Reinoud I van Brederode (Santpoort, 1336-1390) was de zesde heer van Brederode, raad en zegelbewaarder van de graaf van Holland (1377-88) en baljuw van Kennemerland (1357-59). Door zijn huwelijk met Johanna van Gennep werd hij ook heer van Gennep.
Levensloop Hij was een zoon van Dirk III van Brederode en Beatrix van Heinsberg van Valkenburg. Reinoud werd in 1358 benoemd tot baljuw van Kennemerland door Albrecht van Beieren. In datzelfde jaar wordt er een moordaanslag op hem gepleegd bij Castricum, die hij overleeft. Kort daarop begint hij het Beleg van Heemskerk, waar de vermoedelijke aanslagplegers zich schuilhouden.van Lenneo en Hofdijk, voormalige kasteelen in Nederland, blz 60 en 62 Om onduidelijke redenen wordt hij van de belegering afgehaald.
In 1364 ontvangt Reinoud zijn ridderslag. In 1368 wordt Reinoud heer van Gennep na het overlijden van zijn schoonvader Jan II van Gennep. In 1371 herbevestigen Reinoud en zijn vrouw Johanna de stadsrechten van Gennep.
Reinoud steunt Mechteld van Gelre in de Eerste Gelderse Successieoorlog tussen 1371-1379. Hij wordt in deze oorlog een van haar belangrijkste bondgenoten. In 1374 verovert hij Tiel in haar naam en in 1376 weet hij meerdere vijandelijke heren gevangen te nemen bij Oosterbeek. Van oktober tot november 1378 wordt Reinouds kasteel in Gennep, het Genneperhuys, succesvol belegerd door hertog Willem II van Gulik. miniatuur|Houtsnede (1551) door Cornelis Anthonisz. die de heren van Brederode uitbeeldt. Reinoud is uiterst rechts afgebeeld. Op 11 november 1377 volgt hij zijn vader op als heer van Brederode. In 1383 krijgt hij opdracht van de graaf van Holland om het waterschap in de Alblasserwaard te structureren. Tussen 1384 en 1385 belandt Reinoud in een tolconflict met hertog Willem I van Gelre, waarop het Genneperhuys opnieuw wordt belegerd.
Tijdens zijn leven krijgt hij bezittingen in Callantsoog, Voshol, Vogelenzang, Waalwijk en Eijsden. Rond 1390 overlijdt Reinoud, waarna hij wordt begraven in het karmelietenklooster te Haarlem.
Kinderen Reinoud huwde in 1367 met Johanna van Gennep van der Eem, een dochter van Jan II van Gennep. Ze kregen samen minstens vier zonen:
Dirk of Diederik (1370-1415), koos voor het broederschap in het klooster voor 1390, waardoor hij zijn titels liet vervallen aan zijn broers. Hij sleet zijn bestaan in het kartuizerklooster Monnikhuizen nabij Arnhem. Jan I van Brederode (1370/72-1415), zevende heer van Brederode, huwde met Johanna van Abcoude, beiden besloten hun verdere leven in het klooster te slijten vanaf 1402, waardoor hij Brederode vergaf aan zijn jongere broer. Walraven I van Brederode (1370/73-1417), werd de achtste heer van Brederode, als opvolger van zijn broer(s) die het kloosterleven verkozen. Willem van Brederode (1380-1451), was een admiraal die zijn diensten grotendeels aanbood aan de Hoekse beweging. Voorouders Voorouders van Reinoud I van Brederode (1336-1390)Overgrootouders Dirk II van Brederode (1256-1318) ∞ Maria van der Lecke (-1307) Diederik Luf II van Kleef (-)∞ Lisa van Kessel (- ) Willem van Bredero, huisbredero.nl, bezocht 28 februari 2020 Walram de Rosse(1254-1302) ∞ Phillipa van Gelre(–) Hendrik V van Boutershem(-) ∞ Maria de Hemricourt(–) Grootouders Willem van Brederode (1278-1316) ∞ Elisabeth van Kleef (1290-1361) Reinoud van Valkenburg (1280-1333)∞ Maria van Boutershem (ca. 1287 - na 1325) Ouders Dirk III van Brederode (1308-1377) ∞ Beatrix van Heinsberg en Valkenburg (1316-1353)
Referenties Genealogie der Heren van Brederode, Jaarboek CBG, deel XII 1959, blz. 105 Johannes a Leydis, Opusculum de gestis regalium abbatum monasterii sancti Athalberti ordinis sancti Benedicti in Egmonda (geschreven tussen 1477 en 1484). Willem Procurator, (vertaald door M. Gumbert-Hepp; J.P. Gumbert (ed.), Kroniek. Hilversum, Uitgeverij Verloren, 2001
Categorie:Heer van Brederode Categorie:Huis Brederode Brederode, R