgeving van Nishapur, Samaniden, 10e eeuw (Museum voor Islamitische Archeologie, Teheran)